Plantenanatomie
Hangende takken van treurwilg.
Zie figuur B 2502 van de bijlage.
Kenmerkend voor treurwilgen zijn de hangende takken.
Wat kan hiervan de oorzaak zijn?
afbeelding
Deze oefentoets bevat 6 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
6
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
VWO 4, VWO 5, VWO 6
NVON
cc-by-sa-40
Hangende takken van treurwilg.
Zie figuur B 2502 van de bijlage.
Kenmerkend voor treurwilgen zijn de hangende takken.
Wat kan hiervan de oorzaak zijn?
afbeelding
Stevigheid houtvaten.
De celwanden van houtvaten zijn meestal door verdikkingen verstevigd.
Welk voordeel heeft de plant van deze verstevigingen?
Stevigheid.
Welke van de stoffen cellulose, houtstof en pectine kan of welke kunnen aan de stevigheid van een blad van een plant bijdragen?
Een blad.
Zie figuur B 1687 van de bijlage.
In de afbeelding is een dwarsdoorsnede van een deel van een blad van een plant getekend.
Drie delen zijn aangegeven met 1, 2 en 3. Over de delen 1, 2 en 3 worden de volgende beweringen gedaan:
1. de stevigheid van de delen bij 1 ontstaat door de aanwezigheid van cellulose en houtstof in de celwanden;
2. het deel dat met 2 is aangegeven, verkrijgt stevigheid door turgor;
3. het openen en sluiten van de opening tussen de cellen bij 3 berust op veranderingen van turgor in deze cellen.
Welke van deze beweringen is of welke zijn juist?
afbeelding
Stevigheid van kruidachtige planten.
De stevigheid van kruidachtige planten komt voor een belangrijk deel tot stand door
Kiemplantjes en zoutoplossing.
Bij een experiment worden twee kiemplantjes uit de grond getrokken.
Het eerste plantje wordt in een geconcentreerde zoutoplossing geplaatst, het tweede in een sterk verdunde zoutoplossing. Het eerste plantje verwelkt, het tweede blijft stevig.
Uit dit experiment blijkt dat