Oefentoets Biologie: Voeding | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 21

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voeding

10/22 Bron van viezigheid.

Noem een moderne manier van voedselconservering.

Voeding

11/22 Bron van viezigheid.

Als je voedsel in een koelkast bewaart, bederft het vaak minder snel.

Geef daarvoor een verklaring.

Voeding

12/22 Bron van viezigheid.

Kan voedsel, als het weer uit de koelkast gehaald wordt, alsnog bederven?

Voeding

13/22 Bron van viezigheid.

Je kunt ook voedsel in de diepvries bewaren.

Is voedsel dat in de diepvries ligt, onbeperkt houdbaar? Licht je antwoord toe.

Voeding

14/22 Bron van viezigheid.

Waarom mag je voedsel uit de diepvries niet opnieuw invriezen, als het eenmaal ontdooid is?

Voeding

15/22 Bron van viezigheid.

De overheid is een campagne begonnen om de hygiëne in huishoudens te verbeteren.

Welke drie oorzaken van minder hygiëne worden in het artikel genoemd?

Voeding

16/22 Bron van viezigheid.

Volgens Shirley Ferneij verschilt de kennis over hygiëne per cultuur.

Geef daarvoor een verklaring.

Voeding

17/22 Bron van viezigheid.

Een betere isolatie van huizen heeft tot gevolg dat meer kinderen last krijgen van astma.

Beschrijf wat er aan de hand is bij een astma-aanval.

Voeding

18/22 Bron van viezigheid.

Leg uit hoe het komt dat er bij een betere isolatie meer kans op astma bestaat.

Voeding

19/22 Bron van viezigheid.

Bedenk twee maatregelen die in dat geval de kans op astma kunnen verkleinen.

Voeding

20/22 Bron van viezigheid.

Als een van de mogelijke veroorzakers van astma wordt de huismijt genoemd.

In welk rijk wordt de huismijt ingedeeld? In welke afdeling hoort hij thuis en in welke groep?

Voeding

21/22 Bron van viezigheid.

Volgens sommigen leidt een beetje viezigheid tot meer weerstand.

Leg uit hoe dat dan in zijn werk gaat.

Voeding

22/22 Bron van viezigheid.

Waarom is dat volgens mijnheer Jansen van de Inspectie Waren en Veterinaire Zaken (Inspectie W&V) onzin?

Voeding

1/5 Nieuwe voedingsmiddelen.

PLANTEN: HET VLEES VAN DE TOEKOMST.
Volgens onderzoekers eiwitrijk, mager en nog lekker ook.


Nieuwe eiwithoudende voedingsmiddelen op je bord, in plaats van een mals biefstukje. De meeste Nederlanders willen daar vooralsnog niet aan denken. De voedingsmiddelen genaamd Novel Protein Foods (NPF) vormen echter een aantrekkelijk alternatief voor vlees.

Novel Protein Foods worden gemaakt van planten en micro-organismen. Ze zijn eiwitrijk en mager en zullen veel beter smaken dan bestaand vlees. Dit blijkt uit het rapport 'Novel Protein Foods 2035: anders eten in een duurzame toekomst'. NPF is een onderdeel van het onderzoeksprogramma Duurzame Technologische Ontwikkeling (DTO).

De consumenten gaan volgens het rapport in de 21ste eeuw steeds meer 'grazen', een uit de VS overgewaaide term. In plaats van de bekende drie maaltijden per dag zullen meer keren per dag kleinere hoeveelheden en tussendoortjes worden genuttigd. Daarnaast worden bij toenemende welvaart variatie- en gemaksproducten belangrijker. Deze trends die uit een consumentenonderzoek naar voren kwamen, zijn belangrijk voor de ontwikkeling van Novel Protein Foods (NPF).

