Oefentoets Biologie: Celleer | HAVO 4/HAVO 5 | variant 4

Leer alles over organellen in plant- en dierencellen met deze digitale toets, gericht op studenten biologie. Test je kennis over cellulaire structuren en hun functies aan de hand van diverse afbeeldingen en vragen. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Organellen in Dierlijke Cellen

Organellen.
Zie figuur B 1265 van de bijlage.

In de afbeelding is een elektronenmicroscopische foto weergegeven van een deel van een cel van een dier.
Met P wordt een bepaald type organel aangegeven.
Over het type organel dat met P is aangegeven, worden twee beweringen gedaan:

I. Dit type organel komt niet voor bij planten met bladgroen.
II. Dit type organel komt bij dieren voor in alle lichaamscellen.

afbeeldingafbeelding

Organellen in de plantencel

Een plantencel.
Zie figuur A 297 van de bijlage.

In de afbeelding is schematisch een plantencel weergegeven. De in de cel aanwezige onderdelen zijn niet alle op dezelfde schaal getekend. Eén van de organellen is met P aangegeven.
Over organel P wordt een aantal beweringen gedaan :

1. In P vindt verbranding plaats.
2. In P bevinden zich enzymen die een rol spelen bij de fotosynthese.
3. In P bevinden zich pigmenten die een rol spelen bij de fotosynthese.

Welke van deze beweringen is of welke zijn juist?

afbeeldingafbeelding

Identificatie van het Mitochondrium in een Cel

Een mitochondrium.
Zie figuur A 51 van de bijlage.

De foto geeft een gedeelte van een cel weer.

Met welk cijfer is een mitochondrium aangegeven?

afbeeldingafbeelding

Structuren in plant- en dierencellen

Cellen.
Zie figuur B 2115 van de bijlage.

De afbeelding stelt schematisch een cel van een plant voor. In de afbeelding is een aantal verschillende structuren met een cijfer aangegeven.
Voor planten en dieren gelden de volgende definities:

- Planten zijn autotroof, hebben cellen van 10-100 µm groot met een celkern; om elke cel bevindt zich een celwand.
- Dieren zijn heterotroof, hebben cellen van 10-100 µm groot met een celkern; om de cellen bevinden zich geen celwanden.

Welke van de in de afbeelding genummerde structuren kunnen ook in weefsel van de mens voorkomen?

afbeeldingafbeelding

Plastiden in Peentjes

Plastiden.

De plastiden die voorkomen in peentjes zijn

Vergelijking van plantencellen

Vergelijken van cellen.

Bestudering van twee verschillende cellen (1 en 2) van dezelfde plant leert, dat cel 1 over een groot aantal groene korrels in het celplasma beschikt. Cel 2 bezit deze korrels niet.

Uit deze gegevens kan men afleiden, dat

Verandering van plastiden in aardappelen

Plastiden.

Als een deel van een groeiende aardappel boven de grond uitkomt, kleurt dit deel groen.

Welke verandering in de plastiden is hiervan de oorzaak?

Kleurverandering bij rozenbottels

Kleurverandering.

Als een rozenbottel rijp wordt, verandert de kleur van groen naar rood.

Welke verandering in de plastiden is hiervan de oorzaak?

Verandering van bloemkleur en zuurgraad

Verandering bloemkleur.

Bij een vergeet-mij-nietje zijn de bloemen eerst roze, daarna blauw.

Wat kun je hieruit afleiden over het verloop van de zuurgraad in de bloemen en waar bevindt zich de kleurstof?

afbeeldingafbeelding

Functie en aanwezigheid van vacuoles

Grote vacuole.

Een grote centrale vacuole

Invloed van appel op kleur rode kool

Anthocyaan in rode kool.

In cellen van de rode kool komt anthocyaan voor. De kleur van anthocyaan is:

- rood bij pH < 7
- paars bij pH = 7
- blauw bij pH > 7.

Wanneer men rode kool kookt, zal de kleur veelal wat paarsachtig zijn. Kookt men de kool samen met stukjes appel, dan wordt de kleur wat roder.

Wat bevat een appel waardoor de kleur van de kool roder wordt?

Verandering van bloemkleur en pH

Verandering bloemkleur.

Bij een vergeet-mij-nietje zijn de bloemen eerst roze, daarna blauw.

Wat kun je hieruit afleiden over het verloop van de pH in de bloemen en waar bevindt zich de kleurstof?

afbeeldingafbeelding

Kleur van Oranje Vruchten en Chromoplasten

Oranje vruchten.
Zie figuur B 4889 van de bijlage.

De oranjerode kleur van diverse vruchten wordt veroorzaakt door .

afbeeldingafbeelding

Gele kleur van vruchten en pigmenten

Gele vruchten.
Zie figuur B 4890 van de bijlage.

De gele kleur van diverse vruchten wordt veroorzaakt door .

afbeeldingafbeelding

Bladgroenkorrels in plantencellen

Bladgroenkorrels.

Welke cellen van een blad van een plant met bladgroen bevatten bladgroenkorrels?

De rol van de vacuole in plantencellen

De vacuole.

De vacuole van een plantencel bevat .

Dierlijke en plantaardige cellen vergelijken

Een cel met organellen.
Zie figuur B 4925 van de bijlage.

Bekijk nevenstaande tekening.
Hier is sprake van een .

afbeeldingafbeelding

Elektrische organen van sidderalen

Sidderalen.
Zie figuur B 4937 van de bijlage.

Bij sidderalen komen electrische organen voor, die een zeer sterke stroom kunnen opwekken.
Dit kost veel energie.

De cellen van zulke organen bevatten veel .

afbeeldingafbeelding

Functies van het endoplasmatisch reticulum

Endoplasmatisch reticulum.

Het endoplasmatisch reticulum speelt in cellen hoofdzakelijk een rol bij

Organellen in de erwtenplant

Erwtenplanten.
Zie figuur B 1584 van de bijlage.

In de afbeelding geeft tekening 1 een deel van een bloeiende erwtenplant weer. Tekening 2 geeft een bloem van deze plant weer en tekening 3 twee zaden. Sommige zaden van deze erwtenplant zijn rond, andere hoekig.
Tekening 4 geeft de wortels van deze erwtenplant weer. In tekening 5 is een organel uit een cel van de erwtenplant schematisch weergegeven.

In welke van de in de tekeningen 2, 3 en 4 weergegeven delen van de erwtenplant komen dergelijke organellen voor?

Alleen in het deel/de delen, weergegeven in:

afbeeldingafbeelding