Oefentoets Biologie: Voeding - algemeen | VWO 1/VWO 2/VWO 3 | variant 4

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 1, VWO 2, VWO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voeding

Voedingsvezels.

Waarvoor zijn voedingsvezels van belang?

Voeding

Voedingsvezels.

Als één van de negatieve bijwerkingen van te weinig voedingsvezels wordt diarree genoemd.

Hoe ontstaat diarree ten gevolge van te weinig voedingsvezels?

Voeding

1/12 Bacteriën.

INFORMATIE 1 NUTTIG OF SCHADELIJK?
Bij het woord bacteriën denken de meeste mensen allereerst aan schadelijke bacteriën. Toch zijn veel soorten nuttig. Zo spelen bacteriën een belangrijke rol in de kringloop van stoffen doordat ze dode resten van organismen afbreken. Ook worden bacteriën door de mens al eeuwenlang gebruikt bij de bereiding van voedingsmiddelen. In het lichaam van de mens komen ook nuttige bacteriën voor. Schadelijk zijn bacteriesoorten die ziekten kunnen veroorzaken, bijvoorbeeld tuberculose, longontsteking en SOA's zoals gonorroe en syfilis.

In informatie 1 staat dat bacteriën gebruikt worden bij de bereiding van voedingsmiddelen.

Noem twee van zulke voedingsmiddelen.

Voeding

2/12 Bacteriën.

INFORMATIE 1 NUTTIG OF SCHADELIJK?
Bij het woord bacteriën denken de meeste mensen allereerst aan schadelijke bacteriën. Toch zijn veel soorten nuttig. Zo spelen bacteriën een belangrijke rol in de kringloop van stoffen doordat ze dode resten van organismen afbreken. Ook worden bacteriën door de mens al eeuwenlang gebruikt bij de bereiding van voedingsmiddelen. In het lichaam van de mens komen ook nuttige bacteriën voor. Schadelijk zijn bacteriesoorten die ziekten kunnen veroorzaken, bijvoorbeeld tuberculose, longontsteking en SOA's zoals gonorroe en syfilis.

In de informatie worden enkele ziekten genoemd die door bacteriën veroorzaakt worden. Eén daarvan is de besmettelijke ziekte gonorroe.

Hoe wordt gonorroe verspreid?

Voeding

3/12 Bacteriën.
Zie figuur B 3135 van de bijlage.

INFORMATIE 2 VOEDSELVERGIFTIGING
Bacteriën en andere micro-organismen in het voedsel kunnen voedselbederf veroorzaken.
Een voorbeeld hiervan is de Salmonella-bacterie die in onverhitte eieren, kip en ander vlees kan voorkomen.
Voedselvergiftiging ontstaat door het eten van zulk 'bedorven' voedsel.
Soms is bedorven voedsel duidelijk te herkennen, zoals zure melk of een beschimmelde boterham.
Maar er kunnen ook schadelijke micro-organismen in voedsel zitten zonder dat je het ziet of ruikt.
Door dit voedsel te eten kun je behoorlijk ziek worden, met verschijnselen als misselijkheid, braken, buikpijn en diarree.
Je wordt ziek door de micro-organismen zelf, òf door de gifstoffen die ze produceren.

Bij een voedselvergiftiging komen bepaalde bacteriën in het lichaam van een mens.
Deze bacteriën produceren een giftige stof.
Het lichaam reageert op deze infectie door antistoffen te maken.
In de afbeelding zijn drie typen bloeddeeltjes weergegeven.

Welk type bloeddeeltje maakt antistoffen? Geef de letter en de naam.
Letter: [invulveld]
Naam: [invulveld]




-

afbeeldingafbeelding

Voeding

4/12 Bacteriën.

INFORMATIE 4 DELING VAN BACTERIËN
Bacteriën vermeerderen zich door celdeling. In de tabel hieronder staat aangegeven, hoe je het aantal bacteriën kunt berekenen dat na een bepaalde tijd door deling uit één bacterie is ontstaan, als de omstandigheden gunstig zijn.

afbeeldingafbeelding

Een bacterie komt terecht op een agarlaagje in een petrischaal. De omstandigheden zijn gunstig.

Hoeveel bacteriën kunnen er na 80 minuten volgens informatie 4 ontstaan zijn uit deze bacterie?

