Identificatie van een zoogdier
Zoogdier.
Zie figuur B 5699 van de bijlage.
Welk zoogdier is hiernaast afgebeeld?
Dit is de
.
afbeelding
Ontdek de digitale toets over zoogdieren, bacteriën, en de anatomie van dieren, gericht op leerlingen die hun kennis van biologie willen testen en verdiepen. Deze toets bevat diverse vragen over identificatie, beweging, en de groei van organismen. - 20 vragen
20
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
VWO 1, VWO 2, VWO 3
NVON
cc-by-sa-40
Zoogdier.
Zie figuur B 5699 van de bijlage.
Welk zoogdier is hiernaast afgebeeld?
Dit is de
.
afbeelding
Bacteriën.
Hebben bacteriën ook ontlasting?
Naaktslakken.
Hoe bewegen naaktslakken zich?
Ademhaling bij insecten.
Zie figuur B 5702 van de bijlage.
In de afbeelding is een deel van het ademhalingsstelsel van een insect getekend.
Hoe heet onderdeel P?
afbeelding
Hoornlaag.
Bij veel gewervelde dieren komt een hoornlaag op de huid voor.
Welk gewerveld dier heeft niet zo'n hoornlaag op zijn huid?
Steekmug.
Als je een steekmug dood slaat, zie je vaak een rode vlek.
Is dat het bloed van de mug?
Leg uit waarom wel of niet.
Vissenkop.
Zie figuur B 5703 van de bijlage.
Bekijk de afbeelding van een vissenkop.
Sleep de juiste woorden in de rechter kolom achter de cijfers 1 t/m 4 in de linker kolom.
afbeelding
Haaien determineren 1
Zie figuur B 5704 van de bijlage.
Zie figuur B 5705 van de bijlage.
Haaien worden in acht groepen ingedeeld (zie de determineertabel van haaien hieronder).
In afbeelding B 5704 zijn kenmerken van haaien weergegeven. Met behulp van deze kenmerken en de tabel hieronder kun je haaien determineren.
In afbeelding B 5705 is een haai getekend.
afbeelding
Bepaal met behulp van de determineertabel tot welke groep deze haai behoort.
Noteer de stappen die je maakt in de determineertabel.
-
afbeelding
afbeelding
Haaien determineren 2
Zie figuur B 5704 van de bijlage.
Zie figuur B 5706 van de bijlage.
Haaien worden in acht groepen ingedeeld (zie de determineertabel van haaien hieronder).
In afbeelding B 5704 zijn kenmerken van haaien weergegeven. Met behulp van deze kenmerken en de tabel hieronder kun je haaien determineren.
In afbeelding B 5706 is een haai getekend.
afbeelding
Bepaal met behulp van de determineertabel tot welke groep deze haai behoort.
Noteer de stappen die je maakt in de determineertabel.
afbeelding
afbeelding
1/2 Kevers.
Zie figuur B 5723 van de bijlage.
De meeste kevers hebben twee paar vleugels, om te vliegen en om de kever te beschermen.
Met welke vleugels kunnen zij vliegen?
afbeelding
2/2 Kevers.
Zie figuur B 5723 van de bijlage.
Een goliathkever weegt ongeveer 100 gram en past net in je hand.
Kevers kunnen niet groter worden dan 30 cm.
Wat zal de meest waarschijnlijke reden zijn dat er geen grotere kevers zijn, ook niet in warme gebieden?
afbeelding
Celdeling.
Bacteriën delen zich bij gunstige omstandigheden iedere 20 minuten.
Hoeveel bacteriën zijn er uit één bacterie ontstaan na 3 uur en 20 minuten?
Dat zijn er .
1/2 Ordening.
Welke groep organismen hoort niet in dit rijtje thuis?
Dat zijn de .
2/2 Ordening.
Welk dier hoort niet in dit rijtje thuis?
Dat is de .
Varens en mossen.
Hoe heten de speciale cellen van varens en mossen die loslaten van de plant en waaruit nieuwe planten kunnen groeien?
Die heten .
Voortplanting.
Vogelbekdieren zijn eierleggende zoogdieren. Zij zogen hun jongen, maar leggen eieren in plaats van jongen te baren.
Bij de eierleggende zoogdieren ontbreken een of meer organen die bij 'gewone' zoogdieren wel voorkomen.
Drie organen worden genoemd:
1. de baarmoeder
2. de eileiders
3. de placenta (moederkoek)
Kruis het nummer of de nummers aan van organen die ontbreken bij de eierleggende zoogdieren.
1/2 Bacteriegroei.
Tijdens een onderzoeksproject werd een bepaalde bacteriesoort opgekweekt op voedingsbodems van agar, bij een constante temperatuur. De voedingsbodems bevatten verschillende concentraties van een vitamine. Op iedere voedingsbodem werd een gelijk aantal bacteriën geplaatst en gedurende één week werd de grootte van de groeiende kolonies bepaald.
De resultaten staan in de tabel hieronder.
afbeelding
De variabele in dit experiment is
2/2 Bacteriegroei.
afbeelding
Welke van de volgende beweringen zou een juiste conclusie kunnen zijn bij dit onderzoek?
Bloedafbraak.
Zie figuur B 3136 van de bijlage.
In de afbeelding zijn drie soorten cellen weergegeven die in het verteringskanaal van een mens kunnen voorkomen.
Welke tekening geeft een bacterie weer?
Tekening
afbeelding
Schimmels.
Welke van de volgende twee beweringen over de bouw van een cel van een schimmel is juist?
1. Een cel van een schimmel heeft een celkern.
2. Rond een cel van een schimmel bevindt zich een celwand.