Oefentoets Biologie: Mens-milieu - mest | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4

Deze oefentoets bevat 50 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

50

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Mens en Milieu

Gier verspreiden.

De overheid wil dat de varkenshouders minder gier (= vloeibare stalmest) verspreiden. Over de bedoelingen die de overheid heeft met deze vermindering worden twee beweringen gedaan:

1. Door minder gier te verspreiden neemt de hoeveelheid zure regen in Nederland af.
2. Door minder gier te verspreiden loopt de volksgezondheid minder gevaar; er komen dan minder mineralen uit de gier in het drinkwater terecht.

Welke van deze beweringen is of zijn juist?

Mens en Milieu

Gier.

Onder een varkensstal ligt een gierkelder waarin de uitwerpselen en urine van de varkens worden opgevangen en bewaard. De gier wordt in het voorjaar over de akkers verspreid. In de gier leven veel bacteriën. Onder andere door de activiteit van bacteriën wordt de gier geschikt om als mest over een akker te worden verspreid.

Welke activiteit van de bacteriën maakt de gier geschikt om over een akker te worden verspreid?

Mens en Milieu

Varkens.

Een boer heeft een bedrijf met 500 varkens. Hij gebruikt de mest van zijn varkens voor het bemesten van zijn maïsvelden. Vlak naast zijn bedrijf ligt ook een groot natuurgebied. Daar is vervuiling vastgesteld, afkomstig van zijn bedrijf. De boer wil het aantal varkens op zijn
bedrijf niet verminderen. Hij wil wel maatregelen nemen om de milieuvervuiling in het natuurgebied te verminderen. Daarvoor gebruikt hij al een speciale machine om de mest te verspreiden.

Noem nog twee maatregelen die deze boer kan nemen, om de vervuiling van het natuurgebied door de mest van zijn varkens te verminderen.

Mens en Milieu

1/22 Mest.

INFORMATIE 1 MEST EN VERVUILING
Mest is in Nederland een belangrijke bron van vervuiling. Daarom wordt op verschillende manieren geprobeerd de hoeveelheid mest, die in het milieu terechtkomt te beperken. Zo moet een boer voor de te veel geproduceerde mest van zijn bedrijf betalen.

INFORMATIE 2 BACTERIËN IN MEST
In mest zijn verschillende soorten bacteriën aanwezig.
Bacteriën kunnen stoffen uit mest onder andere omzetten in mineralen en in eiwitten.
Deze mineralen en eiwitten kunnen uit de mest worden gehaald en worden gebruikt.
Bacteriën in mest vermeerderen zich sneller als er zuurstof aan de mest wordt toegevoegd. Zonder zuurstof zetten bacteriën ook mest om. Dan ontstaat het brandbare gas methaan. Dit methaan is geschikt voor het opwekken van energie.

INFORMATIE 3 VOEDERCONVERSIE
Door varkens ander voer te geven dat ze beter kunnen verteren, vermindert de hoeveelheid mest. Een groter deel van het voer wordt dan omgezet in vlees. Op varkensbedrijven onderzoekt men hoe snel varkens groeien, die dat voer krijgen. Men bepaalt dan de hoeveelheid voedsel die nodig is om een varken 1 kg zwaarder te laten worden. Dit noemt men de voederconversie. Hoe lager de voederconversie hoe kleiner de hoeveelheid voer die nodig is.

Zie volgende scherm

Mens en Milieu

2/22 Mest.
Zie figuur A 705 van de bijlage.

INFORMATIE 4 EEN PROEF MET VERSCHILLENDE SOORTEN VOER
afbeeldingafbeelding

Bij een proef kregen twee groepen varkens verschillende soorten voer (Astrovoer en Standaardvoer). De twee groepen varkens kregen evenveel voer. In het diagram is de gewichtstoename van big tot slachtvarken van de twee groepen varkens weergegeven.