Voeding

5/12 Bacteriën.

INFORMATIE 4 DELING VAN BACTERIËN
Bacteriën vermeerderen zich door celdeling. In de tabel hieronder staat aangegeven, hoe je het aantal bacteriën kunt berekenen dat na een bepaalde tijd door deling uit één bacterie is ontstaan, als de omstandigheden gunstig zijn.

afbeeldingafbeelding

Een bacterie komt terecht op een agarlaagje in een petrischaal. De omstandigheden zijn gunstig.

Hoeveel bacteriën kunnen er na drie uur volgens informatie 4 ontstaan zijn uit deze bacterie? Leg je antwoord uit met een berekening.




-

Voeding

6/12 Bacteriën.

INFORMATIE 5 CONSERVEREN
Al duizenden jaren is bekend, dat voedsel geconserveerd kan worden door toevoeging van stoffen als zout en zuur.
In 1805 ontdekte Nicolas Appert, een legerkok van Napoleon, dat levensmiddelen langer bewaard konden worden, als ze in glazen potten werden gedaan en vervolgens verhit in kokend water.
Tegenwoordig staat er in elk huis wel een koelkast (temperatuur 4°C tot 7°C) en vaak ook een diepvriezer (temperatuur -18°C of lager).

Voedsel kan onder andere geconserveerd worden door toevoeging van zout.

Leg uit waardoor voedsel minder snel bederft door toevoeging van zout als conserveermiddel.

Voeding

7/12 Bacteriën.

INFORMATIE 5 CONSERVEREN
Al duizenden jaren is bekend, dat voedsel geconserveerd kan worden door toevoeging van stoffen als zout en zuur.
In 1805 ontdekte Nicolas Appert, een legerkok van Napoleon, dat levensmiddelen langer bewaard konden worden, als ze in glazen potten werden gedaan en vervolgens verhit in kokend water.
Tegenwoordig staat er in elk huis wel een koelkast (temperatuur 4°C tot 7°C) en vaak ook een diepvriezer (temperatuur -18°C of lager).

In informatie 5 wordt beschreven hoe een legerkok van Napoleon voedsel conserveerde.

Leg uit waardoor voedsel dat zo behandeld wordt, langer houdbaar is.

Voeding

8/12 Bacteriën.
Zie figuur B 3173 van de bijlage.

INFORMATIE 3 INVLOED VAN TEMPERATUUR
In onderstaand schema staat weergegeven, wat de invloed van de temperatuur is op de meeste soorten bacteriën die voedselbederf veroorzaken.
afbeeldingafbeelding

In de afbeelding B 3173 van de bijlage zijn drie grafieken weergegeven.

Welke grafiek geeft de groei van bacteriën volgens informatie 3 juist weer?





-

afbeeldingafbeelding

Voeding

9/12 Bacteriën.

INFORMATIE 6 BEWAREN
Uit de informatie op de verpakking van een product kan afgeleid worden hoe lang en op welke manier het levensmiddel veilig bewaard kan worden. In de afbeelding hieronder zijn etiketten weergegeven van twee voedingsmiddelen die in een winkel staan.
afbeeldingafbeelding
De rijstepap staat in de winkel in de koeling, de vanillevla niet.
Leg met behulp van de etiketten uit waardoor de vanillevla buiten de koeling niet bederft.




-

Voeding

10/12 Bacteriën.

INFORMATIE 7 BEREIDEN VAN VOEDSEL
Door goed te letten op hygiëne, houdbaarheid en kwaliteit van producten kan de kans op voedselvergiftiging worden verkleind.
In de afbeelding hieronder staan twee recepten voor het maken van ijs.
afbeeldingafbeelding
Ilse wil ijs gaan maken volgens één van deze recepten.

Welk recept moet ze kiezen als ze de kans op een besmetting met Salmonella zoveel mogelijk wil voorkomen? Leg je antwoord uit.




-

Voeding

11/12 Bacteriën.

