Oefentoets Biologie: Ademhaling - Algemeen | VMBO theoretische leerweg, 4

Deze digitale toets over ademhaling en spieractiviteit is gericht op leerlingen in het voortgezet onderwijs en bevat vragen over de werking van ademhalingsorganen, gaswisseling en de impact van ademhalingsproblemen zoals astma en slaap-apneu. - 54 vragen

Aantal vragen

54

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Ademhaling en Spieractiviteit

1/4 Ademhaling.
Zie figuur B 3521 van de bijlage.

In de afbeelding is het bovenlichaam van de mens met een doorsnede van de ademhalingsorganen
schematisch getekend. De afbeelding geeft de situatie weer tijdens een diepe inademing.

Zijn tijdens deze diepe inademing de middenrifspieren samengetrokken?
En zijn er tussenribspieren samengetrokken?

afbeeldingafbeelding

Koolstofdioxidegehalte in de lucht

2/4 Ademhaling.

Waar is het koolstofdioxidegehalte van de lucht het hoogst, bij 1, bij 3 of bij 4?

afbeeldingafbeelding

Versteviging van ademhalingsbuizen

3/4 Ademhaling.

Is buis 2 verstevigd met kraakbeen?
En buis 3?

afbeeldingafbeelding

Trilhaarcellen in buis 2 en 3

4/4 Ademhaling.

Komen trilhaarcellen voor in buis 2?
En in buis 3?

afbeeldingafbeelding

Ademhalingsorganen en hun functies

Ademhalingsorganen.
Zie figuur B 3521 van de bijlage.

Geef antwoord door 'juist' of 'onjuist' te typen.

1. In de afbeelding is het bovenlichaam van de mens met een doorsnede van de ademhalingsorganen schematisch getekend. De afbeelding geeft de situatie weer tijdens een diepe inademing.

Tijdens deze diepe inademing zijn de middenrifspieren samengetrokken. [invulveld]

Tijdens deze diepe inademing zijn er tussenribspieren samengetrokken. [invulveld]

Buis 2 is verstevigd met kraakbeen. [invulveld]

In buis 3 komen trilhaarcellen voor. [invulveld]

Het koolstofdioxidegehalte van de lucht is bij 4 hoger dan bij 1. [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Gaswisseling en koolstofassimilatie bij planten

1/3 Gaswisseling.

Bij allerlei processen in organismen worden gassen verbruikt en komen gassen vrij. Het opnemen en afstaan van deze gassen wordt gaswisseling genoemd.

Welk van de volgende gassen wordt door een plant vooral opgenomen tijdens de koolstofassimilatie?

Ademhaling: Juist of Onjuist?

Ademhaling: 9 Juist of onjuist vragen.
Zie figuur B 3519 van de bijlage.

Vul in: juist of onjuist.

1. Bij het pantoffeldiertje vindt gaswisseling plaats via het celmembraan. [invulveld]

2. Stekelbaarsjes verversen het water in de kieuwen door pompende bewegingen te maken met de kieuwbogen. [invulveld]

3. Bij zoogdieren is de huid ondoorlaatbaar voor gassen. [invulveld]

4. In ingeademde lucht is het percentage stikstof hoger dan in uitgeademde lucht. [invulveld]

5. Uitgeademde lucht bevat zuurstof. [invulveld]

6. Bij het inademen door de neus wordt de ingeademde lucht vochtiger dan bij het inademen door de mond. [invulveld]

7. Bij hoesten beweegt het middenrif omlaag. [invulveld]

8. Bronchitis en longemfyseem zijn twee van de ziekten die tegenwoordig worden aangeduid met CARA. [invulveld]

9. In de fijne teerdruppeltjes in sigarettenrook komen kankerverwekkende stoffen voor. [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Juist of onjuist over ademhaling

Ademhaling: 9 Juist of onjuist vragen.
Zie figuur B 3509 van de bijlage

Vul in: juist of onjuist.