INFORMATIE 5 VERGELIJKING VAN TWEE VARKENSBEDRIJVEN
Men vergelijkt twee varkensbedrijven met elk plaats voor 1000 varkens. In bedrijf 1 wordt Astrovoer gebruikt, in bedrijf 2 Standaardvoer. De bedrijfsvoering en inrichting van beide bedrijven zijn verder gelijk. Zo krijgt een varken in beide bedrijven evenveel te drinken.
Wanneer slachtvarkens het eindgewicht hebben bereikt, worden de dieren naar het slachthuis afgevoerd. De boer heeft dan weer ruimte voor nieuwe biggen.
afbeeldingafbeelding

Zie volgende scherm


-

Mens en Milieu

3/22 Mest.

INFORMATIE 6 VARKENS
Zie figuur A 706 van de bijlage.

afbeeldingafbeelding

INFORMATIE 7 HET VARKENSGEBIT
Zie figuur B 2887 van de bijlage.


afbeeldingafbeelding

Zie volgende scherm

Mens en Milieu

4/22 Mest.

INFORMATIE 8 EEN VARKENSBEDRIJF
Zie figuur C 293 van de bijlage.


afbeeldingafbeelding

Zie volgende scherm

Mens en Milieu

5/22 Mest.

INFORMATIE 9 VOEDINGSMIDDELENTABEL MET ENIGE SOORTEN VARKENSVLEES

afbeeldingafbeelding

Zie volgende scherm

Mens en Milieu

6/22 Mest.

Theo doet een onderzoek naar bacteriën in mest. Hij vindt een ééncellig organisme met een celkern en een celwand.

Kan dit organisme een bacterie zijn? Zo nee, waarom niet?

Mens en Milieu

7/22 Mest.

In informatie 2 staat dat bacteriën mest kunnen omzetten onder andere in eiwitten en in mineralen.
Een leerling zegt hierover: de eiwitten en de mineralen zouden gebruikt kunnen worden voor bemesting van een voedergewas zoals maïs.

Kan een maïsplant eiwitten opnemen?
En mineralen?

Mens en Milieu

8/22 Mest.

De door bacteriën gemaakte eiwitten kunnen worden gebruikt. Daardoor wordt het milieu minder vervuild.

Leg uit waardoor het milieu dan minder vervuild raakt.

Mens en Milieu

9/22 Mest.

Om een grotere hoeveelheid eiwitten en mineralen uit mest te kunnen halen, wordt zuurstof aan de mest toegevoegd (zie informatie 2).

Leg uit waardoor na het mengen met zuurstof een grotere hoeveelheid eiwitten en mineralen uit mest kan worden gehaald.

Mens en Milieu

10/22 Mest.

Bij de verbranding van methaangas uit mest komt energie vrij.
Deze energie is afkomstig van de zon en via planten, varkens en bacteriën in het methaan terecht gekomen.

Leg in drie zinnen uit, dat deze energie indirect afkomstig is van de zon.
Doe het als volgt:

Zin 1: Planten...
Zin 2: Varkens...
Zin 3: Bacteriën...

Mens en Milieu

11/22 Mest.

Lees uit het diagram van informatie 4 af in welke van de aangegeven weken varkens met Standaardvoer het snelste in gewicht toenemen.

Hoeveel nemen ze dan per dag in gewicht toe?

Mens en Milieu

12/22 Mest.

Welke van de volgende beweringen over de invloed van de soorten voer op de groei van de varkens is juist?

I. Met Astrovoer groeien de varkens sneller dan met Standaardvoer.
II. In week 11 groeien de varkens bij beide voersoorten sneller dan in week 7.

Mens en Milieu

13/22 Mest.

Uit informatie 5 blijkt dat door het gebruik van Astrovoer bedrijf 1 gemiddeld per jaar meer varkens (2988) aflevert dan bedrijf 2 (2803).

Wat is hiervoor de verklaring? Licht je antwoord toe. Gebruik de getallen uit de tabel van informatie 5.

Mens en Milieu

14/22 Mest.

Astrovoer is duurder dan Standaardvoer. Maar bij Astrovoer levert een boer meer varkens af. Op deze manier verdient de boer geld terug, dat hij eerst uitgeeft aan het duurdere Astrovoer.

