Oefentoets Biologie: Voeding | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 11

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voeding

7/8 Voeding bij kinderen.

IJzer is een belangrijke bouwsteen voor rode bloedcellen.
Els neemt niet de juiste hoeveelheid ijzer op.

Wat zal daarvan het gevolg zijn?

Voeding

8/8 Voeding bij kinderen.

In de tabel staat hoeveel Els, een kind van 8 jaar, gemiddeld per dag van bepaalde voedingsstoffen nodig heeft.
Ook is vermeld hoeveel Els gedurende lange tijd gemiddeld per dag van deze stoffen opneemt.
afbeeldingafbeelding

Els gaat na enige tijd over vermoeidheid klagen. De dokter stelt vast dat ze bloedarmoede heeft.

Wat zou, op grond van de tabel, de oorzaak kunnen zijn?

Voeding

1/10 Kool en zuurkool.
Zie figuur A 475 van de bijlage.

Waarschijnlijk werd al 200 jaar voor het begin van onze jaartelling zuurkool gemaakt. Zuurkool is niet alleen lekker; ze bevat ook waardevolle voedingsstoffen zoals vitamine C. Bovendien is ze lichter verteerbaar dan gewone kool.

Voor het maken van zuurkool worden schone en fijngesneden rauwe bladeren van witte kool met zout bestrooid. De kool wordt afgedekt en met iets zwaars onder druk gezet. Na drie tot acht weken is de zuurkool klaar. In die tijd zetten melkzuurbacteriën bepaalde stoffen in de koolbladeren gedeeltelijk om.
Daarbij ontstaat onder andere melkzuur. Melkzuur geeft de fris-zure smaak aan de zuurkool.

Tijdens de productie van zuurkool wordt regelmatig de hoeveelheid melkzuur in de kool bepaald.

Welk van de volgende diagrammen in figuur A 475 geeft de resultaten van die bepalingen juist weer?

afbeeldingafbeelding

Voeding

2/10 Kool en zuurkool.

Bij een bepaald streng vermageringsdieet wordt aangeraden zuurkool te eten in plaats van groene kool.

Analyse per 100 gram voedingsmiddel:
afbeeldingafbeelding

Licht dit dieetadvies toe met behulp van de gegevens uit de tabel hierboven.

Voeding

3/10 Kool en zuurkool.

Analyse per 100 gram voedingsmiddel:
afbeeldingafbeelding
In de tabel staan gegevens over het gehalte aan vitamine C in kool.

Vermindert de hoeveelheid vitamine C in witte kool tijdens koken?
En vermindert de hoeveelheid vitamine C tijdens de inwerking van melkzuurbacteriën?

De hoeveelheid vitamine C in witte kool vermindert

Voeding

4/10 Kool en zuurkool.

Verse, rauwe zuurkool kan veel langer worden bewaard dan schoongemaakte en gesneden rauwe witte kool.

Geef daarvoor een oorzaak.

Voeding

5/10 Kool en zuurkool.

Een jongen heeft gelezen hoe zuurkool wordt gemaakt.
Hij zegt: "Bah, ik wil geen zuurkool meer eten, met al die bacteriën. Ik ben bang dat ik ziek word als ze in mijn darmen komen".

Leg uit dat veel van deze bacteriën waarschijnlijk niet levend in zijn darmen terecht zullen komen.

Voeding

6/10 Kool en zuurkool.

Een meisje is dol op zuurkool.
Daarom verbouwt zij ieder jaar in haar volkstuin koolplanten die geschikt zijn om zuurkool te maken.
Zij gooit de koolstronken en de koolbladeren die zij niet gebruikt op een afvalhoop.
Daar worden de bladeren afgebroken tot bruin materiaal.
Dit materiaal verspreidt zij in het vroege voorjaar over de grond in haar tuin.

Hoe heet het proces waarbij de koolbladeren worden omgezet tot bruin materiaal?

Voeding

7/10 Kool en zuurkool.

Noem twee groepen organismen die zorgen voor de omzetting van de niet gebruikte bladeren tot de kleine stukjes bruin materiaal.

Voeding

8/10 Kool en zuurkool.

Leg uit dat het verspreiden van het bruine materiaal in het voorjaar helpt om in de herfst mooie, grote kolen te kunnen oogsten.

Voeding

9/10 Kool en zuurkool.
Zie figuur B 2446 van de bijlage.

In de afbeelding is een veld met koolplanten weergegeven.

Hoe noemt men deze manier van verbouwen, waarbij op een grote akker maar één gewas staat?

Deze manier heet een [invulveld].

afbeeldingafbeelding

Voeding

10/10 Kool en zuurkool.

Een witte kool lijkt geen cellen met bladgroen te hebben. De bladeren zijn immers wit van kleur. Toch moeten veel cellen van een witte koolplant bladgroen bevatten.

Leg in twee stappen uit dat een witte koolplant cellen met bladgroen moet hebben om te kunnen groeien.

Voeding

1/3 Te veel cholesterol.
Zie figuur A 700 van de bijlage.

