Oefentoets Biologie: Voortplanting | VWO 1/VWO 2/VWO 3 | variant 21

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 1, VWO 2, VWO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voortplanting

1/4 Placenta.
Zie figuur B 3213 van de bijlage.

In een boek staat de volgende informatie: Soms groeit de placenta op een verkeerde plaats in de baarmoeder.

Zie figuur B 3213 van de bijlage.

Dit is in de afbeelding weergegeven.
Tijdens de zwangerschap neemt het gewicht van de placenta snel toe.

afbeeldingafbeelding

De geboorte van een kind met een 'verkeerde' placenta gaat moeilijk.

Leg dit met de bovenstaande informatie uit.

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/4 Placenta.

Noem een taak van de placenta.

Voortplanting

3/4 Placenta.
Zie figuur B 3213 van de bijlage.

Wat is de naam van deel P uit de afbeelding?

Dit deel heet de/het [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

4/4 Placenta.
Zie figuur B 3214 van de bijlage.

Hieronder is de groei van de placenta tijdens de zwangerschap weergegeven.

afbeeldingafbeelding

Zet deze gegevens uit in het staafdiagram van de afbeelding.

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

1/2 In verwachting.

Marlies is in verwachting.

Vindt tijdens de zwangerschap regelmatig menstruatie plaats?
En vindt tijdens de zwangerschap regelmatig ovulatie plaats?

Voortplanting

2/2 In verwachting.

Aan het eind van de zwangerschap verliest Marlies ineens al het vruchtwater.

Welk gevolg heeft dit voor de baby?

Voortplanting

1/2 Zwangerschap.
Zie figuur B 3729 van de bijlage.

In de afbeelding is een zwangerschap weergegeven.

Wat is de naam van orgaan P?

P is de [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/2 Zwangerschap.

Vóór het ontstaan van de zwangerschap, is de eicel bevrucht.

In welk deel van het voortplantingsstelsel heeft de bevruchting plaatsgevonden?

In de [invulveld]

Voortplanting

1/4 Zwanger.
Zie figuur B 3196 van de bijlage.

In de afbeelding is onder andere een deel van een zwangere vrouw schematisch weergegeven.

In de baarmoeder bevindt zich orgaan P.

Wat is de naam van orgaan P?

Dit is de/het [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/4 Zwanger.
Zie figuur B 3196 van de bijlage.

Leg met de afbeelding uit dat zwangere vrouwen vaker moeten plassen dan niet-zwangere vrouwen.

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

3/4 Zwanger.

In welk deel van de geslachtsorganen heeft de bevruchting plaatsgevonden?

Voortplanting

4/4 Zwanger.

Zwangere vrouwen worden vaker door muggen gestoken dan vrouwen die niet zwanger zijn. Sommigen denken dat muggen worden aangetrokken door koolstofdioxide. Zwangere vrouwen blijken 20% meer koolstofdioxide uit te ademen dan niet zwangere vrouwen.

Geef een verklaring voor het feit dat zwangere vrouwen meer koolstofdioxide uitademen dan niet-zwangere vrouwen.

Voortplanting

1/3 Zwangerschap en geboorte.
Zie figuur B 3219 van de bijlage.

In de afbeelding is een deel van het voortplantingsstelsel van een zwangere vrouw weergegeven.

In welk deel vond de bevruchting plaats?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/3 Zwangerschap en geboorte.

Aan het eind van de zwangerschap trekken spieren rond de baarmoeder zich samen. Dit helpt bij de geboorte van het kind.

Wat is de naam van zo'n spiersamentrekking?

Voortplanting

3/3 Zwangerschap en geboorte.
Zie figuur B 3220 van de bijlage.

Volgens welk plaatje ligt een kind meestal vlak voor de geboorte?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Geslacht.

Medische onderzoekers hebben een manier gevonden voor het vaststellen van het geslacht bij zeer jonge menselijke embryo's. Zij kijken daarvoor naar de geslachtschromosomen van de embryo's.

Welk type komt of welke typen geslachtschromosomen komen er voor in een cel van een mannelijk embryo?

Voortplanting

Besmet is met het AIDS-virus.

Hoe noemen we iemand die besmet is met het AIDS-virus maar nog geen ziekteverschijnselen heeft?

Voortplanting

Het oplopen van AIDS.

Kun je AIDS oplopen door een AIDS-patiënt een hand te geven? Leg uit.

Voortplanting

Een vaccin tegen AIDS.

Waarom is het moeilijk een vaccin te vinden dat werkzaam is tegen AIDS?

Voortplanting

Seropositief.

Wanneer wordt iemand seropositief genoemd?