Vergelijk de bedrijven uit informatie 5 met elkaar en noem nog twee manieren waarop de boer geld terugverdient.

Mens en Milieu

15/22 Mest.

Uit informatie 3 blijkt dat een lage voederconversie gunstig is voor het bedrijf van de boer.

Leg uit waardoor een lage voederconversie gunstig is voor het bedrijf van de boer.

Mens en Milieu

16/22 Mest.

Een boer wil niets veranderen aan de manier waarop hij zijn varkens voert. Toch wil hij de opbrengst aan varkens van zijn bedrijf vergroten.

Door welke van de volgende maatregelen nemen de varkens op een mesterij sneller in gewicht toe?

1. De varkenshokken in de winter verwarmen.
2. De varkens in nauwe hokken zetten, waar ze zich nauwelijks kunnen bewegen.

Mens en Milieu

17/22 Mest.

Een boer beweert dat door het toevoegen van koolstofdioxide aan mest in plaats van zuurstof de vermeerdering van bacteriën kan worden bevorderd.

Beschrijf een werkplan van een onderzoek, waarmee je de bewering van de boer kunt onderzoeken.

Mens en Milieu

18/22 Mest.

Varkens zijn zoogdieren.

Noem twee uiterlijke kenmerken (zie informatie 6), waaraan je kunt zien dat varkens zoogdieren zijn.

Mens en Milieu

19/22 Mest.

Varkens eten naast plantaardig voedsel ook dierlijk voedsel.

Hebben varkens knip-, knobbel- of plooikiezen?

Mens en Milieu

20/22 Mest.

Varkensbedrijven veroorzaken verzuring doordat ammoniak uit mest in de lucht komt.
Door aanpassingen in de bedrijfsvoering wordt verzuring zo veel mogelijk beperkt.

Noem twee aanpassingen uit informatie 8 die het ontstaan van verzuring beperken.

Mens en Milieu

21/22 Mest.

Varkensvlees bevat in het algemeen een grotere hoeveelheid energierijke stoffen dan rundvlees.
Johan wil graag twee kilo afvallen, maar toch varkensvlees eten.

Welke soort varkensvlees uit informatie 9 kan hij dan het beste eten?

Het beste is [invulveld]

Mens en Milieu

22/22 Mest.

Jan en Guus hebben een discussie over het eten van varkensvlees.
Jan zegt: "Ik ben dol op spek. Omdat het nogal vet is, eet ik meestal ontbijtspek."
Guus zegt daarop: "Geef mij maar varkenshaas, dat levert tenminste niet zoveel energie op. Dat spek dat jij eet, levert bij dezelfde
hoeveelheid meer dan twee maal zoveel energie op als varkenshaas".
Jan zegt daarop: Daar geloof ik niks van, dat reken ik uit met behulp van de voedingsmiddelentabel".

Wie heeft er gelijk?
Licht je antwoord toe. Gebruik de getallen uit de tabel van informatie 8.

Mens en Milieu

1/2 Ammoniak.

In de tabel hieronder staan de hoeveelheden ammoniak die door veehouderijen in een aantal jaren werden uitgestoten.

afbeeldingafbeelding

Bereken voor de jaren 1990, 1991 en 1992 hoeveel minder de uitstoot van ammoniak was ten opzichte van 1989. Vul deze vermindering van de uitstoot hieronder in.

1990: [invulveld] miljoen kg
1991: [invulveld] miljoen kg
1992: [invulveld] miljoen kg

Mens en Milieu

2/2 Ammoniak.
Zie figuur A 425 van de bijlage.

Maak in een assenstelsel een staafdiagram van de vermindering van de uitstoot van ammoniak in de jaren 1990, 1991 en 1992. Zet de noodzakelijke gegevens bij de assen.

afbeeldingafbeelding

Mens en Milieu

1/5 Mestinjecteur.
Zie figuur B 2102 van de bijlage.

