Oefentoets Biologie: Zenuwstelsel - algemeen | VWO 1/VWO 2/VWO 3 | variant 5

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 1, VWO 2, VWO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Zenuwstelsel

Een afwijking in het zenuwstelsel.

Vier patiënten met een afwijking in het zenuwstelsel vertonen de volgende ziektebeelden:

1. bij patiënt 1 kan de pupilreflex niet plaatsvinden.
2. bij patiënt 2 kan de kniepeesreflex niet plaatsvinden.
3. bij patiënt 3 treedt een spraakstoornis op.
4. bij patiënt 4 treedt een stoornis op in de regulatie van de ademhalingsbewegingen;

Bij één patiënt ligt de afwijking in een motorisch centrum van de hersenschors.

Bij welke patiënt?

Zenuwstelsel

Verbindingen met bewegingszenuwcellen.

In het lichaam van de mens bevinden zich onder andere:

1. armspieren,
2. spieren van de buikwand,
3. zintuigcellen in het oog.

Welke zijn rechtstreeks verbonden met uitlopers van bewegingszenuwcellen?

Zenuwstelsel

Spier of zintuig.

Tussen orgaan P en het ruggenmerg bevindt zich een gevoelszenuw.

Wat voor soort orgaan is P en in welke richting gaat de prikkel door de gevoelszenuw?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Een gevoelszenuw.
Zie figuur B 1768 van de bijlage.

Tussen de cel P in een spier en het ruggenmerg bevindt zich een gevoelszenuw.

Wat voor soort cel is P en in welke richting gaan impulsen door de gevoelszenuw?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

zintuigcel of spiercel & gevoelszenuwcel of bewegingszenuwcel.
Zie figuur B 1777 van de bijlage.

Een cel (1) is door een zenuwcel (2) verbonden met het ruggenmerg. Door deze zenuwcel gaan impulsen naar het ruggenmerg toe.

Is 1 een zintuigcel of een spiercel?
Is 2 een gevoelszenuwcel of een bewegingszenuwcel?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Een keeper met de bal.

Tijdens dezelfde wedstrijd plukt de keeper de bal net voor het doel uit de lucht. Na eenmaal stuiteren gooit hij de bal weer uit.

Wat voor zenuwcellen zijn betrokken bij deze bewegingen?

Zenuwstelsel

Een keeper met de bal.

Een keeper vangt een bal. Na drie maal stuiteren gooit hij de bal weer uit.

I. Hij gebruikt hierbij gevoelszenuwcellen.
II. Hij gebruikt hierbij bewegingszenuwcellen.

Zenuwstelsel

Taken van de hersenen.

De hersenen

Zenuwstelsel

Een voetbalster schopt tegen een bal.
Zie figuur B 3231 van de bijlage.

In de afbeelding is te zien hoe een voetbalster tegen een bal schopt.

Zijn bij deze trapbeweging de grote hersenen betrokken?
En zijn de kleine hersenen er bij betrokken?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

Een pijnlijke ervaring.

Iemand trapt in een punaise. Dit leidt achtereenvolgens tot:

1. het ogenblikkelijk optillen van de voet,
2. het voelen van pijn,
3. het grijpen naar de voet,
4. het uitschelden van de persoon die de punaise heeft laten liggen.

Bij welke activiteiten is zijn emotiecentrum betrokken?

Zenuwstelsel

Taken van het ruggenmerg.

Het ruggenmerg

Zenuwstelsel

Iemand die een hersenbloeding heeft gehad.

Iemand die een hersenbloeding heeft gehad, ziet een bepaald voorwerp en herkent het niet (bijvoorbeeld een potlood). Hij kan het wel pakken.

Dit wijst er op dat bij deze persoon

Zenuwstelsel

1/5 AU!

Iemand trapt in een punaise.
In een reflex trekt hij zijn been op, nog voordat hij pijn voelt.

Verlopen de impulsen van deze reflex via schakelcellen in de grote hersenen?
En via schakelcellen in het ruggenmerg?

Zenuwstelsel

2/5 AU!

De reflex wordt in gang gezet door zintuigjes in de huid van de voetzool.

Reageren deze zintuigjes op impulsen, op prikkels of op allebei?

Zenuwstelsel

3/5 AU!

In welk deel of in welke delen van de huid van de voetzool bevinden zich de zintuigjes die de reflex in gang zetten?

Zenuwstelsel

4/5 AU!

Direct na de reflexbeweging voelt de persoon pijn doordat de impulsen in een bepaald deel van het zenuwstelsel zijn aangekomen.

In welk deel zijn de impulsen dan aangekomen?

Zenuwstelsel

5/5 AU!

De persoon trekt zijn been op. Dit komt doordat beenspieren zich samentrekken. De beenspieren trekken zich samen doordat impulsen via uitlopers van bepaalde zenuwcellen de beenspieren bereiken.

Via welk type zenuwcellen komen deze impulsen in de beenspieren aan?

Zenuwstelsel

1/2 Reflex.
Zie figuur B 2092 van de bijlage.

De striptekening in de afbeelding geeft het testen van een reflex met een hamer, op een spottende manier weer.

Wat is de naam van de geteste reflex die in de afbeelding is weergegeven? De [invulveld] reflex

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsel

2/2 Reflex.
Zie figuur B 2092 van de bijlage.

Via welk deel van het centrale zenuwstelsel lopen de impulsen die de beweging bij de geteste reflex veroorzaken?

afbeeldingafbeelding