INFORMATIE 8 EEN EXPERIMENT
Bij een onderzoek naar de houdbaarheid van voedsel wordt een experiment gedaan met melk.
In drie petrischaaltjes wordt een laagje agar gedaan. Agar bevat voedingsstoffen voor bacteriën.
Als de omstandigheden gunstig zijn, gaan bacteriën die op zo'n laagje terechtkomen, zich delen. Uit elke bacterie ontstaat dan een groepje bacteriën, een zogenaamde kolonie, die met het blote oog zichtbaar is.
Met een wattenstaafje wordt in elk petrischaaltje wat melk uit hetzelfde glas op het agarlaagje gebracht. één van de schaaltjes wordt in de diepvries geplaatst, één in de koelkast en één in een kast bij kamertemperatuur. Na enkele dagen worden de schaaltjes bekeken. Het resultaat is te zien in de afbeelding hieronder.
afbeeldingafbeelding

Welk cijfer in de afbeelding geeft het petrischaaltje aan dat in de koelkast heeft gestaan tijdens het experiment? Leg je antwoord uit.




-

Voeding

12/12 Bacteriën.
Zie afbeelding B 1560 van de bijlage.

INFORMATIE 2 VOEDSELVERGIFTIGING
Bacteriën en andere micro-organismen in het voedsel kunnen voedselbederf veroorzaken.
Een voorbeeld hiervan is de Salmonella-bacterie die in onverhitte eieren, kip en ander vlees kan voorkomen.
Voedselvergiftiging ontstaat door het eten van zulk ‘bedorven' voedsel.
Soms is bedorven voedsel duidelijk te herkennen, zoals zure melk of een beschimmelde boterham.
Maar er kunnen ook schadelijke micro-organismen in voedsel zitten zonder dat je het ziet of ruikt.
Door dit voedsel te eten kun je behoorlijk ziek worden, met verschijnselen als misselijkheid, braken, buikpijn en diarree.
Je wordt ziek door de micro-organismen zelf, óf door de gifstoffen die ze produceren.

Bij een voedselvergiftiging komen bepaalde bacteriën in het lichaam van een mens. Het lichaam reageert op deze infectie door antistoffen te maken. In de afbeelding is met lijnen de hoeveelheid bacteriën en antistoffen weergegeven.

Welke lijn geeft de gevormde hoeveelheid antistoffen weer, lijn P of lijn Q? Leg je antwoord uit.




-

afbeeldingafbeelding

Voeding

1/3 Kroepoek.
Zie figuur B 3838 van de bijlage.

Kroepoek wordt gegeten bij oosterse maaltijden, maar ook als tussendoortje. Het wordt onder andere gemaakt van de tapiocaplant. Ook bevat kroepoek garnalen. Dit zijn diertjes die in zee leven.

In de figuur B 3839 zijn enkele cellen weergegeven.

Kunnen deze cellen afkomstig zijn van de tapiocaplant?
En kunnen deze cellen afkomstig zijn van een garnaal?

afbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeelding

Voeding

2/3 Kroepoek.

In de onderstaande tabel is onder andere de samenstelling van kroepoek weergegeven.
afbeeldingafbeelding

Welk ingrediënt levert vooral veel vet in kroepoek?

Voeding

3/3 Kroepoek.

Kroepoek bevat eiwitten, koolhydraten en vetten.

Welke van deze stoffen kunnen in ons lichaam worden gebruikt als brandstof?

Voeding

1/9 Project voeding.
Zie figuur C 329 t/m figuur C 334 (informatie 1 t/m 6) van de bijlage.

De kans op besmetting van voedsel met bacteriën kan verminderd worden door in de keuken hygiënisch te werken. Eén van de posters gaat over hygiëne.

Noem twee manieren waarop, volgens de poster, voedsel met bacteriën besmet kan raken.

afbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeeldingafbeelding

Voeding

2/9 Project voeding.
Zie figuur C 334 (informatie 6) van de bijalge.

Joris heeft op een zaterdag bijgehouden wat zijn moeder at. Zijn groep heeft toen berekend hoeveel kilojoules dat bevatte. Daarna vergeleken ze het met de aanbevolen hoeveelheid kilojoules.

Bereken in één decimaal nauwkeurig hoeveel procent energie Joris' moeder op die zaterdag meer binnenkreeg dan is aanbevolen.

afbeeldingafbeelding

Voeding

3/9 Project voeding.

Joris' moeder at op deze dag meer energierijke stoffen dan aanbevolen wordt. Dat doet ze vaak in het weekend. Toch wordt ze niet dikker.

Geef hiervoor een verklaring.