Ademhaling
2/2 De werking van de longen.
Een van de tekeningen lijkt op een diepe inademing.
Welke tekening lijkt op een diepe inademing: tekening 1 of tekening 2? Leg uit waaraan je dat in de tekening kunt zien.
afbeelding
Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
20
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
HAVO 1, HAVO 2, VWO 1, VWO 2
NVON
cc-by-sa-40
2/2 De werking van de longen.
Een van de tekeningen lijkt op een diepe inademing.
Welke tekening lijkt op een diepe inademing: tekening 1 of tekening 2? Leg uit waaraan je dat in de tekening kunt zien.
afbeelding
1/2 Het middenrif.
Zie figuur A 802 van de bijlage.
Het middenrif speelt onder andere een rol bij de ademhaling. Eén van de organen die door het middenrif heen gaan, is de slokdarm.
In de afbeelding zijn enkele organen aangegeven met een letter.
Met welke letter wordt de slokdarm aangegeven?
afbeelding
2/2 Het middenrif.
Naast het middenrif spelen ook de ribben een rol bij de ademhaling.
In welke richting bewegen het middenrif en de ribben zich bij het inademen?
1/2 Slijmvlies en trilharen.
Als je inademt, krijg je bacteriën in je luchtwegen. De meeste van deze bacteriën blijven plakken aan het neusslijmvlies. Trilharen in het neusslijmvlies duwen het slijm naar de keelholte. Daar kun je het slijm inslikken.
Het neusslijmvlies zuivert ingeademde lucht.
Wat is een andere taak van het neusslijmvlies?
2/2 Slijmvlies en trilharen.
Het neusslijmvlies bevat trilharen.
Op welke andere plaats bevinden zich ook trilharen?
1/3 Het neusslijmvlies.
Met elke inademing komen talloze bacteriën de luchtwegen binnen. De meeste van deze bacteriën blijven plakken aan het neusslijmvlies. Trilharen in de neusholte duwen het slijm met een snelheid van een centimeter per minuut naar de keelholte. Dan wordt het slijm, ongeveer een kopje per dag, ingeslikt.
Het neusslijmvlies zuivert de ingeademde lucht.
Noem nog een andere functie van het neusslijmvlies.
2/3 Het neusslijmvlies.
Op welke van de volgende plaatsen bevinden zich ook trilharen?
3/3 Het neusslijmvlies.
Ingeademde bacteriën kunnen ontstekingen in de luchtwegen veroorzaken. Hierdoor kan zich extra veel slijm ophopen en dat kan weer hoesten veroorzaken.
Tijdens het hoesten trekken de buikspieren zich sterk samen.
Gaat het middenrif omhoog of omlaag als de buikspieren zich samentrekken?
Heeft dit inademing of uitademing tot gevolg?
afbeelding
1/2 Het schaatshoestje.
Een schaatser die een flinke inspanning levert, haalt adem door zijn mond.
Wat is de reden dat een sporter tijdens een flinke inspanning ademhaalt door de mond en niet door de neus?
2/2 Het schaatshoestje.
De lucht in een schaatshal is koud en droog. Bij inademing door de mond wordt de lucht niet goed verwarmd. Hierdoor worden de slijmvliezen geprikkeld en wordt er extra slijm gevormd. De schaatser gaat dan hoesten. Dit wordt het 'schaatshoestje' genoemd. Tijdens het hoesten trekken de buikspieren zich krachtig samen.
Gaat het middenrif dan omhoog of omlaag?
Of is dat niet te zeggen?
1/2 Een bloedneus.
Een bloedneus ontstaat soms vanzelf. Ook kun je een bloedneus krijgen door een klap tegen je neus.
Aan de binnenkant van de neus bevinden zich veel kleine bloedvaten. Die kunnen gemakkelijk stuk gaan.
Iemand met een bloedneus kan het best eerst de neus snuiten.
Door de neus daarna tien minuten dicht te knijpen, gaat het bloeden meestal over.
Welke taak hebben de bloedvaten aan de binnenkant van de neus vooral?
2/2 Een bloedneus.
Zie figuur B 3240 van de bijlage.
Bij een bloedneus komt soms een beetje bloed in de mondholte. Je proeft dan de smaak van bloed met je tong.
In de afbeelding is een deel van het hoofd weergegeven, met onder andere de mondholte en de tong.
Wat is de naam van deel P in de afbeelding?
de [invulveld]
afbeelding
1/3 Klaplong.
Zie figuur B 3320 van de bijlage.
Een klaplong is het plotseling 'lek' raken van één van beide longen. Er komt dan lucht tussen de long en de wand van de borstholte. Het longweefsel verschrompelt dan tot een dikke prop om de vertakkingen van de luchtpijp (zie de afbeelding).
Hoe heten de vertakkingen van de luchtpijp?
afbeelding
2/3 Klaplong.
Als iemand met een klaplong inademt, wordt de ingeklapte long niet meer uitgerekt.
Welke spieren trekken bij een normale inademing samen?
1/4 Luchtwegklachten.
Onderzoekers wilden weten of luchtverontreiniging invloed heeft op de luchtwegen van kinderen mèt en van kinderen zonder astma. In drie winters (1992-1995) deden ze een onderzoek onder 600 kinderen. De kinderen werden verdeeld in twee groepen.
Groep 1 bestond uit kinderen mét astma, groep 2 uit kinderen zonder astma. De kinderen moesten hun luchtwegklachten in een dagboekje noteren. Ook werd tijdens het onderzoek de mate van luchtverontreiniging gemeten. Op dagen met veel luchtverontreiniging kregen de kinderen in groep 1 duidelijk meer aanvallen van benauwdheid dan op dagen met weinig verontreiniging.
Bij de kinderen van groep 2 was dit niet het geval.
Schrijf een conclusie uit de resultaten van het onderzoek op.
2/4 Luchtwegklachten.
Tijdens een astmatische aanval speelt de dikte van de slijmlaag in de luchtwegen een rol, evenals de kringspieren in de wand van de luchtwegen.
Zijn de kringspieren in de wand van de luchtwegen tijdens zo'n aanval ontspannen of samengetrokken? Leg je antwoord uit.
3/4 Luchtwegklachten.
Iemand die een aanval van astma krijgt, heeft moeite met uitademen.
Hij gaat dan actief dieper uitademen.
Worden bij dit diepe uitademen de middenrifspieren samengetrokken?
En worden de buikspieren samengetrokken?
4/4 Luchtwegklachten.
Wat is een functie van de slijmlaag in de luchtwegen?
1/2 Neuspoliepen.
Neuspoliepen zijn plaatselijke zwellingen van het slijmvlies in de neus. Neuspoliepen kunnen hinderlijk zijn, vooral als ze wat groter worden of in een groepje bij elkaar liggen. Dan wordt de ademhaling door de neus belemmerd en moet men door de mond ademhalen.
Noem twee redenen waarom neusademhaling beter is dan mondademhaling.