Oefentoets Biologie: Voeding - ziektes | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 2

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voeding

1/5 Maag-darmkanker.

In de plooien aan de binnenkant van de maagwand komen bacteriën voor. Deze bacteriën kunnen daar maagzweren veroorzaken. Vermoedelijk hebben ze ook iets met het ontstaan van kanker te maken.
Maagdarmkanker komt in de westerse wereld steeds minder voor.
Men vermoedt dat dit te maken heeft met het feit dat men meer producten eet met veel vezels en zetmeel. Er wordt ook beweerd dat vitamine C maagdarmkanker tegengaat.

Over het belang van vezels voor het verteringskanaal doen twee leerlingen een uitspraak.

Arjen: Door de vezels trekken de spieren in de wand van de darmen sterker samen.
Jos: De vezels zijn gemakkelijk te verteren.

Wie doet een juiste uitspraak?

Voeding

2/5 Maag-darmkanker.

Vier gerechten zijn:
gerecht 1: 100 g gebakken vis met een lepel botersaus;
gerecht 2: 100 g salade van ijsbergsla, tomaten en radijs met slasaus:
gerecht 3: 100 g spaghetti met tomatensaus, hamblokjes en kaas;
gerecht 4: 100 g chocoladevla met slagroom.

Welk van deze gerechten heeft het hoogste vezelgehalte?

Voeding

3/5 Maag-darmkanker.

Wanneer bepaalde stoffen uit het voedsel lang kunnen inwerken op een plaats in het verteringskanaal, wordt daar de kans op kanker vergroot.

Verklaar waardoor veel darmperistaltiek de kans op maagdarmkanker verkleint.

Voeding

4/5 Maag-darmkanker.

Iemand vraagt jou wat hij uit een aantal mogelijkheden moet kiezen om te eten om zoveel mogelijk vitamine C binnen te krijgen.

Welke twee van de onderstaande zes mogelijkheden moet je dan adviseren?

- een appel
- twee eieren
- een sinaasappel
- twee sneden brood
- 100 g mager vlees
- 200 mL yoghurt

Voeding

5/5 Maag-darmkanker.

Chantal wil een maaltijd met een zo hoog mogelijk vezelgehalte en een zo hoog mogelijk zetmeelgehalte. Zij heeft de keuze uit de volgende vier gerechten:

gerecht 1: 100 g gebakken vis met een botersaus;
gerecht 2: 100 g salade van ijsbergsla, tomaten en radijs met slasaus;
gerecht 3: 100 g spaghetti met 100 g saus van hamblokjes, tomaten en kaas;
gerecht 4: 100 g chocoladevla met slagroom.

Welke twee gerechten kan Chantal dan het beste kiezen?

Spijsvertering

1/4 Dikke-darmpoliep.

Een poliep is een uitstulping van het slijmvlies. Slijmvlies is een weefsel dat aan de binnenkant van het spijsverteringskanaal zit.

Wat is een weefsel?

Spijsvertering

2/4 Dikke-darmpoliep.
Zie figuur B 3427 van de bijlage.

In de afbeelding is een doorsnede van een darm weergegeven.

Op welke plaats bevindt zich het slijmvlies?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

3/4 Dikke-darmpoliep.
Zie figuur A 817 van de bijlage.

Vooral bij oudere mensen komen poliepen in de dikke darm voor.
In de afbeelding is het spijsverteringskanaal van een mens weergegeven.

Met welke letter is de dikke darm aangegeven?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

4/4 Dikke-darmpoliep.

Soms ontwikkelen darmpoliepen zich tot kwaadaardige gezwellen. Vezelrijke voeding beschermt tegen deze gezwellen.

Een vezelrijk voedingsmiddel is

Voeding

Voedingsvezels.

Een van de adviezen van het Voorlichtingsbureau voor de Voeding (VoVo) is: 'Eet volop voedingsvezel.'
Iemand wil dit advies ter harte nemen.

Wat kan zij dan het beste eten, plantaardige of dierlijke voedingsmiddelen?

Voeding

Voedingsstoffen.

Sommige voedingsstoffen hebben als speciale functie ervoor te zorgen dat je gezond blijft.

Hoe noemen we deze voedingsstoffen?

Voeding

De voeding van een kind.