1. Ingeademde lucht bevat een grotere hoeveelheid waterdamp dan uitgeademde lucht. [invulveld]

2. Ingeademde lucht bevat koolstofdioxide. [invulveld]

3. Als je door je neus inademt, wordt de ingeademde lucht gezuiverd door het reukzintuig en de stembanden. [invulveld]

4. Zie figuur B 3509 van de bijlage.

In de afbeelding zijn de huig en het strotklepje getekend tijdens het slikken. [invulveld]

5. Een CARA-patiënt kan contact met dieren maar beter vermijden. [invulveld]

6. De fijne teerdruppeltjes in sigarettenrook vormen een laagje aan de binnenkant van de longblaasjes. [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Functie van de huig tijdens ademhalen en slikken

2/2 De huig.

Wat is daarbij de functie van de huig?

Functie van hemoglobine in bloedcellen

1/5 Een longblaasje.
Zie figuur B 787 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een longblaasje met een haarvat van een mens voor.
De pijlen geven de stroomrichting van het bloed aan.

Deel 1 bevat hemoglobine.

Wat stelt deel 1 voor?

afbeeldingafbeelding

Astma-aanval en luchtwegvernauwing

1/4 Astma.

Bij een astma-aanval haalt een patiënt piepend adem. Dit wordt veroorzaakt door een vernauwing in een deel van de luchtwegen. De vernauwing is een reactie op prikkels uit de omgeving. Hieronder staan twee beweringen over gebeurtenissen tijdens een astma-aanval:

1. tijdens een astma-aanval zijn de kringspieren in de kleine luchtwegen ontspannen;
2. het verversen van de lucht in de longen gaat tijdens een astma-aanval slechter dan normaal.

Welke van deze beweringen is of welke zijn juist?

afbeeldingafbeelding

Ademhalingsspieren bij in- en uitademing

In- en uitademing.
Zie figuur B 2490 van de bijlage.

De tekeningen stellen voor de borstkas van de mens na een diepe uitademing en na een diepe inademing.

Welke van de spieren, die een rol spelen bij de ademhaling, worden gewoonlijk samengetrokken bij de overgang van 1 naar 2?

afbeeldingafbeelding

Ademhaling en functies van de luchtwegen

Ademhaling bij de mens.

Hieronder volgen vier beweringen die verband houden met de ademhaling van de mens.

1. Slijmvlies in de neus vangt stofdeeltjes op.
2. Trilharen in de luchtpijp dienen voor verwarming van de binnenstromende lucht.
3. Kraakbeen om de luchtpijp dient voor het openhouden ervan.
4. Via de wand van de longblaasjes vindt gaswisseling plaats.

Welke van deze beweringen zijn juist?

Ademhaling en gaswisseling bij de mens

Ademhaling.

Bevinden zich bij de mens de spieren die ademhalingsbewegingen veroorzaken in de longblaasjes?
Vindt er bij gaswisseling uitscheiding plaats van overtollige en/of schadelijke stoffen?

afbeeldingafbeelding

Gaswisseling bij Organismen

Gaswisseling.

Bij alle organismen komt gaswisseling voor.

Zijn er organismen die de huid en de longen tegelijk kunnen gebruiken voor de gaswisseling?
Zijn er organismen die zuurstof kunnen opnemen zonder ademhalingsbewegingen te maken?

afbeeldingafbeelding

Functie en werking van de longen

De longen.

Drie beweringen over de longen van de mens zijn:

1. via de longen wordt koolstofdioxide afgegeven,
2. via de longen wordt waterdamp afgegeven,
3. de cellen van de longen verbruiken zuurstof.

Welke van deze beweringen zijn juist?

Organen die na de geboorte functioneren

Na de geboorte.

Welk(e) van de volgende organen van een kind begint (beginnen) pas te werken nadat het geboren is?

Effect van lucht op brandende kaarsen

Brandende kaarsen.
Zie figuur B 1771 van de bijlage.

In elk van twee afgesloten ruimten met lucht bevindt zich een kaars (zie figuren).
Het volume van beide ruimten is gelijk. De kaarsen worden aangestoken.