Overheid en boeren vinden de aantasting van ons milieu door mest een probleem. Men is op zoek naar maatregelen die de hoeveelheid mest en de schade veroorzaakt door mest, kunnen verminderen.
Voor veehouderijen gelden de volgende maatregelen:

- maatregel 1: het is verboden mest op het land te brengen in een bepaalde periode van het najaar en de winter;
- maatregel 2: mest die op een kale akker wordt gebracht, moet rechtstreeks in de bodem worden gewerkt met een mestinjecteur (zie de afbeelding).

Door welke van deze maatregelen wordt de hoeveelheid mest die ontstaat op de veehouderijen aanzienlijk verminderd?

afbeeldingafbeelding

Mens en Milieu

2/5 Mestinjecteur.

- maatregel 1: het is verboden mest op het land te brengen in een bepaalde periode van het najaar en de winter;
- maatregel 2: mest die op een kale akker wordt gebracht, moet rechtstreeks in de bodem worden gewerkt met een mestinjecteur.

Door maatregel 1 probeert men de grondwatervervuiling tegen te gaan. In de vroege zomer is het gevaar voor grondwatervervuiling door het verspreiden van mest kleiner dan in de winter, wanneer planten in een weiland niet groeien.

Leg uit waardoor in het voorjaar en in de zomer wel mest op een weiland kan worden gebracht en in de winter niet, als men het grondwater minder wil vervuilen.

Mens en Milieu

3/5 Mestinjecteur.

- maatregel 1: het is verboden mest op het land te brengen in een bepaalde periode van het najaar en de winter;
- maatregel 2: mest die op een kale akker wordt gebracht, moet rechtstreeks in de bodem worden gewerkt met een mestinjecteur.

Maatregel 2 leidt tot minder verzuring van de bodem in nabijgelegen natuurgebieden.

Leg uit waardoor dit komt.

Mens en Milieu

4/5 Mestinjecteur.

- maatregel 1: het is verboden mest op het land te brengen in een bepaalde periode van het najaar en de winter;
- maatregel 2: mest die op een kale akker wordt gebracht, moet rechtstreeks in de bodem worden gewerkt met een mestinjecteur.

Er zijn nog andere maatregelen die leiden tot minder verzuring van de bodem.

Noem nog een maatregel (anders dan de maatregelen 1 en 2) die een veehouder kan nemen om verzuring van de bodem te verminderen.

Mens en Milieu

5/5 Mestinjecteur.

Men probeert al jaren de hoeveelheid verzurende stof die door veehouderijen ontstaat te verminderen.
In de tabel hieronder staan de hoeveelheden verzurende stof die door veehouderijen ontstonden in een aantal jaren.

afbeeldingafbeelding

Maak in het assenstelsel een staafdiagram van de verzurende stof die door veehouderijen ontstond in de jaren 1989 -1992.
Zet er de noodzakelijke gegevens bij.

afbeeldingafbeelding

Mens en Milieu

1/4 Mest en het milieu.

Overheid en boeren vinden de aantasting van ons milieu door mest een probleem. Men is op zoek naar maatregelen die de hoeveelheid mest en de schade veroorzaakt door mest, kunnen verminderen.
Daarom gelden voor veehouderijen de volgende maatregelen:

- maatregel 1: het is verboden mest op het land te brengen in een bepaalde periode van het najaar en de winter,
- maatregel 2: veehouderijen zullen een volledig afsluitbare mestopslagplaats moeten hebben.
- maatregel 3: veehouderijen zullen een volledig afsluitbare mestopslagplaats moeten hebben.

Door welke van de drie genoemde maatregelen wordt de hoeveelheid mest die ontstaat op de veehouderijen aanzienlijk verminderd?

Mens en Milieu

2/4 Mest en het milieu.

Door de mest direct de bodem in te werken komt er minder van een vervuilend gas in de lucht terecht. Daardoor treedt er minder verzuring op van nabij gelegen natuurgebieden.

Wat is de naam van het vervuilende gas? Dit is [invulveld]

Mens en Milieu

3/4 Mest en het milieu.