In onderstaande tabel staat hoeveel een kind van 8 jaar gemiddeld per dag van bepaalde voedingsstoffen nodig heeft.
Ook is vermeld hoeveel Els, een kind van 8 jaar, gedurende lange tijd gemiddeld per dag van deze stoffen opneemt.
afbeeldingafbeelding

Els gaat na enige tijd over vermoeidheid klagen. De dokter stelt vast dat ze bloedarmoede heeft.

Wat zou, op grond van de tabel, de oorzaak kunnen zijn?




-

Voeding

Beweringen.

I. Beri-beri is een, in alle landen veel voorkomende ziekte, door gebrek aan vitamine B.
II. Scheurbuik, door gebrek aan vitamine C, komt bijna niet meer voor.

Voeding

Beweringen.

I. Rachitis kwam veel voor onder kinderen in Engeland tijdens de Industriële Revolutie.
II. Nachtblindheid, door gebrek aan vitamine A, gaat altijd over in een blijvende blindheid.

Voeding

Zomergriep.

Een informatiecentrum op voedingsgebied schat dat er in Nederland jaarlijks ongeveer 35 mensen overlijden aan voedselvergiftiging door bacteriën.
In de zomer komen de meeste gevallen van voedselvergiftiging voor. De mensen noemen het vaak "zomergriep".

Waardoor komt voedselvergiftiging in de zomer vaker voor dan in de winter?

Voeding

1/3 Engelse ziekte.

Bij een onderzoek in een land met voedselaanvoerproblemen bleek een aantal kinderen last te hebben van Engelse ziekte.
Dit is een stoornis in de botgroei, waarbij de botten van vooral de benen de neiging hebben door te buigen.
Door een tekort aan vitamine D kan een groep belangrijke stoffen, waaruit bot is opgebouwd, niet goed uit de voeding in het bloed worden opgenomen.

Om welke groep voedingsstoffen gaat het hier?

Voeding

2/3 Engelse ziekte.

Bij een onderzoek in een land met voedselaanvoerproblemen bleek een aantal kinderen last te hebben van Engelse ziekte.
Dit is een stoornis in de botgroei, waarbij de botten van vooral de benen de neiging hebben door te buigen.
Door een tekort aan een bepaalde vitamine kan kalk, waaruit bot is opgebouwd, niet goed uit de voeding in het bloed worden opgenomen.

Bij de kinderen met Engelse ziekte is dat bepaalde vitamine onvoldoende in het voedsel en/of het lichaam aanwezig.

Om welk vitamine gaat het hier?

Voeding

3/3 Engelse ziekte.

Bij een onderzoek in een land met voedselaanvoerproblemen bleek een aantal kinderen last te hebben van Engelse ziekte.
Dit is een stoornis in de botgroei, waarbij de botten van vooral de benen de neiging hebben door te buigen.
Door een tekort aan een bepaalde vitamine kan de belangrijkste groep stoffen, waaruit bot is opgebouwd, niet goed uit de voeding in het bloed worden opgenomen.

Bij de kinderen met Engelse ziekte zijn dat bepaalde vitamine en de groep belangrijkste stoffen onvoldoende in het voedsel en/of het lichaam aanwezig.

Om welk vitamine gaat het hier?
Welke is die belangrijke stof?

afbeeldingafbeelding




-

Voeding

Engelse ziekte.

Bij een onderzoek bleek een aantal kinderen last te hebben van Engelse ziekte.
Dit is een stoornis in de botgroei, waarbij de botten van vooral de benen de neiging hebben door te buigen.
Door een tekort aan vitamine D kan een belangrijke stof, waaruit bot is samengesteld, niet goed uit de voeding worden opgenomen.
Vier belangrijke groepen van voedingsstoffen zijn: eiwitten, kalkzouten, koolhydraten en vetten.
Bij de kinderen met Engelse ziekte wordt één van deze groepen stoffen niet goed vanuit de darmen in het lichaam opgenomen.

Welke van deze groepen voedingsstoffen wordt bij hen niet goed opgenomen?

Voeding

"Zieke organen".

In een artikel staat het volgende:
Als de werking van organen vermindert, is dat meestal goed te merken.
Zo kunnen geheugenproblemen ontstaan bij mensen van wie bepaalde delen van de hersenen onvoldoende werken.
Bij anderen komen teveel giftige stoffen, zoals alcohol en medicijnen, in het bloed voor.
De oorzaak is dat zulke stoffen in het lichaam niet meer goed worden afgebroken.

Drie organen zijn: de alvleesklier, de lever en de maag.

In welk van deze organen vindt deze afbraak vooral plaats?