Oefentoets Biologie: Osmose_diffusie - Osmose_diffusie | HAVO 4/HAVO 5

Deze oefentoets bevat 5 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

5

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Osmose

Zoutplanten.
Zie figuur B 2523 van de bijlage.

Er zijn landplanten die in een zout milieu leven. Zulke planten kunnen op verschillende wijzen aan het zoute milieu zijn aangepast. Een voorbeeld van een zoutplant (Zeekraal) is weergegeven in de afbeelding.
Bij deze zoutplanten is de zoutconcentratie in de omgeving van de wortels erg hoog. Alle planten vertonen een selectieve opname van zouten in de wortels. Selectieve opname betekent dat zouten in verschillende verhoudingen in de plant worden opgenomen. Door de hoge concentratie zouten rondom de wortels van zoutplanten dringt echter toch veel zout de cellen van de plant binnen. De zoutplant kan dan zouten opslaan in de vacuolen van cellen. Wanneer de concentratie van zouten in de vacuolen echter zeer hoog wordt, gaan zulke cellen dood.

Drie gebeurtenissen die in zeekraalplanten plaatsvinden, zijn:

1. zouten komen het cytoplasma van cellen binnen,
2. zouten gaan het cytoplasma van cellen uit,
3. zouten gaan de vacuolen van cellen binnen.

Bij welke van deze gebeurtenissen kan actief transport een rol spelen?


-

afbeeldingafbeelding

Osmose

Osmose bij rode kool.

Het vocht in de vacuolen van de opperhuidcellen van een blad van een rode kool is paars gekleurd.
Een leerlinge legt een stukje opperhuid van een blad van rode kool in water. Zij bestudeert de cellen met een microscoop. Vervolgens legt zij het stukje opperhuid enige tijd in een zoutoplossing en bekijkt het preparaat weer met haar microscoop.
Op grond van haar waarnemingen concludeert zij dat bij cellen in de zoutoplossing de concentratie van anthocyaan in de vacuolen groter is geworden dan bij cellen in water.

Wat heeft zij gezien waardoor zij deze conclusie terecht kan trekken?

Osmose

Plantaardige cel in rood zout oplosssing.
Zie figuur B 1219 van de bijlage.

In de figuur staat schematisch weergegeven een cel van een groene waterplant. Deze cel ligt in een sterke oplossing van een rood zout waarvoor de celmembraan niet doorlatend is. Als groen samen met rood een bruine kleur geeft dan zal de kleur op de plaatsen 1, 2 en 3 als volgt zijn:

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Osmose

Osmose in een plantencel.

Tijdens de opname van water door een plantencel door osmose verplaatst zich vloeistof.
In welke richting?

Osmose

Van isotonisch naar hypotonisch.

Een plantencel wordt vanuit een oplossing die isotonisch is t.o.v. die cel overgebracht naar een oplossing die hypotonisch is t.o.v. die cel.

Wat gebeurt er hierdoor?