Postduiven.
Postduiven leveren bij een wedstrijdvlucht over grote afstanden een enorme prestatie, zeker als zo'n vlucht non-stop wordt afgelegd. Een voorbeeld van zo'n vlucht is de wedstrijd van Barcelona terug naar Nederland. Verbazingwekkend was de ontdekking dat de massa voor en na de vlucht weinig veranderd was. Uit onderzoek bleek dat duiven de vliegenergie uit hun vetreserve betrekken. Men bepaalde de verhouding tussen het aantal molecule gevormd (afgegeven) koolstofdioxide en het aantal moleculen opgenomen zuurstof.
Een zeer nauwkeurige bepaling van dit respiratoir quotiënt voor de dissimilatie van het duivenvet leverde een waarde op van 0,7272.
Indien wordt aangenomen dat er geen waterverlies optreedt tijdens de vlucht (bijvoorbeeld door verdamping of excretie), hoe groot is dan de massaverandering in mg per mol ingeademde zuurstof? Rond af op 1 decimaal.
Gegeven: atoommassa C = 12,0 en atoommassa O = 16,0.
[invulveld]