Ademhaling: 9 Juist of onjuist vragen.
Zie figuur B 3519 van de bijlage.
Vul in: juist of onjuist.
1. Bij het pantoffeldiertje vindt gaswisseling plaats via het celmembraan. [invulveld]
2. Stekelbaarsjes verversen het water in de kieuwen door pompende bewegingen te maken met de kieuwbogen. [invulveld]
3. Bij zoogdieren is de huid ondoorlaatbaar voor gassen. [invulveld]
4. In ingeademde lucht is het percentage stikstof hoger dan in uitgeademde lucht. [invulveld]
5. Uitgeademde lucht bevat zuurstof. [invulveld]
6. Bij het inademen door de neus wordt de ingeademde lucht vochtiger dan bij het inademen door de mond. [invulveld]
7. Bij hoesten beweegt het middenrif omlaag. [invulveld]
8. Bronchitis en longemfyseem zijn twee van de ziekten die tegenwoordig worden aangeduid met CARA. [invulveld]
9. In de fijne teerdruppeltjes in sigarettenrook komen kankerverwekkende stoffen voor. [invulveld]
afbeelding