Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
Aantal vragen
20
Vak(ken)
Biologie
Kerndoel(en)
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
Leerniveau(s)
VMBO theoretische leerweg, 4
Uitgever
NVON
Copyright
cc-by-sa-40
Ademhaling
Long met bloedvaten. Zie figuur B 964 van de bijlage.
In de figuur is een deel van een long getekend met de daarbij behorende bloedvaten.
Is bloedvat P een slagader of een ader en bevat dit bloedvat zuurstofrijk of zuurstofarm bloed?
Bloedvat P is
afbeelding
Ademhaling
Longblaasjes en bloed. Zie figuur B 2186 van de bijlage.
De tekening stelt enkele longblaasjes van de mens voor met haarvaten. De pijlen geven de stroomrichting van het bloed aan.
Van welk bloedvat is H een vertakking?
afbeelding
Ademhaling
Zuurstof en bloed.
Waar komt bij de mens de zuurstof die in het bloed wordt opgenomen terecht: in bloedvaten van de grote bloedsomloop of in bloedvaten van de kleine bloedsomloop?
Ademhaling
Longblaasjes en bloed. Zie figuur B 1705 van de bijlage.
De afgebeelde tekening stelt een longblaasje met een haarvat voor.
Welke uitspraak ten aanzien van de samenstelling van het bloed is nu juist?
afbeelding
Ademhaling
Longblaasjes en bloed. Zie figuur B 2024 van de bijlage.
De afbeelding geeft schematisch een longblaasje en een haarvat weer. Pijl Q geeft de binnenstromende lucht weer en pijl R de naar buiten stromende lucht. De pijlen bij P en S geven de stroomrichting van het bloed weer. Enkele beweringen naar aanleiding van deze afbeelding zijn:
1. De luchtstroom met de meeste zuurstof wordt aangegeven met pijl R. 2. Bij S bevat het bloed meer zuurstof dan bij P. 3. Het bloed bij P wordt aangevoerd uit een slagadertje.
Welke van deze beweringen zijn juist?
afbeelding
Ademhaling
Warming-up.
Vlak voor zijn volleybalwedstrijd heeft Harry een warming-up. Op twee verschillende momenten van de warming-up wordt er vastgesteld hoeveel bloed er per minuut door zijn longen stroomt.
moment 1: Bij het begin van de warming-up. Harry heeft dan een rustige ademhaling. moment 2: Op het eind van de warming-up. Harry heeft dan een snelle ademhaling.
Is de hoeveelheid bloed die per minuut door zijn longen stroomt op beide momenten gelijk? En zo niet, op welk van deze momenten is de hoeveelheid bloed die per minuut door zijn longen stroomt groter?
Ademhaling
Longblaasjes en bloed. Zie figuur B 2074 van de bijlage.
De afbeelding geeft enkele longblaasjes van de mens weer met daarbij behorende bloedvaten. De pijlen geven de stroomrichting van het bloed aan.
Is bloedvat P een adertje of een slagadertje? Bevat dit bloedvat zuurstofrijk of zuurstofarm bloed?
afbeelding
afbeelding
Ademhaling
Long en bloed. Zie figuur A 61 van de bijlage.
In de figuur is een deel van een long van de mens getekend.
Welke van de volgende beweringen over de stroomrichting en het bloed op plaats 1 is juist?
afbeelding
Ademhaling
In- en uitademing. Zie figuur B 2490 van de bijlage.
De tekeningen stellen voor de borstkas van de mens na een diepe uitademing en na een diepe inademing.
Welke van de spieren, die een rol spelen bij de ademhaling, worden gewoonlijk samengetrokken bij de overgang van 1 naar 2?
afbeelding
Ademhaling
Ademhaling bij de mens.
Hieronder volgen vier beweringen die verband houden met de ademhaling van de mens.
1. Slijmvlies in de neus vangt stofdeeltjes op. 2. Trilharen in de luchtpijp dienen voor verwarming van de binnenstromende lucht. 3. Kraakbeen om de luchtpijp dient voor het openhouden ervan. 4. Via de wand van de longblaasjes vindt gaswisseling plaats.
Welke van deze beweringen zijn juist?
Ademhaling
Ademhaling.
Bevinden zich bij de mens de spieren die ademhalingsbewegingen veroorzaken in de longblaasjes? Vindt er bij gaswisseling uitscheiding plaats van overtollige en/of schadelijke stoffen?
afbeelding
Ademhaling
Gaswisseling.
Bij alle organismen komt gaswisseling voor.
Zijn er organismen die de huid en de longen tegelijk kunnen gebruiken voor de gaswisseling? Zijn er organismen die zuurstof kunnen opnemen zonder ademhalingsbewegingen te maken?
afbeelding
Ademhaling
De longen.
Drie beweringen over de longen van de mens zijn:
1. via de longen wordt koolstofdioxide afgegeven, 2. via de longen wordt waterdamp afgegeven, 3. de cellen van de longen verbruiken zuurstof.
Welke van deze beweringen zijn juist?
Ademhaling
Na de geboorte.
Welk(e) van de volgende organen van een kind begint (beginnen) pas te werken nadat het geboren is?
Ademhaling
Brandende kaarsen. Zie figuur B 1771 van de bijlage.
In elk van twee afgesloten ruimten met lucht bevindt zich een kaars (zie figuren). Het volume van beide ruimten is gelijk. De kaarsen worden aangestoken.
Wat zal er dan gebeuren?
afbeelding
Ademhaling
Ademhaling bij dieren.
Is bij zoogdieren de huid doorlaatbaar voor gassen of ondoorlaatbaar? Welke dieren kunnen het langst in zee op een diepte van 20 meter blijven zwemmen?
afbeelding
Ademhaling
Vissen en mensen.
Hoe verversen stekelbaarsjes het water in de kieuwen? Waardoor wordt de ingeademde lucht vooral verwarmd, als je door je neus inademt?
afbeelding
Ademhaling
Ademhaling.
Wanneer wordt de ingeademde lucht vochtiger, als je door je mond inademt of als je door je neus inademt? Waardoor kan in de longen van een mens de gaswisseling snel plaatsvinden?
afbeelding
Ademhaling
Kalkwater.
In twee reageerbuizen bevindt zich helder kalkwater. Door het kalkwater in buis 1 wordt zuurstof geleid; door het kalkwater in buis 2 wordt uitgeademde lucht geleid.
Zal het kalkwater in buis 1 troebel worden? En het kalkwater in buis 2?
afbeelding
Ademhaling
Kalkwater. Zie figuur B 382 van de bijlage.
Kamerlucht en uitgeademde lucht worden elk door kalkwater geleid.
In welke opstelling wordt het kalkwater het eerst troebel?