Wat zal er dan gebeuren?

afbeeldingafbeelding

Ademhaling en duikcapaciteit van zoogdieren

Ademhaling bij dieren.

Is bij zoogdieren de huid doorlaatbaar voor gassen of ondoorlaatbaar?
Welke dieren kunnen het langst in zee op een diepte van 20 meter blijven zwemmen?

afbeeldingafbeelding

Vissen en ademhaling bij mensen

Vissen en mensen.

Hoe verversen stekelbaarsjes het water in de kieuwen?
Waardoor wordt de ingeademde lucht vooral verwarmd, als je door je neus inademt?

afbeeldingafbeelding

Ademhaling en gaswisseling in de longen

Ademhaling.

Wanneer wordt de ingeademde lucht vochtiger, als je door je mond inademt of als je door je neus inademt?
Waardoor kan in de longen van een mens de gaswisseling snel plaatsvinden?

afbeeldingafbeelding

Effect van gassen op kalkwater

Kalkwater.

In twee reageerbuizen bevindt zich helder kalkwater. Door het kalkwater in buis 1 wordt zuurstof geleid; door het kalkwater in buis 2 wordt uitgeademde lucht geleid.

Zal het kalkwater in buis 1 troebel worden?
En het kalkwater in buis 2?

afbeeldingafbeelding

Troebelheid van kalkwater in luchtopstellingen

Kalkwater.
Zie figuur B 382 van de bijlage.

Kamerlucht en uitgeademde lucht worden elk door kalkwater geleid.

In welke opstelling wordt het kalkwater het eerst troebel?

afbeeldingafbeelding

Effect van gassen op kalkwater

Kalkwater.

In drie reageerbuizen bevindt zich helder kalkwater.

Door het kalkwater in buis 1 wordt uitgeademde lucht geleid.
Door het kalkwater in buis 2 wordt zuurstof geleid.
Door het kalkwater in buis 3 wordt koolstofdioxide geleid.

In welke buis of buizen zal het kalkwater troebel worden?

Koolstofdioxide in uitgeademde lucht

Kalkwater.
Zie figuur B 1893 van de bijlage.

De afbeelding stelt een proef voor waarbij lucht door kalkwater wordt geblazen. Als men de lucht met een fietspomp door kalkwater blaast, blijft het kalkwater lange tijd helder (tekening 1). Als men lucht met de mond door kalkwater blaast, wordt het kalkwater snel troebel (tekening 2).

Welke van de onderstaande conclusies uit deze proef is juist?

afbeeldingafbeelding

Aantonen van koolstofdioxide in oplossingen

Koolstofdioxide aantonen.

In een biologielokaal staan de volgende oplossingen:

1. joodoplossing,
2. kalkwater,
3. zetmeeloplossing.

Leerlingen krijgen de opdracht in uitgeademde lucht koolstofdioxide aan te tonen.

Welke van deze oplossingen kunnen ze daarvoor gebruiken?

Effect van Stof P op Kalkwater

Proef met muis.
Zie figuur B 1797 van de bijlage.

Een muis wordt in een proefopstelling gebracht (zie tekening). Stof P haalt alle CO2 uit de lucht.

Wordt het kalkwater in fles 1 troebel?
En in fles 2?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Kalkwater en koolstofdioxide in proefopstellingen

Kalkwater.
Zie figuur B 1893 van de bijlage.

In de afbeelding zijn twee proefopstellingen weergegeven waarbij lucht door kalkwater wordt geleid. In proefopstelling 1 wordt lucht met een fietspomp door kalkwater geblazen. In proefopstelling 2 ademt een persoon lucht uit door kalkwater.

In welke proefopstelling wordt het kalkwater het eerst troebel en waardoor?

afbeeldingafbeelding

Kalkwater en gasuitwisseling bij ademhaling

Kalkwater.
Zie figuur B 3516 van de bijlage.

