Oefentoets Biologie: Assimilatie | VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 1

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Assimilatie

Een praktische opdracht.
Zie figuur B 3128 van de bijlage.

Bij een praktische opdracht onderzoekt een leerlinge hoeveel zuurstof verschillende planten produceren. Ze gebruikt drie soorten planten en verschillende hoeveelheden licht.
De grafiek geeft haar resultaten weer.

Voor welke planten geldt bij het hele experiment: "hoe meer licht, hoe meer zuurstofproductie"?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie

Bladeren maken zuurstof.
Zie figuur B 4856 van de bijlage.

De reclamefotograaf heeft een blad van een plant voor het gezicht van het fotomodel geplakt. Hij weet namelijk dat bladeren zuurstof maken. Ook afgeplukte bladeren kunnen dat nog een tijdje.

Wanneer maakt dit blad zuurstof?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie

Proef met een plant.
Zie figuur A 1083 van de bijlage.

Een levende plant wordt 24 uur in het donker geplaatst en daarna wordt met één blad van deze plant een proef gedaan volgens de afbeelding hiernaast.
Na 2 uur worden 6 bladschijfjes met jodium behandeld.

Deze proef toont aan dat

afbeeldingafbeelding

Assimilatie

Planten in het licht.

Onder invloed van licht kunnen planten suikers en zuurstof produceren uit water en koolstofdioxide.

Hoe wordt dit proces genoemd?

Assimilatie

Stoffen in planten.

Enkele stoffen die bij planten en/of dieren voorkomen zijn: glucose, glycogeen, eiwit en vet.

Welke van deze stoffen komt of welke komen in cellen van een plant met bladgroen voor?

Dissimilatie

Koolstofdioxide.

Kunnen tomatenplanten en kleine dieren zelf koolstofdioxide vormen? Geef een verklaring voor je antwoord.

Assimilatie

Een weidegebied als ecosysteem.

Op aarde komen verschillende ecosystemen voor. Een weidegebied is een voorbeeld van een ecosysteem.
In een weidegebied komen onder andere de organismen voor die in de tabel hieronder zijn weergegeven.

afbeeldingafbeelding

Welke van de genoemde organismen in dit weidegebied leggen energie uit zonlicht vast?

Assimilatie

Aquarium.
Zie figuur B 1607 van de bijlage.

Ankie heeft een aquarium met twee goudvissen gekocht. Het aquarium is weergegeven in de afbeelding.
De aquariumlamp brandt 12 uur per dag. Ankie geeft de vissen goed te eten en toch gaan ze na een paar dagen dood. Van de biologieleraar krijgt zij het advies ook enkele planten in het aquarium te zetten.

Leg uit dat vissen in het aquarium mèt planten en voldoende licht meestal langer blijven leven dan zònder planten.

afbeeldingafbeelding

Assimilatie

Parasitaire planten.

Maretak en duivelsnaaigaren zijn plantensoorten die, om te kunnen leven, aangewezen zijn op andere planten. Ze leven op een andere plant en onttrekken daaraan stoffen.
De maretak leeft onder andere op populieren en appelbomen en onttrekt daaraan water en zouten. De maretak bezit bladgroen en heeft houtige stengels. De plant kan jaren oud worden.
Duivelsnaaigaren is een éénjarige plant die geen bladgroen bevat en die onder andere leeft op en van brandnetels en heideplanten. Hieraan worden water, zouten en assimilatieproducten onttrokken.

Kan de maretak zelf organische stoffen produceren of is dat niet uit de gegevens af te leiden?

Assimilatie

Korstmossen.

Korstmossen komen vooral voor op stenen, op takken en stammen van bomen, en op droge grond zoals heidegrond. Een korstmos bestaat uit schimmeldraden en ééncellige wieren.
Een korstmos neemt uit de omgeving uitsluitend water en zouten op. Glucose wordt door een korstmos zelf geproduceerd door fotosynthese.

Treedt er fotosynthese op in de schimmeldraden van een korstmos?
En in de wieren? Leg je antwoord uit.

Assimilatie

Vleesetende planten.

Vleesetende planten komen voor in een omgeving met weinig voedingszouten in de bodem. Zulke planten lokken, vangen, doden en verteren hun 'prooien'. Uit de verteerde prooien nemen ze voedingszouten op, zoals nitraten. In vleesetende planten treedt wèl fotosynthese op.

Welke energierijke stof maakt de plant door fotosynthese?

De stof [invulveld]

Assimilatie

Voedselrelaties.

Wordt in dierlijk plankton rechtstreeks energie uit zonlicht vastgelegd?
En in plantaardig plankton?

Assimilatie

De Waddenzee.

Op de bodem van de ondiepe delen van de Waddenzee leven veel wieren. Verder naar het noorden op de bodem van de Noordzee kunnen geen wieren leven.

Leg uit waardoor op de bodem van de diepere Noordzee wieren ontbreken.

Assimilatie

1/2 Het watervorkje.
Zie figuur B 4782 van de bijlage.

Het watervorkje is een groene waterplant.
Van de plant breken in een aquarium soms stukjes af. Deze stukjes groeien dan verder tot nieuwe plantjes.
In de afbeelding zie je een afbeelding van het watervorkje.

Als het aquarium in het licht staat, zie je belletjes uit het plantje komen.
Het gas in deze belletjes ontstaat bij de fotosynthese.

Welk gas is dat?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie

2/2 Het watervorkje.

Hoe plant het watervorkje zich voort volgens de informatie?

Assimilatie

Groeien als kool.
Zie figuur B 6936 van de bijlage.

Baby Jalien groeit als kool.
Koolplanten maken glucose bij de fotosynthese. Deze fotosynthese vindt plaats in de bladeren. Een blad neemt een gas op dat nodig is voor de fotosynthese.
Bij de fotosynthese wordt ook een gas gemaakt dat door het blad wordt afgegeven.

Hoe heet het gas dat wordt opgenomen?
En hoe heet het gas dat wordt afgegeven?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie

Een varkensfokkerij van de toekomst.

Op een varkensfokkerij worden plannen gemaakt voor plantenkassen naast de varkensstallen. De door de varkens uitgeademde lucht zal dan vanuit de stallen naar de kassen gevoerd worden. De plantengroei wordt hierdoor bevorderd.

Welk gas nemen de planten overdag uit de door de varkens uitgeademde lucht op? Leg uit dat door dit gas de planten beter groeien.

Assimilatie

Kenmerken van organismen.
Zie figuur B 1975 van de bijlage.

De afbeelding geeft drie verschillende organismen weer, die in Nederland voorkomen.

Kan door organisme 1 's winters in de vrije natuur zeker zuurstof worden gevormd?
En door organisme 2?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie

Waterranonkel.

Vindt in de bladeren boven water fotosynthese plaats?
En in de bladeren onder water?