Ecologie
Een populatie?
Welke van de volgende groepen organismen is een voorbeeld van een populatie?
Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
20
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
HAVO 4, HAVO 5
NVON
cc-by-sa-40
Een populatie?
Welke van de volgende groepen organismen is een voorbeeld van een populatie?
Waterkwaliteit.
In een onderzoek naar de kwaliteit van het water van een meer worden de concentraties gemeten van O2
, CO2
, NO3
-
(nitraat) en NH4
+
(ammonium) op verschillende diepten in dit meer. De resultaten van deze metingen zijn weergegeven in de tabel hieronder.
afbeelding
Het valt op dat op een diepte van 20 meter nitraat voorkomt en geen ammonium, terwijl op een diepte van 40 meter ammonium voorkomt en geen nitraat.
Hoe komt het dat op 40 meter diepte geen nitraat voorkomt terwijl het op 20 meter diepte wel aanwezig is?
Paddestoelen.
Een paddestoel groeit op een omgevallen boom. Deze paddestoel gebruikt voor de opbouw van zijn celbestanddelen stoffen uit de omgevallen boom. Deze stoffen worden daartoe extracellulair verteerd. De volgende processen vinden onder andere plaats:
1. de cellen van de paddestoel geven enzymen af;
2. de paddestoel resorbeert glucose en aminozuren;
3. de paddestoel zet aminozuren om in eiwitten;
4. onoplosbare bestanddelen van de boom worden omgezet in oplosbare.
In welke volgorde volgen deze processen elkaar op?
Schimmels.
In de bodem komen vele schimmelsoorten (heterotrofe organismen) voor.
Welke stoffen nemen deze schimmels uit de bodem op?
Biologische reiniging.
Zie figuur C 14 van de bijlage.
Op een aantal plaatsen in een rivier werd op een bepaalde dag de chemische en biologische samenstelling van het water onderzocht. De resultaten van het onderzoek zijn in drie diagrammen in de afbeelding weergegeven. Op plaats L bevindt zich een uitmonding van een riool in deze rivier, het lozingspunt. Langs de X-as is een traject van deze rivier afgezet voor en na de uitmonding van het riool. Langs de Y-as staat de concentratie van de desbetreffende stof of het aantal organismen per liter water aangegeven.
Naar aanleiding van deze diagrammen worden drie uitspraken gedaan:
1. De daling van de zuurstofconcentratie direct stroomafwaarts van plaats L is te verklaren doordat er veel zuurstof wordt verbruikt door bacteriën.
2. De stijging van de zuurstofconcentratie verder stroomafwaarts is onder andere te verklaren doordat algen zuurstof produceren.
3. De stijging van de nitraatconcentratie is te verklaren doordat ammonium in nitraat wordt omgezet.
Welke van deze uitspraken is of zijn juist?
afbeelding
Biologische reiniging.
Op een aantal plaatsen in een rivier werd op een bepaalde dag de chemische en biologische samenstelling van het water onderzocht. De resultaten van het onderzoek zijn in drie diagrammen in de afbeelding weergegeven. Op plaats L bevindt zich een uitmonding van een riool in deze rivier, het lozingspunt. Langs de X-as is een traject van deze rivier afgezet voor en na de uitmonding van het riool. Langs de Y-as staat de concentratie van de desbetreffende stof of het aantal organismen per liter water aangegeven.
Zal de stijging van de ammoniumconcentratie na punt L vooral worden veroorzaakt door omzetting van eiwitten, van koolhydraten of van vetten?
Zelfreinigend vermogen.
Wat wordt bedoeld met het zelfreinigend vermogen van water?
Een ecosysteem.
Bij een ecosysteem in successie kunnen we onder andere een climax- en een pionier-ecosysteem onderscheiden.
Welk van deze ecosystemen bezit het ingewikkeldste voedselweb?
In welk van deze ecosystemen vertonen de abiotische factoren de grootste schommelingen?
afbeelding
Successie.
Zowel op een kaal rotsblok als op een terrein waar kort tevoren bos is gekapt, begint de successie met een pionier-ecosysteem. Op beide terreinen kan de successie eindigen met een climax-ecosysteem.
Op welk terrein zal het climax-ecosysteem het snelst zijn bereikt?
Successie.
Zie figuur B 1234 van de bijlage.
Als een stuk zee ingepolderd is en de nieuwe polder droogvalt, ligt er aanvankelijk een grote kale vlakte. Deze vlakte wordt al snel bevolkt door planten en vervolgens ook door landdieren.
De plantensoorten die zich als eerste vestigen, kunnen zich niet lang handhaven. Ze worden opgevolgd door andere soorten.
Is in deze beschrijving sprake van een climax-ecosysteem?
En is hier sprake van primaire successie?
afbeelding
afbeelding
Successie.
Zie figuur B 6961 van de bijlage.
Als een stuk zee ingepolderd is en de nieuwe polder droogvalt, ligt er aanvankelijk een grote kale vlakte. Deze vlakte wordt al snel bevolkt door planten en vervolgens ook door landdieren.
De plantensoorten die zich als eerste vestigen, kunnen zich niet lang handhaven. Ze worden opgevolgd door andere soorten.
De plantensoorten die zich als eerste hadden gevestigd, worden opgevolgd door andere soorten.
Zal het aantal nieuwe soorten groter of kleiner zijn dan het aantal soorten dat zich als eerste had gevestigd?
Zal bij deze opvolging van soorten de biomassa van de vegetatie groter of kleiner worden?
afbeelding
afbeelding
Successie.
Waarmee begint de successie in een duingebied?
Een loofbos.
Zie figuur B 1235 van de bijlage.
In de afbeelding is de begroeiing van een deel van een loofbos getekend. Twee lagen zijn genummerd.
Hoe wordt laag 1 genoemd?
En hoe laag 2?
afbeelding
afbeelding
De Kampina.
Het natuurgebied de Kampina bestaat onder andere uit loofbossen, stukken open zand, heidevelden en vennen. In dit natuurgebied laat men grote runderen grazen.
Wat zal het doel zijn geweest van deze maatregel?
Successie in een plas.
Bij de successie in een plas groeien na elkaar verschillende soorten planten.
Wat is de juiste volgorde hierbij?
Successie.
Is een pioniersvegetatie soortenarm of soortenrijk?
En een climaxvegetatie?
afbeelding
Een voedselketen.
Een bepaalde voedselketen bestaat uit vier schakels.
In hoeveel van deze schakels komen heterotrofe organismen voor?
Een voedselketen.
In een voedselketen kan de hoeveelheid vastgelegde energie in de eerste schakel worden vergeleken met de hoeveelheid vastgelegde energie in de tweede schakel.
In welke van deze schakels is de hoeveelheid vastgelegde energie het grootst?
Waardoor?
Een voedselketen.
Zie figuur B 1232 van de bijlage.
In de afbeelding is een voedselketen schematisch weergegeven.
Welke van de volgende beweringen over deze voedselketen is juist?
afbeelding
Een voedselketen.
In een sloot komen de volgende soorten organismen voor:
1. alg;
2. baars;
3. snoek;
4. stekelbaars;
5. watervlo.
Welke van de onderstaande reeksen kan een voedselketen van deze soorten weergeven?