De nieuwe eiwithoudende voedingsmiddelen zijn vooral kansrijk als vleesverdringers in kant-en-klaar producten en in vleeswaren, worst en gehakt. Het lapje vlees laat zich minder snel vervangen volgens het consumentenonderzoek. Van NPF's wordt verwacht dat ze in 2035 veertig procent van de totale vleesconsumptie vervangen.
Geschikte bronnen voor de toekomstige eiwithoudende voedingsmiddelen zijn proteïnerijke planten (luzerne, erwten, lupine) en micro-organismen (schimmels). Deze voedingsmiddelen zijn te karakteriseren als vezel- en gehaktachtig. Technologisch gezien is het al mogelijk om de nieuwe eiwithoudende voedingsmiddelen te ontwikkelen. Deze producten zullen wel aantrekkelijker voor de consumenten gemaakt moeten worden.[...]

In 2040
Het onderzoeksprogramma Duurzame Technologische Ontwikkeling heeft als doel te onderzoeken hoe we in 2040 twintig keer milieu-efficiënter in de maatschappelijke behoeften kunnen voorzien. Novel Protein Foods is volgens het rapport tien à dertig keer milieu-efficiënter dan de huidige productie van het varkensvlees in Nederland. Ook blijkt de productie een vijfde tot de helft goedkoper te zijn. "Dit maakt het aantrekkelijk voor het bedrijfsleven. Het voordeel voor de consumenten van de nieuwe voedingsmiddelen is dat het gemakkelijk te bereiden is en het gezonder is", aldus André de Haan, coördinator van het onderzoeksprogramma DTO.
[...]Het nieuwe voedingsmiddel Fibrex wordt al verwerkt in producten die in de winkel liggen. Er zitten schimmels in verwerkt en de lichte structuur doet enigszins aan kippenvlees denken. "Mensen hebben negatieve gedachten met schimmel. Er zijn echter al veel etenswaren met schimmel, zoals verschillende Franse kaassoorten," zegt André de Haan. "Die vinden we al veel langer heel normaal."

(Brabants Dagblad, 3 juli 1996).






-

Voeding

2/5 Nieuwe voedingsmiddelen.

In het artikel wordt gesproken over het ontwikkelen van nieuwe voedingsmiddelen (Novel Foods). Uitgangspunt daarbij is een aantal voordelen aan deze ontwikkeling.

Geef drie voordelen van deze ontwikkeling.

Voeding

3/5 Nieuwe voedingsmiddelen.

Voor welke groep mensen uit onze bevolking zullen de besproken nieuwe voedingsmiddelen een extra uitbreiding van hun menumogelijkheden zijn? Leg uit.

Voeding

4/5 Nieuwe voedingsmiddelen.

Zoek in een flora de plantenfamilie op waartoe luzerne, erwt en lupine behoren.

Voeding

5/5 Nieuwe voedingsmiddelen.

Welk nadeel wordt in het artikel genoemd van de nieuwe voedingsmiddelen?

Voeding

1/2 Gewicht.
Zie figuur B 3407 van de bijlage.

Birgit is heel tevreden met haar gewicht. Ze let goed op wat ze eet, vooral op de tussendoortjes. Op een avond wil ze bij een glas cola wat lekkers eten. Honger heeft ze niet, want ze heeft genoeg gegeten. Ze kan kiezen tussen chips en een even grote hoeveelheid Japanse mix (zie de afbeelding).

Niet alle voedingsstoffen leveren evenveel energie (zie de tabel hieronder).
afbeeldingafbeelding

Welke zoutjes kan ze in dit geval het beste kiezen? Leg je antwoord uit met behulp van een berekening. Gebruik daarbij de gegevens uit de afbeelding en uit de tabel hierboven.

afbeeldingafbeelding

Voeding

2/2 Gewicht.

Birgit ging altijd met de bus naar de school. Ze besluit om voortaan de fiets te nemen. De samenstelling van haar maaltijden zal ze hierdoor moeten aanpassen, omdat ze niet méér wil gaan eten.

Noem twee voedingsstoffen die Birgit méér moet gaan eten.