- maatregel 1: het is verboden mest op het land te brengen in een bepaalde periode van het najaar en de winter,
- maatregel 2: veehouderijen zullen een volledig afsluitbare mestopslagplaats moeten hebben.
- maatregel 3: veehouderijen zullen een volledig afsluitbare mestopslagplaats moeten hebben.

Door maatregel 1 probeert men de grondwatervervuiling tegen te gaan. In de vroege zomer is het gevaar voor grondwatervervuiling door het verspreiden van mest kleiner dan in de winter, wanneer planten in een weiland niet groeien.

Leg uit waardoor in het voorjaar en in de zomer wel mest op een weiland kan worden gebracht en in de winter niet, als men het grondwater minder wil vervuilen.

Mens en Milieu

4/4 Mest en het milieu.

- maatregel 1: het is verboden mest op het land te brengen in een bepaalde periode van het najaar en de winter,
- maatregel 2: veehouderijen zullen een volledig afsluitbare mestopslagplaats moeten hebben.
- maatregel 3: veehouderijen zullen een volledig afsluitbare mestopslagplaats moeten hebben.

Maatregel 1 leidt tot minder zure neerslag in nabijgelegen natuurgebieden.

Noem hiervan de oorzaak.

Mens en Milieu

1/4 Mest verspreiden.
Zie figuur B 2102 van de bijlage.

In een krant stond het volgende artikel:

Om verdere verzuring van de bodem tegen te gaan, wordt het uitrijden van mest aan steeds meer regels gebonden. Op weilanden mag mest uitsluitend worden verspreid met behulp van bepaalde landbouwmachines, zoals de mestinjecteur die de mest direct in de bodem spuit (zie de afbeelding B 2012).

Volgens een rapport van een onderzoeker is deze techniek gunstig voor het milieu, maar schadelijk voor de weidevogels. Het milieuvriendelijk uitrijden van mest tijdens het broedseizoen heeft namelijk rampzalige gevolgen voor de weidevogels in Nederland. Weidevogels leggen hun eieren in een nest op de grond. Als mest uitsluitend wordt verspreid met deze machines, gaat tijdens het broedseizoen, vroeg in het voorjaar, 90 tot 100% van alle legsels in de weilanden verloren.

Door het gebruik van de speciale machines bij het uitrijden van de mest probeert men de verspreiding van een gasvormige, verzurende stof uit de mest tegen te gaan.

Welke gasvormige, verzurende stof is dat?



-

afbeeldingafbeelding

Mens en Milieu

2/4 Mest verspreiden.

Weidevogels broeden vroeg in het voorjaar.

Noem twee uitwendige prikkels die weidevogels in die periode kunnen aanzetten tot voortplantingsgedrag.

Mens en Milieu

3/4 Mest verspreiden.

De Vereniging Vogelbescherming Nederland wil graag een verbod op het verspreiden van mest in weilanden in het voorjaar. Tegen de mestverspreiding in de zomer heeft de vereniging minder bezwaar.

Verklaar waardoor het verspreiden van de mest in de zomer minder bezwaarlijk is.

Mens en Milieu

4/4 Mest verspreiden.

Een boer heeft een bedrijf met 500 varkens. Hij gebruikt de mest van zijn varkens voor het bemesten van zijn maïsvelden. Vlak naast zijn bedrijf ligt ook een groot natuurgebied. Daar is vervuiling vastgesteld, afkomstig van zijn bedrijf. De boer wil het aantal varkens op zijn bedrijf niet verminderen. Hij wil wel maatregelen nemen om de milieuvervuiling in het natuurgebied te verminderen. Daarvoor gebruikt hij al een speciale machine om de mest te verspreiden.

Noem nog twee maatregelen die deze boer kan nemen, om de vervuiling van het natuurgebied door de mest van zijn varkens te verminderen.

Mens en Milieu

1/2 Mest.

De tabel geeft een overzicht van de bijdrage aan de mestproductie en het mestoverschot in 1988 door de rundveehouderij en door de bio-industrie.

afbeeldingafbeelding

In de rundveehouderij lopen de koeien in de zomer meestal buiten en verbouwt de boer het voer voor de koeien meestal zelf. In de bio-industrie worden de dieren gehouden in binnenverblijven en koopt de boer het meeste voer voor de dieren.

