Oefentoets Biologie: Voeding | VWO 1/VWO 2/VWO 3 | variant 11

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 1, VWO 2, VWO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voeding

1/2 Voedingsmiddelen en energieverbruik.

In de tabel hieronder zijn van een aantal voedingsmiddelen de hoeveelheden energierijke stoffen en de verbrandingswaarden (per 100 gram) weergegeven.
afbeeldingafbeelding

Uit de tabel kan afgeleid worden dat halfvolle melk voor 10,7 % uit energierijke stoffen bestaat.

Uit welke andere stof bestaat de overige 89,3 % vooral?

Deze bestaat vooral uit [invulveld].




-

Voeding

2/2 Voedingsmiddelen en energieverbruik.

Olivier heeft een brommer voor zijn verjaardag gekregen en gaat voortaan op de brommer naar school.
Hij doet daar twintig minuten per dag over. Vóór zijn verjaardag ging hij altijd op de fiets naar school.
Hij deed daar per dag dertig minuten over.
Door met de brommer naar school te gaan, verbruikt Olivier per dag minder energie dan met de fiets.
afbeeldingafbeelding

Bereken hoeveel energie Olivier per dag minder met reizen verbruikt als hij met de brommer naar school gaat in plaats van met de fiets. Gebruik daarbij de gegevens uit de tabel.

Voeding

1/7 Zuivelontbijt.

In een folder staat het volgende:

Dit zuivelontbijt bevat verse yoghurt, vruchtensap en fijne granen. Het levert belangrijke voedingsstoffen.
Het is de snelste manier om gezond te ontbijten. Een portie zuivelontbijt levert evenveel energie als een bruine boterham met kaas.
Ingrediënten: yoghurt, suiker, vruchtensap, haver, tarwe, voedingsvezel, vitaminen.
afbeeldingafbeelding

Welke granen worden voor zuivelontbijt gebruikt? Gebruik de bovenstaande informatie.




-

Voeding

2/7 Zuivelontbijt.

Zuivelontbijt bevat voedingsvezels.

Wat is een belangrijke taak van voedingsvezels in de voeding?

Voeding

3/7 Zuivelontbijt.

In de tabel wordt de samenstelling van zuivelontbijt vergeleken met de samenstelling van bruin brood met kaas (per 100 gram).
afbeeldingafbeelding

Volgens de folder levert een portie zuivelontbijt evenveel energie als een bruine boterham met kaas.
Renske eet 100 gram bruin brood met kaas.

Hoeveel zuivelontbijt had zij moeten eten om evenveel energie binnen te krijgen?




-

Voeding

4/7 Zuivelontbijt.

Een deel van de voedingsstoffen uit zuivelontbijt moet eerst worden verteerd.
Daarna kunnen deze stoffen in het bloed worden opgenomen.

Welke voedingsstoffen moeten worden verteerd voordat ze in het bloed worden opgenomen?

Voeding

5/7 Zuivelontbijt.

In de volgende tabel zijn gegevens van zuivelontbijt en magere yoghurt (per 100 gram) weergegeven.
afbeeldingafbeelding

Vergeleken met magere yoghurt bevat zuivelontbijt meer energie.

Door welke voedingsstoffen komt dit?




-

Voeding

6/7 Zuivelontbijt.

Welk mineraal komt volgens de tabel in zuivelontbijt voor?

Voeding

7/7 Zuivelontbijt.

Volgens de tabel is in 100 gram zuivelontbijt 10% van de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid vitamine C aanwezig.
afbeeldingafbeelding

Hoeveel vitamine C wordt per dag aanbevolen?

Voeding

1/2 Vitamines.

In de tabel is te zien in welke voedingsmiddelen bepaalde vitamines voorkomen.
afbeeldingafbeelding

Sommige mensen willen geen vlees of andere dierlijke producten eten. Ze eten dan wel plantaardige producten.

Van welke vitamine ontstaat bij zulke mensen vooral een tekort?

