Oefentoets Biologie: Bloed - vaten | VWO 5/VWO 6

Deze oefentoets bevat 19 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

19

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 5, VWO 6

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Bloed

Een dichtgedrukt bloedvat.
Zie figuur B 268 van de bijlage.

Een bloedvat wordt op plaats S dichtgedrukt. Als het bloed uit het bloedvat wordt weggestreken in de richting van de pijl, kan dat tot gevolg hebben dat het bloedvat leeg blijft, zolang de druk op plaats S gehandhaafd blijft.

Bij welk type bloedvat zal dit het geval zijn?
Moet het bloed dan naar het hart toe of van het hart af weggestreken worden?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Bloed

Haarvaten in een traanklier of bijnier of testis.
Zie figuur B 190 van de bijlage.

De tekeningen geven doorsneden weer door een deel van een traanklier, door een deel van het merg van een bijnier en door een deel van een testis bij de mens.

Welk cijfer geeft of welke cijfers geven haarvaten aan?

afbeeldingafbeelding

Bloed

Een slagader en ader.

In het bovendeel van arm en been lopen slagader en ader vlak naast elkaar.
De homeostase van het interne milieu wordt hierdoor bevorderd.
De volgende beweringen worden hierover gedaan:

1. Het slagaderlijk bloed geeft warmte af aan het bloed in de ader, zodat te sterk warmteverlies door de ledematen bij lage milieutemperatuur wordt voorkomen.
2. Doordat het slagaderlijk bloed zuurstof geeft aan het bloed in de ader, wordt te sterk zuurstofverbruik voorkomen.
3. Doordat uit het slagaderlijk bloed witte bloedcellen de ader binnenkomen, wordt voorkomen dat infecties vanuit de ledematen de romp binnenkomen.

Welke bewering(en) is (zijn) juist?

Bloed

1/5 Organen en organenstelsels.

Verandering van de adrenalineconcentratie in het bloed heeft invloed op de diameter van zeer kleine slagadertjes in bepaalde organen, zoals de skeletspieren en de wand van het darmkanaal.

Veroorzaakt een verhoging van de adrenalineconcentratie in het bloed een verwijding van de slagadertjes in de skeletspieren, een verwijding van die in de wand van het darmkanaal of een verwijding van die in beide delen?

Bloed

2/5 Organen en organenstelsels.

In de tabel hieronder is weergegeven hoeveel bloed onder bepaalde omstandigheden per minuut uit de aorta door een aantal organen en weefsels stroomt. Een bepaald orgaanstelsel dat van bloed wordt voorzien door bloedvaten die uit de aorta ontspringen, is niet in de tabel hieronder opgenomen.

afbeeldingafbeelding

Zie volgende scherm

extendedTextInteraction

3/5 Organen en organenstelsels.

Geef op grond van de gegevens in deze tabel aan hoeveel bloed (ml/min) door dit niet vermelde organenstelsel stroomt en noem de naam van dit organenstelsel.

Bloed

4/5 Organen en organenstelsels.

In een haarvat in de linker long van een volwassene wordt een zuurstofmolecuul in het bloed opgenomen. Het zuurstofmolecuul gaat met de bloedstroom mee via de kortste weg naar een haarvat in de wand van de rechter kamer van het hart. Daar verlaat het zuurstofmolecuul het bloed en wordt vervolgens door een hartspiercel verbruikt.

Noem in de juiste volgorde de delen van het bloedvatenstelsel (zie informatie 6) waardoorheen het zuurstofmolecuul gaat, te beginnen bij het longhaarvat.

Bloed

5/5 Organen en organenstelsels.
Zie figuur B 1338 van de bijlage.

Uit een ader en een slagader in de rechterarm van een proefpersoon wordt gelijktijdig bloed afgenomen. Beide bloedmonsters worden onstolbaar gemaakt. Van elk monster wordt 10 ml in een buisje gecentrifugeerd.
Hierdoor ontstaat een scheiding tussen de bloedcellen en het bloedplasma (zie de afbeelding).
Vervolgens wordt het volume van de rode bloedcellen in verhouding tot het totale bloedvolume berekend. Deze verhouding levert een getal dat de hematocrietwaarde wordt genoemd:

afbeeldingafbeelding

Doordat in het bloedvatenstelsel opname en afgifte van stoffen uit het bloed plaatsvindt, kan de hematocriet van verschillende bloedmonsters verschillend zijn.

Is de hematocrietwaarde van bloed uit een armader kleiner dan, gelijk aan, of groter dan de hematocrietwaarde van bloed uit een armslagader?

afbeeldingafbeelding

Bloed

Model bloedvaten.
Zie figuur B 4983 van de bijlage.

