Spijsvertering
Fluoride tegen tandbederf.
Een van de hulpmiddelen om tandbederf tegen te gaan, is het aanbrengen van fluoride op het gebit.
Wat heeft dit aanbrengen van fluoride voor functie?
Deze oefentoets bevat 13 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
13
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4
NVON
cc-by-sa-40
Fluoride tegen tandbederf.
Een van de hulpmiddelen om tandbederf tegen te gaan, is het aanbrengen van fluoride op het gebit.
Wat heeft dit aanbrengen van fluoride voor functie?
Tandplak.
Tandplak bestaat uit etensresten, speeksel en bacteriën.
Tandplak speelt een rol bij het ontstaan van gaatjes in tanden. Men noemt dit cariës.
Drie adviezen op het gebied van voeding zijn:
1. Eet minder vet.
2. Het is beter om één keer per dag te snoepen dan af en toe op verschillende momenten van de dag.
3. Zorg ervoor dat er veel plantaardige vezels in je voedsel zitten.
Welk advies is speciaal bedoeld om cariës tegen te gaan?
1/2 Fluoride en cariës.
Zie figuur A 812 van de bijlage.
De meest voorkomende vorm van tandbederf is cariës. In Nederland was in 1953 een onderzoek gestart om na te gaan of het gebruik van fluoride het ontstaan van cariës tegengaat. In de gemeente Tiel werd fluoride aan het drinkwater toegevoegd. In de vergelijkbare stad Culemborg werd geen fluoride aan het drinkwater toegevoegd.
Na enige jaren werd de toestand van de gebitten van 11-, 13- en 15-jarigen in beide gemeenten met elkaar vergeleken (zie de tabel hieronder).
afbeelding
.
In de bijlage A 812 vind je een stuk grafiekpapier.
Zet hierop de resultaten van het onderzoek uit in een staafdiagram.
-
afbeelding
2/2 Fluoride en cariës.
De meest voorkomende vorm van tandbederf is cariës. In Nederland was in 1953 een onderzoek gestart om na te gaan of het gebruik van fluoride het ontstaan van cariës tegengaat. In de gemeente Tiel werd fluoride aan het drinkwater toegevoegd. In de vergelijkbare stad Culemborg werd geen fluoride aan het drinkwater toegevoegd.
Na enige jaren werd de toestand van de gebitten van 11-, 13- en 15-jarigen in beide gemeenten met elkaar vergeleken (zie de tabel hieronder).
afbeelding
Uit de resultaten heeft men conclusies getrokken over de invloed van fluor op het gebit.
Schrijf één conclusie op.
-
1/5 Tandverzorging.
Zie figuur B 2315 van de bijlage.
Tegenwoordig proberen veel mensen verlies van tanden te voorkomen. Twee oorzaken van tandverlies zijn: cariës (gaatjes) en gingivitis (ontsteking van het tandvlees). Cariës is de afbraak van hard tandmateriaal onder invloed van mondbacteriën. Deze bacteriën produceren stoffen die kalkzouten doen oplossen.
Zo wordt het tandoppervlak steeds meer doorlatend. Op een gegeven moment ontstaat er een gaatje (zie tekening 1 van de afbeelding).
Gingivitis is het gevolg van langdurige inwerking van mondbacteriën op de randen van het tandvlees. Door afweerreacties van het lichaam sterven kleine gedeelten van die randen. Daardoor komt het tandvlees langzaam maar zeker los van de tandhals (tekening 2 en 3 van de afbeelding). Tegelijkertijd wordt het ondersteunende weefsel van de kaak aangetast. Zo komt het gebit steeds minder goed vast te zitten.
Bacteriën in de mond dragen bij aan het ontstaan van cariës. Zij produceren stoffen die kalkzouten doen oplossen. Zonder deze stoffen van de bacteriën lossen de kalkzouten in de mond niet op.
Welke stoffen zijn het vooral die de kalkzouten doen oplossen?
afbeelding
2/5 Tandverzorging.
Wat is de naam van deel P in de afbeelding?
Deze heet de/het [invulveld].
afbeelding
3/5 Tandverzorging.
Komen in een tand rode bloedcellen voor?
En uitlopers van zenuwcellen?
afbeelding
4/5 Tandverzorging.
Bij mensen met gingivitis bevinden zich in de omgeving van het aangetaste tandvlees meer witte bloedcellen dan bij gezond tandvlees.
Geef hiervoor een verklaring.
5/5 Tandverzorging.
In de afbeelding zijn twee delen met P en Q aangeduid.
Bevat deel P levende cellen?
En deel Q?
afbeelding
2/2 Problemen met het gebit.
Om tandbederf tegen te gaan, wordt het gebit soms behandeld met fluor.
Welke functie heeft zo'n fluorbehandeling?
1/2 Tandplak.
Tandplak bestaat uit etensresten, speeksel en bacteriën.
Tandplak speelt een rol bij het ontstaan van gaatjes in tanden.
Men noemt dit cariës.
Er zijn speciale tandpasta's met bacterie-remmende stoffen die plakvorming op tanden tegengaan.
Welk deel van een tand wordt vooral beschermd door zo'n speciale tandpasta?
2/2 Tandplak.
Regelmatig wordt tandplak doorgeslikt.
Toch worden bacteriën die voorkomen in tandplak vrijwel niet gevonden in de dunne darm.
Leg uit waardoor deze bacteriën niet levend in de dunne darm voorkomen.
Ouder worden.
In het verleden verloren veel mensen hun tanden en kiezen voordat ze de middelbare leeftijd hadden bereikt. Het gebit was niet versleten, maar aangetast door cariës (tandbederf). Nu komt er minder cariës voor en hebben de meeste mensen tot op hoge leeftijd nog hun eigen gebit.
Noem twee oorzaken waardoor er tegenwoordig minder cariës voorkomt.