Voeding

2/2 Vitamines.

In de afbeelding hieronder is een tabel weergegeven met de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) voor een aantal vitaminen.
Ook is een deel van de voedingsmiddelentabel te zien.
afbeeldingafbeelding

Suzanne eet op een dag drie appels. Elke appel weegt 100 gram.

Hoeveel vitamine C leveren deze drie appels?




-

Voeding

1/2 Vitamine K.

Vitamine K komt onder andere voor in groene groente zoals spinazie.
Vitamine K wordt ook door bacteriën in de darm van de mens gemaakt.
Alleen bij uitzondering heeft een mens gebrek aan vitamine K.
Dat kan gebeuren wanneer iemand gedurende een periode antibiotica heeft geslikt.

Leg uit dat door de werking van antibiotica een gebrek aan vitamine K kan ontstaan.

Voeding

2/2 Vitamine K.
Zie figuur B 3289 van de bijlage.

Bekijk de afbeelding en onderstaande tabel.
afbeeldingafbeelding

Zet achter elk organisme het juiste cijfer.

afbeeldingafbeelding
  • 3
  • 2
  • 1
  • bacterie
  • spinazie
  • mens

Voeding

1/3 Reizigersdiarree.

Veel mensen die reizen in warme gebieden denken dat een verandering van voeding en leefgedrag de oorzaak is van reizigersdiarree. Meestal zijn echter bacteriën of virussen in voedsel en water de boosdoeners. Als deze bacteriën of virussen in het lichaam komen, kunnen klachten ontstaan als: waterige ontlasting, buikkrampen, misselijkheid, braken, gebrek aan eetlust en koorts.

Noem twee manieren waarop een reiziger in warme gebieden ervoor kan zorgen, dat hij niet besmet wordt met bacteriën of virussen die diarree veroorzaken.

Voeding

2/3 Reizigersdiarree.

Reizigersdiarree geneest over het algemeen vanzelf. Alleen in ernstige gevallen kan behandeling met geneesmiddelen, zoals antibiotica, soms helpen.

Kunnen bacteriën bestreden worden met antibiotica?
En kunnen virussen bestreden worden met antibiotica?

Voeding

3/3 Reizigersdiarree.

Lang niet alle bacteriesoorten zijn ziekteverwekkend. In het verteringskanaal leven zelfs vele nuttige bacteriesoorten. Deze bacteriën breken stoffen af uit onverteerde voedselresten.

In welk deel van het verteringskanaal leven vooral veel van zulke nuttige bacteriën?

Voeding

1/2 Jicht.
Zie figuur B 3847 van de bijlage.

Jicht is een pijnlijke ziekte. Het wordt veroorzaakt door kristallen van urinezuur.
Deze kristallen zetten zich af op het kraakbeen van de gewrichten.
Jicht komt veel voor in de grote teen.

Welk soort gewricht is het teengewricht?

afbeeldingafbeelding

Voeding

2/2 Jicht.

Een patiënt die jicht heeft, moet veel drinken.
De kristallen kunnen dan oplossen en worden uitgescheiden.

Via welke organen verlaat het urinezuur het lichaam?

Voeding

1/4 Voedselvergiftiging.

Per jaar hebben ongeveer 700.000 mensen last van voedselvergiftiging. Ze hebben dan koorts en diarree en moeten braken. Voedselvergiftiging komt door het eten van bedorven voedsel. Door de hogere temperatuur bederft voedsel in de zomer sneller dan in de winter.

Leg uit dat voedsel bij een hogere temperatuur sneller bederft.

Voeding

2/4 Voedselvergiftiging.

Iemand die veel moet braken, kan bepaalde medicijnen slikken. Zo wordt het braken minder.
In de afbeelding is een deel van een bijsluiter weergegeven.

afbeeldingafbeelding

Hoeveel Motilium-tabletten mag een volwassene maximaal op één dag slikken?

[invulveld] tabletten





-