Nevenstaand model dient ter demonstratie van de invloed van de structuren van bloedvatwanden op de stroomsnelheid van het bloed. Via de opening (O) brengt men schoksgewijs steeds dezelfde hoeveelheid water naar binnen.

In dit model stelt

afbeeldingafbeelding

Bloed

Bloedvaten.
Zie figuur B 4987 van de bijlage.

In de afbeelding is een dwarsdoorsnede van slagader P schematisch weergegeven. In de wand van deze slagader bevindt zich een adertje Q.

Hoort bloedvat P bij de kleine of de grote bloedsomloop, of zijn beide mogelijk?
En bloedvat Q?

afbeeldingafbeelding

Bloed

Bloedvaten in organen.

In de armen en benen lopen slagaders en aders op veel plaatsen naast elkaar. Hierover worden drie beweringen gedaan:

1. Daardoor kan de uitwisseling van stoffen beter verlopen volgens het tegenstroomprincipe.
2. Daardoor kan de zuurstofvoorziening in het orgaan beter verlopen, doordat de bloeddoorstroming in de aders wordt bevorderd door de bewegingen van de wand van de slagaders.
3. Het aderlijk bloed wordt hierdoor extra snel verwarmd.

Welke bewering is of welke beweringen zijn juist?

Bloed

Aders.

Welke bewering is of welke beweringen zijn waar over aders?

Bloed

Malaria.

In de tropen komen veel ziekten voor waarbij insecten een belangrijke rol spelen. Bij malaria gaat het daarbij om muggen van het genus (geslacht) Anopheles. Zij brengen eencellige parasieten van het genus Plasmodium over: Plasmodium falciparum, Plasmodium malariae, Plasmodium ovale en Plasmodium vivax. Van deze parasieten is Plasmodium falciparum verantwoordelijk voor de dodelijke hersenmalaria.
Vooral voor autochtone kinderen tussen één en vijf jaar en voor toeristen is dit een uiterst gevaarlijke ziekte.
Volwassen bewoners hebben veelal een bepaalde resistentie ontwikkeld.
Een vrouwelijke mug die malariaparasieten draagt, kan deze overdragen op een mens als zij een steek toebrengt voor het zuigen van bloed. Zij blijkt een voorkeur te hebben voor mensen die het warm hebben. Door het warme mensenbloed stijgt de lichaamstemperatuur van de mug.

Leg uit dat de voorkeur van de mug voor een mens die het warm heeft ook voor het kunnen aanprikken van het bloedvat functioneel is.

Bloed

Moderne diagnostiek.
Zie figuur B 4721 van de bijlage.

Om bloedvaten zichtbaar te maken wordt soms ‘angiografie' toegepast. Onder röntgendoorlichting wordt een soepel slangetje, een vaatkatheter, in de bloedbaan gebracht tot vlak voor of in het bloedvat dat men wil afbeelden.
Een kleine hoeveelheid contrastvloeistof wordt dan via deze vaatkatheter ingespoten, waarna direct röntgenopnamen worden gemaakt.
In de afbeelding is het angiogram van de rechter halsslagader weergegeven. De halsslagader splitst zich hier in twee takken.

Drie plaatsen in het bloedvatstelsel zijn:

1. een beenslagader;
2. een beenader;
3. de rechter halsader.

Op welke van deze plaatsen is de vaatkatheter in de bloedbaan geschoven om het angiogram van de afbeelding te maken?

afbeeldingafbeelding

Bloed

Hersendoorbloeding.
Zie figuur B 3924 van de bijlage.

In de hersenen kunnen arterioveneuze malformaties (AVM's) voorkomen. Een AVM is een misvorming in het haarvatennet tussen een slagadertje en een adertje, waardoor het slagadertje direct overgaat in het adertje. De overgang bestaat uit een sterk verwijd bloedvat, dat om die reden wel 'spatader' wordt genoemd. In de afbeelding is in tekening 1 schematisch een normale verbinding tussen slagadertje en een adertje weergegeven en in tekening 2 een AVM.
Het bloed in het adertje van de AVM is relatief zuurstofrijk. AVM's kunnen tot bloedingen leiden, doordat in de ‘spataderen' gemakkelijk scheurtjes ontstaan.
De gevolgen van dergelijke bloedingen lopen sterk uiteen, afhankelijk van de plaats en de omvang. Zelfs zonder dat er bloedingen ontstaan kunnen hinderlijke effecten optreden, variërend van acute hoofdpijn tot verlammingen.

Leg uit waardoor het bloed in het adertje van de AVM relatief zuurstofrijk is.

afbeeldingafbeelding