Oefentoets Biologie: Voortplanting | VWO 1/VWO 2/VWO 3 | variant 22

Deze digitale toets richt zich op biologie en behandelt onderwerpen zoals voortplanting, afkortingen als AIDS en IVF, en de levenscyclus van planten. Geschikt voor studenten en geïnteresseerden in de biologie, biedt deze toets inzicht in belangrijke concepten en processen binnen de levenswetenschappen. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 1, VWO 2, VWO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Betekenis van de afkorting AIDS

De afkorting AIDS.

Geef de betekenis van de letters van de afkorting AIDS?

Kans op een tweeling bij IVF-behandeling

Kans op een tweeling na een IVF-behandeling.

De kans op een tweeling is ongeveer 1%.
Maar na een IVF-behandeling is die kans ongeveer 13%.

Waarom is die kans 13 keer groter?

Voortplanting en bijbehorende processen

Invulvragen over de voortplanting.

Beantwoord de volgende vragen.

Waar in het voortplantingsstelsel van een man worden zaadcellen gevormd? [invulveld]
Welk deel van het voortplantingsstelsel van een vrouw is vooral gevoelig voor seksuele prikkels? [invulveld]
Hoe heet het vrijkomen van een eicel uit een eierstok? [invulveld]
Waar in het voortplantingsstelsel van een vrouw vindt bevruchting van een eicel plaats? [invulveld]
Hoe wordt de methode van geboorteregeling genoemd, waarbij een man en een vrouw geen geslachtsgemeenschap hebben in de vruchtbare periode? [invulveld]
Hoe worden samentrekkingen van spieren van de baarmoederwand vlak voor de geboorte genoemd? [invulveld]

Vragen over voortplanting en geslachtskenmerken

16 (on)juist vragen over de voortplanting.
Zie figuur B 1198 van de bijlage.

Geef aan of de volgende beweringen juist zijn of onjuist.

1. Een pasgeboren jongetje heeft andere geslachtskenmerken dan een pasgeboren meisje.
2. Een volwassen persoon heeft zowel primaire als secundaire geslachtskenmerken.
Zie figuur B 1198 van de bijlage.
3. In de afbeelding is een primair geslachtskenmerk getekend.
4. Bij meisjes is de vagina een secundair geslachtskenmerk.
5. Iemand die zich aangetrokken voelt tot personen van het andere geslacht noemen we homoseksueel.
6. De temperatuur in de balzak is gemiddeld hoger dan de temperatuur in de buikholte.
7. Bij een zaadlozing komt het sperma met schokken uit de penis.
8. Als een jongen of meisje zelf zorgt voor een orgasme, spreken we van zelfbevrediging.
9. Een van de functies van de vagina is het vervoeren van eicellen.
10. Een zaadcel bevat meer reservevoedsel dan een eicel.
11. We spreken van bevruchting als er bij geslachtsgemeenschap sperma in de vagina van de vrouw terechtkomt.
12. Een eicel kan slechts door één zaadcel worden bevrucht.
13. Direct na de bevruchting vindt de innesteling plaats.
14. De eerste weken van de zwangerschap zorgt het baarmoederslijmvlies voor de voeding van het embryo.
15. In de placenta mengt het bloed van de moeder zich met het bloed van het embryo.
16. Een zeer betrouwbare methode van geboorteregeling is het dagelijks innemen van de 'pil' door de vrouw.

afbeeldingafbeelding

Naamgeving van het mannelijk voortplantingsstelsel

Het voortplantingsstelsel van een man getekend.
Zie figuur A 253 van de bijlage.

In de afbeelding is het voortplantingsstelsel van een man schematisch getekend.

Noteer de namen van de genummerde delen.

1: [invulveld]
2: [invulveld]
3: [invulveld]
4: [invulveld]
5: [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Benaming van het vrouwelijk voortplantingsstelsel

Het voortplantingsstelsel van een vrouw getekend.
Zie figuur B 1199 van de bijlage.

In de afbeelding is het voortplantingsstelsel van een vrouw schematisch getekend.

Noteer de namen van de genummerde delen.

1: [invulveld]
2: [invulveld]
3. [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Functie van baarmoedersamentrekkingen tijdens menstruatie

Menstruatiepijn.

De menstruatiecyclus wordt geregeld door een ingewikkeld samenspel van hormonen. Tijdens de menstruatie trekt de baarmoeder zich regelmatig samen. Dat samentrekken kan pijn geven. Het is vergelijkbaar met het samentrekken bij de geboorteweeën.

Noem een functie van het samentrekken van de baarmoeder tijdens de menstruatie.

Betekenis van de afkorting IVF

1/3 IVF.

Wat betekent de afkorting IVF?

Toepassing van IVF bij onvruchtbaarheid

2/3 IVF.

Wanneer wordt IVF toegepast?

Fasen van een IVF-behandeling

3/3 IVF.

Uit welke vier fasen bestaat een IVF-behandeling?

Betekenis van de afkorting PIGD

1/2 PIGD

Wat betekent de afkorting PIGD?

Uitvoering van PIGD bij bevruchte cellen

2/2 PIGD

Hoe voert men PIGD uit?

Voortplanting bij tulpen: geslachtelijk en ongeslachtelijk

(On)geslachtelijke voortplanting bij tulpen.
Zie figuur B 1093 van de bijlage.

Tulpen zijn bolgewassen die in het voorjaar bloeien. In Nederland worden veel tulpenbollen gekweekt voor de verkoop. In figuur B 1093 van de bijlage is een bloeiende tulp weergegeven.

Kunnen tulpen zich geslachtelijk voortplanten?
En ongeslachtelijk?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Levenscyclus van de Oost-Indische kers

Levenscyclus van Oost-Indische kers.
Zie figuur B 3457 van de bijlage.

In de afbeelding is de levenscyclus van Oost-Indische kers weergegeven.

Juist of onjuist?

Een Oost-Indische kers is een éénjarige plant: .

afbeeldingafbeelding

Floravervalsing en de impact op planten

Floravervalsing.

Bij floravervalsing (floravervuiling)

Faunavervalsing en de gevolgen voor ecosystemen

Faunavervalsing.

De problemen door faunavervalsing ontstaan doordat

Kiemrust bij Planten en Zaden

Kiemrust

Kiemrust is

Kieming van tomatenzaden en conclusies

Kiemende tomatenzaden.

Een tomatenzaadje kiemt wanneer het door een varken is uitgepoept. Zaadjes die in de winkel zijn gekocht kiemen ook.

Welke conclusie kan worden getrokken?

Kieming van bessenzaden en vogelpoep

Kiemende bessenzaden.

Een bessenzaadje kiemt wanneer het door een vogel is uitgepoept. Bessenzaadjes die in vogelpoep zijn gestopt kiemen niet.

Welke conclusie kan worden getrokken?

Verspreiding van vruchten en zaden

Verspreiding van vruchten en zaden.
Zie figuur B 3451 van de bijlage.

Op welke manieren worden de vruchten en zaden van de afbeelding verspreid?

afbeeldingafbeelding