In de familie van Tineke komt de erfelijke aandoening hypercholesterolemie voor. De aandoening veroorzaakt een sterk verhoogd cholesterolgehalte van het bloed. Mensen bij wie dit het geval is, hebben een grotere kans op hart- en vaatziekten. Door een combinatie van extra lichaamsbeweging, een dieet en medicijnen daalt het cholesterolgehalte.

Cholesterol is een vetachtige stof die wordt opgenomen uit de voeding en die ook door de lever wordt gemaakt. Cholesterol is een onmisbare bouwstof voor celmembranen, voor gal en voor geslachtshormonen.
Door de afzetting van kalk en vetachtige stoffen, waaronder cholesterol wordt de binnenkant van bloedvaten stijf en ruw. Op een ruwe vaatwand kunnen zich bloedstolsels vormen. Soms raakt zo'n stolsel los. Op een plaats waar de bloedvaten nauwer worden, kan dit stolsel een verstopping veroorzaken.


In de afbeelding A 700 is de bloedsomloop schematisch weergegeven. Op plaats P raakt een stolsel los. Het stolsel wordt meegevoerd met de bloedstroom en veroorzaakt een verstopping.

Waar veroorzaakt dit stolsel een verstopping?




-

afbeeldingafbeelding

Voeding

2/3 Te veel cholesterol.

Tineke krijgt een dieet om het cholesterolgehalte van haar bloed omlaag te brengen.

Welke voedingsmiddelen zullen bij het dieet in de voeding van Tineke minder voorkomen dan in haar vroegere voeding?

Voeding

3/3 Te veel cholesterol.

De huisarts van Tineke raadt haar ook extra lichaamsbeweging aan.

Welke van de volgende beweringen over deze extra lichaamsbeweging is of zijn juist?

1. Door extra lichaamsbeweging wordt de doorstroming van de bloedvaten verbeterd.
2. Door extra lichaamsbeweging wordt de conditie van het hart verbeterd.

Voeding

1/2 Voedsel bewaren.

Veel voedingsmiddelen worden een tijd bewaard voor ze worden opgegeten.
Om bederf tegen te gaan wordt voedsel bewerkt.
Zo kan het worden bevroren, gedroogd of ingeblikt.
Als voedsel niet zou worden bewerkt, zouden we bijvoorbeeld maar een paar weken per jaar doperwten kunnen eten.

Worden alle bacteriën en hun sporen in een voedingsmiddel door diepvriezen gedood?
En door drogen?

Voeding

2/2 Voedsel bewaren.

Veel voedingsmiddelen worden een tijd bewaard voor ze worden opgegeten.
Om bederf tegen te gaan wordt voedsel bewerkt.
Zo kan het worden bevroren, gedroogd of ingeblikt.
Als voedsel niet zou worden bewerkt, zouden we bijvoorbeeld maar een paar weken per jaar doperwten kunnen eten.

Noem twee verschillende manieren van voedselconservering die niet in de tekst staan.

Voeding

1/2 Boterhammen.

In de kantine van een school worden boterhammen verkocht. De boterhammen worden per twee stuks verpakt in een plastic bakje. In deze verpakking begint het brood na enkele dagen te beschimmelen. De eigenaar van de kantine bedenkt een manier om de boterhammen langer goed te houden. Hij onderzoekt eerst of die manier werkt.

Vijftig boterhammen worden op de oude manier verpakt in plastic bakjes.
Vijftig andere boterhammen worden ook zo verpakt, maar de lucht in de bakjes wordt vervangen door een gasmengsel van koolstofdioxide en stikstof.
Deze boterhammen zijn na zeven dagen nog onbeschimmeld. De boterhammen in de bakjes met gewone lucht zijn na zeven dagen beschimmeld.

Wat zijn in het beschreven onderzoek de resultaten?

Voeding

2/2 Boterhammen.

In de kantine van een school worden boterhammen verkocht. De boterhammen worden per twee stuks verpakt in een plastic bakje. In deze verpakking begint het brood na enkele dagen te beschimmelen. De eigenaar van de kantine bedenkt een manier om de boterhammen langer goed te houden. Hij onderzoekt eerst of die manier werkt.

Vijftig boterhammen worden op de oude manier verpakt in plastic bakjes.
Vijftig andere boterhammen worden ook zo verpakt, maar de lucht in de bakjes wordt vervangen door een gasmengsel van koolstofdioxide en stikstof.
Deze boterhammen zijn na zeven dagen nog onbeschimmeld. De boterhammen in de bakjes met gewone lucht zijn na zeven dagen beschimmeld.

Schrijf de conclusie uit het onderzoek op.

Voeding

1/2 Conserveren van melk.

Melk kan zuur worden door inwerking van bacteriën.
Om het zuur worden tegen te gaan, wordt de melk door verhitting gepasteuriseerd of gesteriliseerd.
Hieronder volgen vier uitspraken over de invloed van pasteuriseren en steriliseren:

1. Door pasteuriseren wordt sterke vermeerdering van bacteriën een paar dagen tegengegaan.
2. Door steriliseren wordt alleen sterke vermeerdering van bacteriën een paar dagen geremd.
3. Door pasteuriseren worden alle bacteriën gedood.
4. Door steriliseren worden alle bacteriën gedood.

Welke van deze uitspraken zijn juist?