Oefentoets Biologie: Spijsvertering | HAVO 1/HAVO 2/HAVO 3 | variant 2

Deze digitale toets over spijsvertering behandelt onderwerpen zoals de werking van enzymen, de rol van spijsverteringsorganen en het effect van kauwen, gericht op leerlingen in het voortgezet onderwijs die hun kennis van biologie willen testen. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 1, HAVO 2, HAVO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Vertering en het effect van kauwen

Spijsvertering.

Wat wordt met de voedseldeeltjes gedaan bij vertering door enzymen?
Wat is het effect van kauwen op deze voedseldeeltjes?

afbeeldingafbeelding

Werking van klieren in de spijsvertering

Spijsvertering.

Klieren in het lichaam van de mens produceren onder andere alvleessap, gal en insuline.

Welke van deze stoffen is of welke zijn werkzaam in het spijsverteringskanaal?

Spijsverteringsorganen en enzymproductie

Spijsvertering.

Vier organen van de mens spelen een rol bij de spijsvertering: de alvleesklier, de dunne darm, de lever en de slokdarm.

Welke van deze organen produceren spijsverteringsenzymen?

Spijsvertering bij Anna's boterham en ei

Spijsvertering.

Anna eet een boterham met een gebakken ei.
Hieronder volgt een tweetal beweringen over de spijsvertering van Anna.

I. In Anna's mond begint de vertering van zetmeel uit de boterham.
II. Haar slokdarm transporteert het voedsel door middel van peristaltische bewegingen naar de maag.

Wand van maag en dunne darm

Beweringen.

Enkele beweringen over de wand van de maag en de wand van de dunne darm van de mens zijn:

1. de wand van beide organen bevat spieren,
2. de wand van beide organen bevat bloedvaten,
3. de wand van beide organen bevat darmvlokken,
4. de wand van beide organen bevat kliercellen die zoutzuur afscheiden.

Welke beweringen zijn juist?

Verbinding tussen organen en de twaalfvingerige darm

Organen mens.

Enkele organen van de mens zijn: de alvleesklier, de galblaas, een nier en de urineblaas.

Van deze organen staan er twee via een afvoerbuis in verbinding met de twaalfvingerige darm.

Welke twee zijn dat?

Functies van de dikke darm

Dikke darm.

In de dikke darm heeft

Darmflora en dikke-darmklieren: waar of niet?

Twee beweringen.

I. De darmflora dikt de uitwerpselen verder in.
II. De dikke-darmklieren verteren het voedsel verder.

Bacteriën in het verteringsstelsel

Bacteriën voor de spijsvertering.

In ons verteringsstelsel bevinden zich bacteriën die leven van de nog onverteerde resten van ons voedsel.

In welk deel van ons verteringsstelsel bevinden zich de genoemde bacteriën vooral?

Opname van verteringsproducten in het bloed

Opname van verteringsproducten.

Bij de vertering worden de stoffen uit het voedsel omgezet in opneembare stoffen: de verteringsproducten.

Vanuit welk deel van het verteringsstelsel worden deze verteringsproducten hoofdzakelijk opgenomen in het bloed?

Darmvlokken in het spijsverteringskanaal

Darmvlokken.

In welk deel van het spijsverteringskanaal van de mens komen darmvlokken voor?

Vertering van Vetten in het Spijsverteringsstelsel

Vetvertering.

In welk van onderstaande delen van het spijsverteringsstelsel van de mens worden vetten verteerd?

Eiwitsplitsende enzymen in de spijsvertering

Spijsvertering.
Zie figuur B 2497 van de bijlage.

Eiwitsplitsende enzymen worden gemaakt in

afbeeldingafbeelding

Begin van eiwitvertering in het lichaam

Spijsvertering.

Waar in het spijsverteringskanaal van de mens begint de vertering van eiwitten?

Spijsvertering van Anna's boterham met ei

Spijsvertering.

Anna eet een boterham met een gebakken ei.
Hieronder volgt een tweetal beweringen over de spijsvertering van Anna.

I. In haar maag worden enkele stoffen uit het ei verteerd.
II. In haar dunne darm worden enkele stoffen uit het ei verteerd.

Enzymen in het maagsap en hun functie

Spijsvertering.

In het maagsap van de mens bevindt zich een enzym voor de vertering van

Spijsvertering bij zoogdieren Q en R

Spijsvertering.

Van de zoogdieren Q en R is het volgende bekend:

1. zoogdier Q en zoogdier R zijn even groot,
2. zoogdier R heeft knobbelkiezen,
3. zoogdier Q heeft een darmkanaal dat drie keer zo lang is als het darmkanaal van zoogdier R.

Gebruikt Q voornamelijk plantaardig voedsel of dierlijk voedsel?
Heeft Q waarschijnlijk plooikiezen of waarschijnlijk knipkiezen?

afbeeldingafbeelding

Voedselgebruik van een onbekend zoogdier

Voedselgebruik zoogdier.

Iemand vindt in een bos een hem onbekend dood zoogdier.
Het dier heeft plooikiezen. Bovendien blijken de darmen van het dier erg lang te zijn in verhouding tot de lichaamslengte.

Welk voedsel zal het dier waarschijnlijk gegeten hebben?

Voedingsgewoonten van hermelijnen

Een hermelijn.

Een hermelijn heeft een relatief kort darmkanaal en scherpe, puntige kiezen.

Is het korte darmkanaal een aanwijzing dat hermelijnen van nature vleeseters zijn?
En zijn de scherpe, puntige kiezen ook zo'n aanwijzing?

Galproducerend orgaan in de buikholte

Spijsvertering.
Zie figuur B 731 van de bijlage.

De tekening geeft schematisch een dwarsdoorsnede van de buikholte van de mens weer. Enkele organen zijn getekend.

Welk cijfer geeft het orgaan aan dat gal produceert?

afbeeldingafbeelding