Twee erlenmeyers zijn gedeeltelijk gevuld met kalkwater (zie de afbeelding). Via een slangetje wordt gedurende enkele minuten in- en uitgeademd. Bij rustig inademen borrelt de lucht door het kalkwater in erlenmeyer 2, bij rustig uitademen door het kalkwater in erlenmeyer 1. De pijlen geven de richting van ingeademde en uitgeademde lucht aan.

In welke erlenmeyer wordt het kalkwater het eerst troebel en waardoor?

afbeeldingafbeelding

Gaswisseling bij verbranding in cellen

Gassen in cellen.
Zie figuur B 1897 van de bijlage.

In de afbeelding stellen de schema's 1 en 3 de opname van een gas in een cel voor. De schema's 2 en 4 stellen de afgifte van een gas uit een cel voor.

Welke twee schema's geven samen de gaswisseling bij verbranding in een cel weer?

afbeeldingafbeelding

Gaswisseling bij planten

Planten.

Een plant kan zuurstof opnemen uit de omgeving en koolstofdioxide afstaan aan de omgeving.

Hoe wordt dit proces genoemd?

Koolstofdioxide en het menselijk lichaam

Koolstofdioxide.

Bij de verbranding van glucose in de lichaamscellen van de mens ontstaat onder andere koolstofdioxide.

Deze koolstofdioxide verlaat het lichaam vooral via

Zuurstofverbruik van muizen in bakken

Vier muizen in een bak.
Zie figuur B 381 van de bijlage.

Vier even grote muizen bevinden zich in afgesloten bakken met lucht. Muizen hebben energie nodig om hun lichaamstemperatuur constant te houden.
De temperatuur in de bakken 1 en 3 is 5°C.
De temperatuur in de bakken 2 en 4 is 20°C.
De muizen in de bakken 1 en 2 slapen.
De muis in de bak 3 is net zo actief als die in bak 4.

In welke bak neemt waarschijnlijk het zuurstofgehalte het snelst af?

afbeeldingafbeelding

Ademhalingsfrequentie onder verschillende omstandigheden

Ademhaling.

Een zittende volwassene blijkt 12 maal per minuut adem te halen.
Onder drie verschillende omstandigheden heeft men geteld hoe vaak deze persoon ademhaalt:

in situatie 1 : 6 maal per minuut;
in situatie 2 : 12 maal per minuut;
in situatie 3 : 24 maal per minuut.

Welke omstandigheden horen bij deze situaties?

afbeeldingafbeelding

Verbranding: Vul de ontbrekende stoffen in

1/2 Zuurstofopname.

Het bloed neemt zuurstof op uit de lucht die je inademt. Zuurstof is nodig voor de verbranding.
Hieronder is de verbranding in een schema weergegeven.

(P) + zuurstof ® (Q) + water (+ energie)

Wat moet bij P en bij Q ingevuld worden om het schema volledig te maken?

P = [invulveld]
Q = [invulveld]

Delen van het ademhalingsstelsel

2/2 Zuurstofopname.
Zie figuur B 4407 van de bijlage.

Voordat zuurstof wordt opgenomen, passeert de ingeademde lucht een aantal delen van het ademhalingsstelsel.
In de afbeelding zijn enkele delen van het ademhalingsstelsel met een letter aangegeven.

Hoe heet het deel dat is aangegeven met de letter R?
En hoe heet het deel dat is aangegeven met de letter S?

R = [invulveld]
S = [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Slaap-apneu en ademhalingspatronen

1/4 Slaap-apneu.

Als iemand tijdens het slapen langer dan 10 seconden stopt met ademhalen, wordt dit een slaap-apneu genoemd.
Komt zo'n ademstilstand elke nacht vaker dan 10-15 keer per uur voor, dan heeft dat schadelijke gevolgen voor de gezondheid. Slaap-apneu ontstaat meestal doordat tijdens de slaap bepaalde spieren ontspannen. Hierdoor zakken zachte weefsels in de wand van de keelholte uit. Door de zuigende werking van de longen worden de luchtwegen dan geblokkeerd. De ademhaling stopt secondenlang tot zelfs enkele minuten en de slaper wordt wakker door zuurstofgebrek. Hij ademt dan plotseling diep in, onder het maken van een snurkend geluid.

