Oefentoets Biologie: Ecologie | VWO 4/VWO 5/VWO 6 | variant 20

Ontdek de digitale toets over ecologie en biologie, gericht op middelbare scholieren, met onderwerpen zoals schimmels bij aardbeien, koolwitjespopulaties, en voedselwebben in de prehistorie. Test je kennis van plant- en dierecologie met uitdagende vragen en scenario's. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 4, VWO 5, VWO 6

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voorkomen van schimmels en aaltjes bij aardbeien

Aardbeiplanten.

Aardbeiplanten hebben vaak last van grijze schimmel en van aaltjes. Door tussen de aardbeiplanten afrikaantjes uit Mexico te planten, kan men dit grotendeels voorkomen.

Waardoor verdwijnen grijze schimmel en aaltjes in deze situatie?

Door .

Verwachte populatie koolwitjes na generaties

Koolwitjes.

Men neemt aan dat een paartje koolwitjes gemiddeld ongeveer 80 bevruchte eieren afzet en dat beide seksen in ongeveer gelijke aantallen voorkomen.

Als er geen sterfte zou plaatsvinden, hoeveel koolwitjes kunnen we dan verwachten als resultaat van de kleinkinderen van ons paar?

Aanpassing van planten aan hun omgeving

Plant en omgeving.

Bij onderzoek aan een plant blijkt dat:

1. er een klein aantal huidmondjes per cm2 bladoppervlak aanwezig is;
2. de huidmondjes diep in het blad liggen weggezonken.

Uit welke omgeving is deze plant waarschijnlijk afkomstig?

Uit .

Groep van de Moeraskartelblad

Moeraskartelblad.
Zie figuur B 5169 van de bijlage.

Moeraskartelblad is een plant met bladgroen, die met behulp van zuigwortels stoffen opneemt uit de houtvaten van wortels van andere planten.

Tot welke groep behoort deze plant?

Tot de .

afbeeldingafbeelding

Oorzaak van de smalle energiepiramide

Piramide van energie.

De piramide van energie wordt steeds smaller bij iedere stap omhoog in de voedselketen.

Wat is daarvan de oorzaak?

Abiotische factoren en plantengroei

Abiotische factor.

Welke abiotische factor is verantwoordelijk voor de zones van plantengroei van evenaar tot noordpool?

Dat is .

Dichtheidsschatting van konijnenpopulatie

Dichtheidsbepaling.

Men schat de dichtheid van een konijnenpopulatie. Hiertoe worden 100 dieren gevangen en gemerkt. Twee weken na het loslaten van deze dieren worden weer konijnen gevangen: van de 50 dieren zijn er 10 gemerkt.
Een week later wordt de gehele populatie gevangen: het blijken 400 konijnen te zijn. Dit is een flinke afwijking van het geschatte aantal, terwijl de verhouding gemerkt: ongemerkt toch gelijk is aan die bij de tweede vangst.

Hoe kan verklaard worden dat de schatting hoger is dan de werkelijke uitkomst?

Lotka-Volterra Vergelijkingen en Parameters

Lotka en Volterra.

Lotka en Volterra stelden een aantal wiskundige vergelijkingen op, die de veranderingen beschrijven van het aantal prooidieren en predatoren.

verandering van het aantal P = a. aantal prooidieren - b.aantal prooidieren. aantal predatoren;
verandering van het aantal Q = c.aantal prooidieren.aantal predatoren - d.aantal predatoren.

Zet de begrippen in de rechterkolom achter de goede parameters in de linkerkolom.

  • prooidieren

  • predatoren

  • geboortecijfer prooidieren

  • sterftecijfer prooidieren

  • geboortecijfer predatoren

  • sterftecijfer predatoren

  • P

  • Q

  • a

  • b

  • c

  • d

Diepe Meren en Hun Dierenleven

Diepe meren.