Leg uit waardoor men in de bio-industrie meer mest overhoudt dan in de rundveehouderij.

Mens en Milieu

2/2 Mest.

Mest is onder andere schadelijk voor het milieu, omdat er ammoniak uit vrij komt.

Welk nadelig gevolg heeft ammoniak voor het milieu?

Mens en Milieu

1/2 Schapen.
Zie figuur C 158 van de bijlage.

Vroeger lagen op de droge zandgronden rondom veel dorpen in het oosten van Nederland uitgebreide heidevelden. Op deze heidevelden graasden overdag schapen. 's Avonds stonden deze schapen in een stal. Zie de afbeelding. Op de vloer van de stal lag stro. De poep van de schapen viel op het stro. In het voorjaar werd het mengsel van stro en poep op de akkers vlakbij de dorpen verspreid.
Door het houden van de schapen op deze manier bleef de bodem van de heidevelden arm aan mineralen, maar kon er van de akkers elk jaar geoogst worden.

Leg uit waardoor zo de bodem van de heidevelden arm bleef ‚n de bodem van de akkers verbeterd was.

afbeeldingafbeelding

Mens en Milieu

2/2 Schapen.

Op veel heidevelden verdwijnen tegenwoordig de heidestruiken en maken plaats voor graspollen. Een van de oorzaken van deze verandering is milieuverontreiniging veroorzaakt door de mens.

Welke van de volgende vormen van milieuverontreiniging is vooral de oorzaak van het verdwijnen van de heidestruiken?

Mens en Milieu

1/2 Verzuring.

Verzuring van het milieu wordt vooral veroorzaakt door gassen zoals ammoniak, stikstofoxide en zwaveldioxide.

Welk van deze afvalgassen is voornamelijk afkomstig uit de veeteelt?

Mens en Milieu

2/2 Verzuring.

Een gevolg van verzuring is dat de wortelharen van planten worden aangetast. Dat heeft nadelen voor de plant.

Noem zo'n nadeel.

Mens en Milieu

1/3 Een varkensfokkerij van de toekomst.

De bio-industrie levert grote nadelen op voor het milieu, onder andere als gevolg van een mestoverschot. Door maatregelen te treffen probeert men de overlast voor het milieu zo veel mogelijk te beperken.
Op een varkensfokkerij wordt onderzoek gedaan naar de afvoer en de verwerking van de varkensmest. Mest is een mengsel van ontlasting en urine. Ureum uit de urine wordt in de mest omgezet in ammoniak.
Bouw en werking van de organen van een varken komen overeen met die van de mens.
Ureum is een afvalstof die door de lever wordt afgegeven aan het bloed.

Door welk orgaan of door welke organen in het lichaam van een varken wordt ureum uit het bloed verwijderd?
Door de [invulveld]

Mens en Milieu

2/3 Een varkensfokkerij van de toekomst.

In deze varkensfokkerij worden de ontlasting en de urine van de varkens gescheiden afgevoerd. In speciale installaties wordt de ureum uit de urine door bacteriën omgezet in stikstofgas. Hierdoor komt er geen ammoniak meer vrij in de lucht.

Welke vorm van aantasting van het milieu wordt hierdoor verminderd?

Mens en Milieu

3/3 Een varkensfokkerij van de toekomst.

Op de varkensfokkerij worden plannen gemaakt voor plantenkassen naast de varkensstallen. De door de varkens uitgeademde lucht zal dan vanuit de stallen naar de kassen gevoerd worden. De plantengroei wordt hierdoor bevorderd.

Welk gas nemen de planten overdag uit de door de varkens uitgeademde lucht op? Leg uit dat door dit gas de planten beter groeien.

Mens en Milieu

Milieubeleid van de overheid.

De overheid vraagt veehouders in Oost-Nederland niet teveel mest te verspreiden over hun weilanden. Teveel mest geeft ongewenste effecten voor mens en dier.

Welk ongewenst effect is dat vooral?

Door veel mest te verspreiden