Oefentoets Biologie: Plantenanatomie | HAVO 4/HAVO 5 | variant 9

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Plantenfysiologie

Schimmels en bomen.

In de natuur bestaat tussen schimmels en bomen vaak een samenleving met wederzijds voordeel.
De schimmel bevindt zich dan in en om de wortels van de boom.

Hieronder staat een aantal mogelijkheden vermeld over de bron waaruit schimmel en boom organische en anorganische voedingsstoffen voor hun stofwisseling kunnen betrekken.

1. organische stoffen zijn uit de boom afkomstig.
2. organische stoffen zijn uit de schimmel afkomstig.
3. anorganische stoffen zijn uit de boom afkomstig.
4. anorganische stoffen zijn uit de schimmel afkomstig.
5. anorganische stoffen zijn uit de grond afkomstig.

Welke van de onderstaande combinaties kan men verwachten bij bovenstaande samenleving?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Bremraap en ratelaar.
Zie figuur B 1995 van de bijlage.

Bremraap is een parasiet die aan de wortels van een gastheerplant organische en anorganische stoffen onttrekt. Ratelaar is een halfparasiet die aan de wortels van een gastheerplant vrijwel alleen anorganische stoffen onttrekt.
Bij één van de planten komt bladgroen voor.

Bij bremraap of bij ratelaar?
Zal bij bremraap of bij ratelaar het merendeel van de wortels in hout van de gastheerplant groeien?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Brandnetel en warkruid.
Zie figuur B 1114 van de bijlage.

Tekening 1 van de afbeelding geeft een deel van een Brandnetel (een zaadplant) weer. Om de stengel van deze Brandnetel windt zich warkruid. Warkruid is een zaadplant met een parasitaire leefwijze. Het heeft geen wortels in de bodem. Het heeft geen bladgroen en dringt met speciale structuren (haustoria) de stengel van de brandnetel binnen. Daar onttrekt warkruid stoffen aan de gastheer.
In tekening 2 van de afbeelding is een dwarsdoorsnede van de stengel van de brandnetel en van het warkruid getekend. Een weefsel is met P aangegeven.

Onttrekt de parasiet alleen anorganische, alleen organische of beide typen stoffen aan de Brandnetel?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Maretak.
Zie figuur B 1619 van de bijlage.

Maretak is een halfparasitaire plant die op loofbomen groeit. De zuigwortels van de maretak onttrekken stoffen aan de boom. In de groene delen van deze halfparasiet vindt fotosynthese plaats.

Welke stoffen onttrekt maretak vooral aan de boom?
En uit welke vaten?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Transport van zouten in plant.

Over het transport van zouten vanuit de grond naar de houtvaten in de wortel van een plant wordt het volgende beweerd:

1. Voor dit proces is zuurstof nodig.
2. De snelheid van dit transport hangt af van de temperatuur.

Is bewering 1 juist?
En bewering 2?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Verdamping en bloeding bij planten.

Van drie even grote planten die in het licht staan, wordt gedurende één uur de verdamping gemeten. Vervolgens worden de stengels vlak boven de grond afgesneden en wordt onder dezelfde omstandigheden gemeten hoeveel bloeding in één uur optreedt. Bloeding is het vrijkomen van vocht uit het afgesneden deel met wortels, de wortelstomp. De resultaten zijn:

afbeeldingafbeelding

Welke van onderstaande conclusies is uit deze gegevens te trekken?



-

Plantenfysiologie

Transport door houtvaten.

Door houtvaten van bomen kan suiker worden getransporteerd.

In welk jaargetijde kan een dergelijk transport vooral worden verwacht en in welke richting vindt het dan plaats?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede van blad.
Zie figuur B 343 van de bijlage.

De tekening stelt schematisch een doorsnede van een blad voor.

Via welke van de aangegeven plaatsen heeft een bladluis de grootste kans voldoende voedsel op te zuigen?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Actief transport bij planten.

Over actief transport bij planten worden drie uitspraken gedaan:

1. Bij actief transport wordt energie verbruikt,
2. Opgeloste stoffen kunnen actief door een celmembraan heen getransporteerd worden,
3. Het transport van water van de ene naar de andere cel is meestal actief.

Welke uitspraak is of welke uitspraken zijn juist?

Plantenfysiologie

Transport van water en zouten.

De wortels van een zaadplant verbruiken zuurstof voor de instandhouding van het transport van water en zouten naar de bladeren.

Welk van de volgende processen, die bij het transport van water en zouten een rol spelen, wordt het eerst beïnvloed door een daling van het zuurstofgehalte in de bodem?

