Oefentoets Biologie: Voortplanting - mens_embryonale ontwikkeling | HAVO 4/HAVO 5

Deze oefentoets bevat 23 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

23

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voortplanting

Klievingen na de vorming van de zygote.

Op een bepaald moment vindt bij een vrouw ovulatie plaats.
Vervolgens wordt bij deze vrouw een eicel bevrucht.

Vindt de eerste deling na de vorming van de zygote plaats in de baarmoeder, in een eierstok of in een eileider?

Voortplanting

Voortplantingscellen na reductiedeling.

Hoeveel voortplantingscellen ontstaan bij een vrouw uit één diploïde cel door een reductiedeling?
En hoeveel bij een man?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Reductiedeling.

In welk van de onderstaande organen komt reductiedeling voor?

Voortplanting

Meiose.

In welk of in welke van de volgende organen van zoogdieren vindt meiose plaats?

Voortplanting

Testis en ovarium.

Een testis van een volwassen man wordt vergeleken met een ovarium van een volwassen vrouw. Beide organen nemen uit het bloed stoffen op die nodig zijn voor de vorming van celkernmateriaal.

Welk van beide organen zal per dag per gram weefsel het meeste van deze stoffen opnemen?
Worden deze stoffen gebruikt voor de vorming van celkernen die ontstaan bij meiose?
En voor celkernen die ontstaan bij mitose?

Voortplanting

1/2 Een testisbuisje.
Zie figuur B 1403 van de bijlage.

In de afbeelding is schematisch een doorsnede van een deel van de testis van een volwassen man weergegeven.
De doorsnede van een testisbuisje is volledig zichtbaar.

Vindt in zo'n testisbuisje alleen meiose plaats, alleen mitose of vinden beide typen deling plaats?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/2 Een testisbuisje.
Zie figuur B 1403 van de bijlage.

Hebben hormonen uit de hypofyse invloed op de weefsels zoals weergegeven in de afbeelding B 1403?
En hormonen uit de testis zelf?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

1/3 Embryonale ontwikkeling van de mens.
Zie figuur B 1377 van de bijlage.

In de afbeelding is schematisch een embryo weergegeven en een deel van de baarmoeder waarin het zich bevindt.
Op een bepaald moment van de embryonale ontwikkeling heeft dit embryo zich ingenesteld in de baarmoederwand.

Na hoeveel dagen vanaf het moment van de bevruchting begint de innesteling van een zich ontwikkelend embryo gewoonlijk?

Na [invulveld] dagen

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/3 Embryonale ontwikkeling van de mens.
Zie figuur B 1377 van de bijlage.

Tijdens de verdere embryonale ontwikkeling ontstaan de vruchtvliezen. In de afbeelding zijn drie vliezen met cijfers aangegeven.

Uit welk of welke van deze vliezen ontwikkelen zich de vruchtvliezen?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

3/3 Embryonale ontwikkeling van de mens.
Zie figuur B 1377 van de bijlage.

De in de afbeelding aangegeven vlokken hebben gezamenlijk een zeer groot oppervlak.

Noem twee functies van deze vlokken voor het embryo.

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

1/4 Transparante lichaamsschijf.
Zie figuur B 3794 van de bijlage.

In Duitsland heeft prof. dr. Günther von Hagens een nieuwe techniek ontwikkeld om lichamen of delen van lichamen te conserveren. Door een speciale behandeling met kunststof kunnen preparaten van drie millimeter dikke schijven van organen en zelfs van een compleet lichaam gemaakt worden. Het resultaat is een transparante doorsnede.
In de afbeelding is zo'n transparante doorsnede door een foetus van zeven maanden te zien. Drie onderdelen zijn hierin met een cijfer aangegeven.

Welke combinatie geeft de juiste namen van deze delen aan?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/4 Transparante lichaamsschijf.

De foetus is omgeven door vruchtwater. Het vruchtwater beschermt de foetus onder andere tegen uitdroging.

Noem nog een risico waartegen het vruchtwater bescherming biedt.

Voortplanting

3/4 Transparante lichaamsschijf.

In het begin van de zwangerschap kan bij een vruchtwaterpunctie een beetje vruchtwater worden opgezogen.

Leg uit hoe uit onderzoek aan dit vruchtwater kan blijken dat het syndroom van Down aanwezig is bij het embryo.

Voortplanting

4/4 Transparante lichaamsschijf.

Vruchtwateronderzoek is een vorm van prenatale diagnostiek.

Noem een andere vorm van prenatale diagnostiek.

Voortplanting

1/3 In de baarmoeder.
Zie figuur A 171 van de bijlage.

De afbeelding stelt schematisch een stadium voor van de ontwikkeling van een embryo in het baarmoederslijmvlies van een vrouw.

Wanneer in de ontwikkeling doet dit stadium zich voor?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/3 In de baarmoeder.
Zie figuur A 171 van de bijlage.

In deel 1 ontwikkelen zich bloedvaten.

Zullen deze bloedvaten bloed bevatten van het embryo, van de vrouw of van beiden?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

3/3 In de baarmoeder.
Zie figuur A 171 van de bijlage.

Wat bevindt zich op plaats 2?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

1/3 Het ongeboren kind.
Zie figuur A 136 van de bijlage.

De afbeelding toont een doorsnede van een deel van de placenta met een deel van de navelstreng bij een zwangere vrouw.
In het bloed in de bloedruimte komen onder andere de volgende stoffen voor:

1. aminozuren,
2. antistoffen,
3. hemoglobine.

Welke van deze stoffen kan of welke kunnen, door de wand van de bloedvaten heen, uit de bloedruimte worden opgenomen in het bloed van het ongeboren kind?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/3 Het ongeboren kind.

Welk koolhydraat wordt uit de bloedruimte opgenomen in het bloed van het ongeboren kind?

Voortplanting

3/3 Het ongeboren kind.

Is de zuurstofconcentratie van het bloed in de bloedruimte lager dan, gelijk aan of hoger dan die van het bloed in de navelstrengslagaders?

Voortplanting

1/3 Uitwisseling van stoffen in de placenta.
Zie figuur A 441 van de bijlage.

Een ongeboren kind is met de moeder verbonden door de navelstreng en placenta. De afbeelding geeft dit schematisch weer.

Welke van de stoffen aminozuren, eiwitten, hormonen, calciumionen, ureum en zuurstof bevinden zich in het bloed in een navelstrengader?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/3 Uitwisseling van stoffen in de placenta.

Men vergelijkt de hoeveelheid voedingsstoffen in het bloed in verschillende bloedvaten in de navelstreng.

Is het gehalte aan voedingsstoffen in het bloed van een navelstrengslagader lager dan, gelijk aan of hoger dan dat in het bloed van de navelstrengader?

Voortplanting

3/3 Uitwisseling van stoffen in de placenta.
Zie figuur A 441 van de bijlage.

Als een vrouw tijdens haar zwangerschap medicijnen gebruikt, kunnen deze een negatieve invloed hebben op de ontwikkeling van het kind.

Op welke van de in de afbeelding aangegeven plaatsen Q, R, S of T vindt opname plaats van deze medicijnen in het bloed van het kind?

afbeeldingafbeelding