Oefentoets Biologie: Voeding | HAVO 4/HAVO 5 | variant 8

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voeding

1/4 Siervruchten.
Zie figuur B 5807 van de bijlage.

In de herfst kun je langs de weg en in etalages grote siervruchten zien liggen: pompoenen (Cucurbita maxima), courgettes (Cucurbita pepo), kalebassen (Cucurbita lagenaria) en Turkse mutsen (Cucurbita maxima). Alle vier groeien deze vruchten onder aan de plant op de grond.

- Tot hoeveel soorten behoren de vier planten met deze vruchten? Leg je antwoord uit.
- En tot hoeveel genera (geslachten)? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Voeding

4/4 Siervruchten.

Waar haalt de plant de mineralen vandaan, die in de vruchten worden gevonden?

Voeding

1/4 Onderzoek rond bier.

Lees onderstaand artikel uit de NRC.

Sloten bier in weekend bevorderen voortijdige dood.
In bepaalde kringen, vooral ook onder de jeugd, is het gebruikelijk om vrijdag- of zaterdagavond in een betrekkelijk korte tijd grote hoeveelheden bier naar binnen te slaan.

Finse onderzoekers laten in het British Medical Journal zien dat dergelijke escapades niet zonder risico zijn. Ruim 1600 bierdrinkende Finse mannen van middelbare leeftijd zijn vijf tot tien jaar gevolgd. Toen ze gingen meedoen aan het onderzoek, in de jaren 1984 tot 1989, werden alle deelnemers uitgebreid ondervraagd over hun drinkgewoonten, onder meer of ze regelmatig meer dan zes glazen bier in één teug leegdronken. Verder werden ze gecontroleerd op allerlei risicofactoren voor hart-en vaatziekten, zoals roken, lichamelijke inactiviteit, overmatigichaamsgewicht en een verhoogde bloeddruk.

Ook factoren als de huwelijkse staat, werkkring en eventuele depressieve klachten kwamen aan de orde.
In de daarop volgende jaren werden er onder de deelnemers aan het onderzoek 136 sterfgevallen geregistreerd, waarvan 59 door een hartinfarct en 25 door uitwendige oorzaken, zoals geweld of een ongeluk. De kans om te sterven aan een van die twee doodsoorzaken bleek aanmerkelijk groter voor mannen die zich in het weekend te buiten gingen in een drinkgelag. Zij liepen 6,5 keer zoveel risisco op een hartinfarct en zelfs 7 keer zoveel op een ongeluk of geweld als vergelijkbare mannen die per week dezelfde hoeveelheid bier dronken, maar dan gespreid.

Het is algemeen bekend dat te veel alcohol ongezond is, maar de resultaten van het Finse onderzoek wijzen erop dat ook het drinkpatroon van invloed is.

Zie volgende scherm



-

Voeding

3/4 Onderzoek rond bier.

Bereken het sterftepercentage aan hartinfarcten onder de mannen die in het weekend niet overmatig drinken. Rond af op één decimaal.

Voeding

4/4 Onderzoek rond bier.

Bereken het sterftepercentage aan geweld of ongelukken onder de mannen die in het weekend niet overmatig drinken.
Rond af op één decimaal.

Voeding

Mineralen.

Langs welke weg komen mineralen in levende organismen terecht?

Voeding

Essentiële aminozuren.

Essentiële aminozuren voor de mens zijn aminozuren die

Voeding

Functie van eiwitten.

Welke functie of functies kunnen eiwitten in het lichaam hebben?

Voeding

Quételet-index.
Zie figuur B 5829 van de bijlage.

Eén van de methodes om te bepalen of iemand overgewicht heeft, is de Quételet-index.
Hierbij wordt een verhouding berekend tussen het lichaamsgewicht in kg en de lichaamslengte in meters.

Welke van de onderstaande verhoudingen is de Quételet-index?

afbeeldingafbeelding

Voeding

1/4 Zuidpool-ervaringen.
Zie figuur B 5832 van de bijlage.

Tussen november 1992 en februari 1993 doorkruisten de Engelsen Ranulph Fiennes en Mike Stroud Antarctica. Zij droegen zelf al hun materiaal en hun voedsel. Zij zochten een antwoord op de vraag, waar de grens ligt van wat menselijk mogelijk is.
Onder normale omstandigheden heeft een volwassen man per dag gemiddeld 10640 kJ nodig. Fiennes en Stroud namen dagelijks 21338 kJ op. Desondanks verloren ze beiden meer dan 20 kg lichaamsgewicht.

Leg uit dat beide mannen zoveel extra kJ moesten opnemen.

afbeeldingafbeelding

Voeding

2/4 Zuidpool-ervaringen.

Fiennes en Stroud overwogen niet om meer kJ op te nemen om het gewichtsverlies te compenseren, door extra voedsel in hun rugzak mee te dragen.

Leg uit waarom dit een verstandige beslissing was.

Voeding

3/4 Zuidpool-ervaringen.

De spierkracht van de mannen nam af doordat de spiermassa verminderde.

Geef de oorzaak daarvan.

Voeding

4/4 Zuidpool-ervaringen.

In de periode van 65-100 dagen na hun vertrek hadden de mannen een zeer lage glucoseconcentratie in hun bloed.
Veel mensen met een glucoseconcentratie raken bewusteloos.

Waardoor raakten beide heren niet bewusteloos?