Plantenfysiologie

Doorsnede van stengel.
Zie figuur A 176 van de bijlage.

De afbeelding geeft een deel van een dwarsdoorsnede van een stengel van een zaadplant weer.

Heeft worteldruk direct invloed op het transport door P, of door S of door beide?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Dennentak.
Zie figuur B 1115 van de bijlage.

Uit een afgezaagde dennentak wordt een stukje gesneden zoals in tekening 1 van de afbeelding is weergegeven. De structuur van dit stukje is in tekening 2 schematisch getekend.
Toen de tak nog aan de boom zat, zijn door deze tak water en zouten naar de naalden vervoerd.

Onder invloed van welke krachten zijn water en zouten naar de naalden vervoerd?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede van een wortel.
Zie figuur B 470 van de bijlage.

De afbeelding stelt schematisch een dwarsdoorsnede van een wortel van een jonge boom voor.

Vindt transport van zouten door de wortel naar de stengel plaats in het deel dat is aangegeven met 1, met 2 of met 3?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede van een wortel.
Zie figuur B 470 van de bijlage.

De afbeelding stelt schematisch een dwarsdoorsnede van een wortel van een jonge boom voor.
Twee typen transportprocessen zijn actief transport en diffusie.

Door welk of door welke van deze processen komen zouten vanuit het bodemwater in de houtvaten?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Potplant met ringwond.
Zie figuur B 467 van de bijlage.

Bij een onderzoek naar het transportsysteem van een overblijvende potplant worden van de stengel de buitenste lagen en de bast in een ring tot op het hout weggesneden. In de afbeelding geeft de letter H het hout aan en de letter B de buitenste lagen en de bast.
Als gevolg van deze behandeling treden de volgende veranderingen in de plant op:

1. De verdamping van water uit de bladeren wordt groter dan de wateraanvoer naar de bladeren.
2. Het transport van anorganische stoffen via de houtvaten in de stengel neemt af.
3. De hoeveelheid opgeloste organische stoffen in de bastvaten van de wortel neemt af.
4. De opname van zouten door de wortel neemt af.

Welke van deze veranderingen treedt het eerste op?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Zonnebloem.

In een levende zonnebloem vindt transport plaats van zouten uit een houtvat naar de vacuole van een aangrenzende parenchymcel.

Door welk proces gaan deze zouten door het celmembraan van de parenchymcel?

Plantenfysiologie

Doorsnede van een wortel.
Zie figuur B 616 van de bijlage.

De tekening stelt voor een dwarsdoorsnede van een wortel.

Vindt van 1 naar 2 de opname van ionen door een actief proces plaats?
Kan van 3 naar 4 de doorgifte van water door een actief proces plaatsvinden?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Stek van plant in gekleurd water.

De celmembranen van een bepaalde plant laten een bepaalde kleurstof niet door. Een stek van die plant, zonder wortels, wordt in een oplossing van deze kleurstof gezet. De stek neemt met water ook de kleurstof op. Zodra de kleurstof zich in een blad van de stek heeft verspreid, wordt een preparaat van dit blad gemaakt.
De volgende delen worden onderzocht op de aanwezigheid van de kleurstof:

1. cytoplasma van bastvaten,
2. vacuolen van bladmoescellen,
3. celwanden van bladmoescellen,

In welk deel of in welke delen wordt de kleurstof aangetroffen?

Plantenfysiologie

Experiment met appelboom.
Zie figuur B 605 van de bijlage.

De bovenste tekening stelt een tak voor die aan een appelboom zit. De appels bevinden zich nog in een groeistadium. Op de plaatsen R en S is de bast rondom tot op het cambium weggehaald. Ook zijn de bladeren tussen R en S weggehaald.

Hoe zullen na enige weken ten gevolge hiervan de appels in de onderste vier tekeningen eruit zien?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Experiment met potplant.
Zie figuur B 1287 van de bijlage.

De tekening geeft een proefopstelling weer. De stengel van de plant in de pot is afgesneden en op het snijvlak is een buis gemonteerd waarin vocht kan opstijgen, dat uit de afgesneden stengel komt.
Om goed te kunnen waarnemen hoe hoog dit vocht stijgt, is een kleine hoeveelheid gekleurde olie in de buis gebracht. Het transport van stoffen door de houtvaten kan verschillende oorzaken hebben.

Welke oorzaak wordt in het bijzonder met behulp van deze opstelling gedemonstreerd?

afbeeldingafbeelding