Oefentoets Biologie: Celleer | VWO 1/VWO 2/VWO 3 | variant 1

Deze oefentoets bevat 19 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

19

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 1, VWO 2, VWO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Celleer

Celeigenschappen.

Gegeven de volgende feiten:

1. de cellen hebben een membraan,
2. de cellen hebben geen vacuolen,
3. de cellen bezitten geen bladgroenkorrels,
4. de cellen bezitten geen celwanden,
5. de cellen zijn ongeveer rechthoekig.

Welke van deze eigenschappen gelden voor een aardappelcel?

Celleer

Celeigenschappen.

Plantaardige cellen bevatten meer vocht dan dierlijke cellen, omdat

Celleer

Plantaardige cel.
Zie figuur B 3378 van de bijlage.

In de afbeelding is een plantaardige cel schematisch getekend.

Hoe heet het onderdeel dat is aangegeven met nummer 1?
En hoe heet het onderdeel dat is aangegeven met nummer 2?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Celleer

Celeigenschappen.

I. Cellen uit het slijmvlies van je wangen bevatten bladgroenkorrels.
II. Uienrokvliescellen hebben een celmembraan.

Celleer

Een belangrijk verschil.

Een belangrijk verschil tussen een plantaardige cel en een dierlijke cel is:

Celleer

Microscopisch preparaat.
Zie figuur B 2089 van de bijlage.

In de afbeelding is een microscopisch preparaat getekend.

Stelt de afbeelding een bacterie voor, een deel van een dier of een deel van een plant?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Groei plantencel.

Bij deling en groei van een plantencel kunnen de volgende processen worden onderscheiden: celdeling, celstrekking en plasmagroei.

In welke volgorde beginnen deze processen?

Celleer

Dierlijke cel.

Zie figuur B 1356 van de bijlage.

In de afbeelding is een dierlijke cel schematisch getekend.

Noteer de namen van de genummerde onderdelen.

afbeeldingafbeelding
  • kernmembraan
  • kern
  • cytoplasma
  • celmembraan
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4

Celleer

Microscopische foto van een uiencel.

afbeeldingafbeelding

Welke celonderdelen horen bij de nummers?

  • celkern
  • celwand
  • cytoplasma
  • vacuole
  • celmembraan
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4

Celleer

Celfuncties.

Geef de functies van de volgende celonderdelen:

cytoplasma
celmembraan
celkern (2x)
vochtblaasje
celorgaantjes

Celleer

Tekening dierlijke cel.

Teken een dierlijke cel met namen.

Celleer

Tekening plantencel.

Teken een volwassen plantencel met namen.

Celleer

Verschillen tussen plantencel en dierlijke cel.

Wat zijn drie verschillen tussen een plantencel en een dierlijke cel?

Biologie algemeen

4/6 Wetenschappelijk onderzoek.

SLECHTE PILSLIKKERS

Het hoge aantal tienermoeders in Groot-Brittannië is niet uitsluitend het gevolg van schaamte om advies in te winnen, zoals lange tijd is gedacht. Uit een onderzoek van de Universiteit van Nottingham is gebleken dat 37,5 procent van de Britse tienermoeders zwanger wordt hoewel ze de pil voorgeschreven hebben gekregen.
Driekwart van de 240 ondervraagden heeft in het jaar voor de zwangerschap aan de huisarts informatie gevraagd over anticonceptie. De helft van hen kreeg vervolgens de pil voorgeschreven, zeggen de onderzoekers.[...]

(Trouw, 19 augustus 2000).

Zie volgende scherm

Celleer

Transport door een cel.

Als je planten en dieren gaat bestuderen valt op dat ze uit één of meer cellen bestaan.
Een aantal onderdelen van cellen is je bekend: celwand, cytoplasma, celmembraan, bladgroenkorrel, kern.
Cellen wisselen soms onderling stoffen uit. Indien een voedingsstof in een dier van het cytoplasma van de ene cel naar het cytoplasma van de andere cel gaat, passeert het de buitenste lagen van die twee cellen.

Wat is achtereenvolgens de juiste volgorde van passeren van die buitenste lagen?

Celleer

Afmetingen.

Rangschik de begrippen in de rechter kolom van groot (1) naar klein (6).

1. virus
2. menselijke eicel
3. eiwitmolecuul
4. wesp
5. watermolecuul
6. nier van volwassen mens

  • virus
  • menselijke eicel
  • eiwitmolecuul
  • wesp
  • watermolecuul
  • nier van volwassen mens
  • 1.
  • 2.
  • 3.
  • 4.
  • 5.
  • 6.

Celleer

Planten en dieren.
Zie figuur A 1018 van de bijlage.

Zowel planten als dieren hebben weefsels en organen.
In de afbeelding is een cel uit een plantaardig weefsel schematisch weergegeven.
Enkele delen zijn met letters aangegeven.

Welke twee letters geven delen aan die ook aangetroffen kunnen worden in dierlijk weefsel?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Boomalg.
Zie figuur B 4559 van de bijlage.

Op bomen kom je soms een groenige, vochtige laag tegen. Deze laag bestaat uit boomalgen. Boomalgen zijn eencellige plantjes.

Heeft een boomalg cytoplasma?
En heeft een boomalg een celmembraan?

afbeeldingafbeelding

Celleer

Het nijlpaard.
Zie figuur B 4589 van de bijlage.

Een nijlpaard eet grasplanten.

Kunnen de afgebeelde cellen afkomstig zijn van een grasplant?
En kunnen deze cellen afkomstig zijn van een nijlpaard?

afbeeldingafbeelding