Ontstaat het blokkeren van de luchtwegen bij slaap-apneu vooral tijdens het inademen of vooral tijdens het uitademen?

Ademhalingsveranderingen bij slaap-apneu

2/4 Slaap-apneu.

Als een apneu-patiënt door zuurstofgebrek wakker wordt, ademt hij plotseling diep in.

Hoe veranderen tijdens dit inademen de buikspieren en het middenrif?

Percentage apneu-patiënten van 55 jaar of ouder

3/4 Slaap-apneu.
Zie figuur B 4422 van de bijlage.

Ongeveer 50.000 mensen in Nederland hebben last van slaap-apneu. Door slaapgebrek zijn ze altijd moe en door zuurstofgebrek kan schade ontstaan aan hart, hersenen en andere organen.
Het diagram geeft de leeftijdsverdeling weer van apneu-patiënten in Nederland.

Hoeveel procent van de apneu-patiënten in Nederland is 55 jaar of ouder? Leg je antwoord met een berekening uit.

afbeeldingafbeelding

Aantal apneu-patiënten in Nederland

4/4 Slaap-apneu.
Zie figuur B 4422 van de bijlage.

Ongeveer 50.000 mensen in Nederland hebben last van slaap-apneu. Door slaapgebrek zijn ze altijd moe en door zuurstofgebrek kan schade ontstaan aan hart, hersenen en andere organen.
Het diagram geeft de leeftijdsverdeling weer van apneu-patiënten in Nederland.

Hoe groot is het aantal apneu-patiënten in de groep van 45 t/m 54 jaar volgens de gegevens? Leg je antwoord met een berekening uit.

afbeeldingafbeelding

Functie van Buis Q in het Ademhalingsstelsel

1/6 Ademhalingsstelsel.
Zie figuur B 3165 van de bijlage.

In de afbeelding is onder andere een deel van het ademhalingsstelsel weergegeven.

Wat stroomt via buis Q afwisselend een long in en uit?

afbeeldingafbeelding

Zuurstofrijk of zuurstofarm bloed in bloedvat P?

2/6 Ademhalingsstelsel.
Zie figuur B 3165 van de bijlage.

Stroomt door bloedvat P zuurstofrijk of zuurstofarm bloed? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Bloedstroom naar het hart

3/6 Ademhalingsstelsel.
Zie figuur B 3165 van de bijlage.

Het bloed in bloedvat R stroomt naar het hart toe.

In welk deel van het hart komt dit bloed als eerste terecht?

afbeeldingafbeelding

Weefseltype van luchtpijpringen

4/6 Ademhalingsstelsel.

In de wand van de luchtpijp bevinden zich ringen.

Uit welk type weefsel zijn deze ringen voornamelijk opgebouwd?

Functie van trilharen in de luchtpijp

5/6 Ademhalingsstelsel.
Zie figuur B 3166 van de bijlage.

De binnenzijde van de luchtpijp is bedekt met slijmvlies.

Wat is de functie van de trilharen in dit slijmvlies?

afbeeldingafbeelding

Samenstelling van Ingeademde en Uitgeademde Lucht

6/6 Ademhalingsstelsel.
Zie figuur B 3167 van de bijlage.

Bij een proefpersoon wordt de samenstelling van de ingeademde en de uitgeademde lucht vergeleken. Voor drie gassen: koolstofdioxide, stikstof en zuurstof, zijn de resultaten in een willekeurige volgorde weergegeven in het staafdiagram.

Van welk gas geven de staven bij Q het resultaat weer? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Samenstelling van ingeademde lucht

1/5 Ademhaling.

Van een proefpersoon wordt op een bepaald moment de samenstelling van de ingeademde en van de uitgeademde lucht bepaald.
De tabel toont de resultaten voor drie gassen.

afbeeldingafbeelding

Lucht bevat nog andere gassen dan de drie die in de tabel genoemd worden.