De twee diepste meren ter wereld zijn het Baikalmeer in Siberië en het Tanganyikameer in Tanzania. Het temperatuurverloop in hun omgeving is sterk verschillend: bij het Baikalmeer daalt de temperatuur tegen de herfst sterk, bij het Tanganyikameer is het constant warm.

Zijn er in de diepte van deze meren wel of geen dieren en zo ja, hoe komen die aan voedsel?

Verlies van energie in voedselketens

Voedselketen.

Bij elke stap in de voedselketen gaat een bepaald gedeelte van de oorspronkelijke hoeveelheid zonne-energie verloren.

Wat is daarvan de oorzaak?

Voedselketens en piramides van aantallen

Piramide van aantallen.
Zie figuur B 5170 van de bijlage.

Hiernaast is een piramide van aantallen te zien.

Op welke voedselketen moet die piramide betrekking hebben?

afbeeldingafbeelding

Consumenten in het prehistorisch voedselweb

1/4 Prehistorisch voedselweb.
Zie figuur B 5171 van de bijlage.

Bekijk de nevenstaande tekening van een prehistorisch voedselweb.

Wie is een consument van de 2e orde?

De .

afbeeldingafbeelding

Consumenten in het prehistorisch voedselweb

2/4 Prehistorisch voedselweb.
Zie figuur B 5171 van de bijlage.

Wie is een consument van de 3e orde?

De .

afbeeldingafbeelding

Voedselweb in de Prehistorie

3/4 Prehistorisch voedselweb.
Zie figuur B 5171 van de bijlage.

De coelophysis is de belangrijkste voedselbron van .

afbeeldingafbeelding

Gevolgen van het uitsterven van de brontosaurus

4/4 Prehistorisch voedselweb.
Zie figuur B 5171 van de bijlage.

Als de brontosaurus zou uitsterven, welke gebeurtenis zou er dan als eerste plaatsvinden?

afbeeldingafbeelding

Relaties tussen kelderslakken in Nederland

Kelderslakken.

In Nederland komen twee soorten kelderslakken voor.
Soort I leeft in hetzelfde habitat en bezit dezelfde niche als soort II, als zij gescheiden voorkomen. Waar zij samen voorkomen, zal soort II soort I op den duur verdrijven, doordat soort II de eieren van soort I opeet.

Wat is de juiste omschrijving van hun relatie?

Populatieverandering bij snoek in een meer

Snoek.

In een gezond meer wordt gedurende één seizoen op geslachtsrijpe snoek gevist. Het is bekend dat snoek een grote resiliëntie heeft, d.w.z. dat het aantal nakomelingen per snoek groot is.
Het meer wordt daarna gedurende een jaar voor de visvangst gesloten.

Aan het begin van het daarop volgende jaar kan men, in vergelijking met de oorspronkelijke populatie, verwachten dat de populatie van de snoek

Temperatuur en waterstroming in plassen

Een Nederlandse plas.

In een Nederlandse plas met een diepte van ongeveer 25 meter zal

Voedselcompetitie bij watervogels

Twee soorten.
Zie figuur A 1157 van de bijlage.

Nevenstaande figuur heeft betrekking op de samenstelling van het voedsel van twee nauw verwante soorten watervogels, de aalscholver en de gekuifde aalscholver, die gedurende het broedseizoen samen worden aangetroffen.

Welke conclusie over het broedseizoen kan men uit de gegevens in de figuur trekken?

afbeeldingafbeelding

Vispopulatiebeheer en bevissingstechnieken

Een vispopulatie.
Zie figuur A 1158 van de bijlage.

Nevenstaande grafiek geeft het verloop van de grootte van een bepaalde vispopulatie in een grote vijver weer. Men wil uit de vijver zoveel mogelijk vis wegvangen, maar dit zoveel mogelijk jaren kunnen blijven doen.

De meest economische manier van bevissing lijkt te zijn om de visstand jaarlijks terug te brengen tot op het niveau .

afbeeldingafbeelding