Voor hoeveel procent bestaat de ingeademde lucht uit deze andere gassen? Gebruik de gegevens uit de tabel. [invulveld] %

Luchtweg van neus naar longen

2/5 Ademhaling.
Zie figuur A 1030 van de bijlage.

De proefpersoon ademt diep in door de neus.

Zie figuur A 1030 van de bijlage.

Langs welke weg gaat de lucht dan naar de longen? Geef je antwoord door in de afbeelding op de uitwerkbijlage een lijn te tekenen.

afbeeldingafbeelding

Voordelen van neusademhaling

3/5 Ademhaling.

Inademen door de neus heeft enkele voordelen boven het inademen door de mond.

Noem zo'n voordeel.

Ademhaling en spieractiviteit bij inademing

4/5 Ademhaling.

Trekken middenrifspieren zich samen bij een diepe inademing?
En trekken tussenribspieren zich dan samen?

Hersenstam en ademhaling

5/5 Ademhaling.
Zie figuur B 4646 van de bijlage.

De ademhaling wordt geregeld door een centrum in de hersenstam.
Dit ademcentrum reageert op de hoeveelheid koolstofdioxide in het bloed.
In de afbeelding wordt een deel van het centraal zenuwstelsel weergegeven.

Welke letter geeft de hersenstam aan?

afbeeldingafbeelding

Kalkwater en gasuitwisseling bij ademhaling

In- en uitademen door erlenmeyers.
Zie figuur B 738 van de bijlage.

Twee erlenmeyers zijn gedeeltelijk gevuld met kalkwater (zie tekening). Via een slangetje wordt gedurende enkele minuten in- en uitgeademd. Bij rustig inademen borrelt de lucht door het kalkwater in erlenmeyer 2, bij rustig uitademen door dat in erlenmeyer 1.
De pijlen geven de richting van ingeademde en uitgeademde lucht aan.

In welke erlenmeyer wordt het kalkwater het eerst troebel en waardoor?

afbeeldingafbeelding

Bodemdieren van de Waddenzee

De Waddenzee.
Zie figuur B 4436 van de bijlage.

Informatie Bodemdieren

In de afbeelding zijn schematisch enkele diersoorten weergegeven die in en op de bodem van de Waddenzee leven.
Sommige bodemdieren, zoals slakjes, voeden zich met wieren die ze van de bodem afschrapen. Veel schelpdieren, zoals mosselen en kokkels, zeven plankton als voedsel uit het water. Schelpdieren die zich dieper in de bodem hebben ingegraven, hebben een soort slurfje met twee buisjes: de sifon. Door het ene buisje zuigen ze water met plankton aan. Het water stroomt in de schelp langs kieuwen en wordt door het tweede buisje weer afgevoerd.
In de winter, als het water van de Waddenzee erg koud wordt, kruipen bodemdieren dieper in het zand.

Het water dat de sifon van een strandgaper instroomt, wordt vergeleken met het water dat weer naar buiten stroomt (zie informatie).

Bevat het water dat naar buiten stroomt meer of minder zuurstof?
Of is er geen verschil? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Problemen met ademhaling bij ziekte van Pompe

Ziekte van Pompe.

De ziekte van Pompe is een zeldzame spierziekte. In Nederland worden per jaar slechts enkele kinderen met deze erfelijke aandoening geboren.
Onderzoek heeft aangetoond dat bij patiënten met deze ziekte een bepaald enzym niet goed werkt. Glycogeen in spiercellen kan hierdoor niet goed worden afgebroken. Glycogeen hoopt zich op, waardoor spiercellen afsterven.
Spieren gaan dan minder goed werken en kunnen zelfs geheel afsterven.

Door de ziekte van Pompe kunnen mensen ook ernstige problemen krijgen met ademhalen.

Leg uit waardoor patiënten problemen kunnen krijgen met ademhalen.