Deze oefentoets bevat 17 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
Aantal vragen
17
Vak(ken)
Biologie
Kerndoel(en)
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
Leerniveau(s)
VWO 1, VWO 2, VWO 3
Uitgever
NVON
Copyright
cc-by-sa-40
Plantenanatomie
Transport in stam.
In de zomer worden in de stam van een boom koolhydraten vervoerd.
Worden deze koolhydraten vooral door houtvaten of vooral door bastvaten vervoerd? Vindt dit vervoer plaats vooral naar de wortels toe of vooral van de wortels af?
afbeelding
Plantenanatomie
Bastvaten.
Waar komen in een zaadplant bastvaten voor?
Plantenanatomie
Functie van bladnerven.
Waarvoor dienen de nerven in een blad van een plant?
Plantenanatomie
Transport in plant. Zie figuur B 1884 van de bijlage.
De afbeelding geeft een boterbloem weer.
In welke van de aangegeven delen komen transportvaten voor?
afbeelding
Plantenanatomie
Transportweefsel plant.
Transportkanalen voor het vervoer van water in een plant, treffen we aan
afbeelding
Plantenanatomie
Vaatbundels in zaadplanten.
Waar komen in een zaadplant vaatbundels voor?
Plantenanatomie
Transportweefsel in stengel. Zie figuur B 1789 van de bijlage.
De tekening stelt een doorsnede van een stengel van een plant voor.
Op welke van de aangegeven plaatsen bevinden zich bastvaten?
afbeelding
Plantenanatomie
Transportweefsel in stengel en blad. Zie figuur B 691 van de bijlage.
Een stengel en een blad worden dwars doorgesneden bij P en Q. Op de doorsneden p en q geven de cijfers 1, 2, 3 en 4 delen van vaatbundels aan.
In welke delen bevinden zich houtvaten?
afbeelding
Plantenanatomie
Litteken op een takje. Zie figuur B 2150 van de bijlage.
Een leerlinge haalt in december een takje van een Paardenkastanje af. Zij onderzoekt dit takje en ontdekt er bepaalde littekens op. Van zo'n litteken maakt zij de tekening die als de afbeelding is weergegeven. De leraar vertelt haar dat op de plaats van dit litteken vroeger een steel van een blad heeft vastgezeten. In dit litteken zijn ronde afdrukjes te zien.
Wat heeft waarschijnlijk op de plaats van zo'n rond afdrukje (p) gezeten, toen het blad nog aan het takje zat?
Daar zat waarschijnlijk een [invulveld].
afbeelding
Plantenfysiologie
Transport door houtvaten.
Door houtvaten van bomen kan suiker worden getransporteerd.
In welk jaargetijde kan een dergelijk transport vooral worden verwacht en in welke richting vindt het dan plaats?
afbeelding
Plantenfysiologie
Transport door bastvaten.
Welke van onderstaande stoffen wordt vooral door bastvaten van planten vervoerd?
Plantenfysiologie
Transport in boom. Zie figuur B 2018 van de bijlage.
De tekening stelt een boom voor op een zonnige zomerdag. Met de pijlen 1 en 3 is de opname van stoffen door de boom aangegeven. Met pijl 2 is de afgifte van stoffen door de bladeren aangegeven. Met pijl 4 wordt het transport van stoffen in de stam omhoog en met pijl 5 het transport omlaag weergegeven.
Vindt het transport aangegeven via bastvaten plaats via pijl 4 of via pijl 5? Vindt zouttransport plaats via pijl 2 of via pijl 3?
afbeelding
afbeelding
Plantenfysiologie
Transport door stengel. Zie figuur B 1709 van de bijlage.
Een stengel met enkele bladeren wordt afgesneden en enige tijd in rood gekleurd water geplaatst. Zodra het eerste blad rood begint te kleuren, maakt men een dwarsdoorsnede van de stengel onder dit blad. De tekening geeft deze doorsnede schematisch weer.
In welk van de genummerde delen bevindt zich dan rode kleurstof?
afbeelding
Plantenanatomie en -fysiologie
2/2 Transport in een boom.
Als er een harde wind opsteekt, zal de verdamping door een boom sterk toenemen. In de periode vlak na het opsteken van de wind wordt het transport van de wortels naar de bladeren gemeten.
Wat zal er in de boom met het transport van de wortels naar de bladeren gebeuren in deze periode met toegenomen verdamping?
Plantenanatomie
Bladluizen.
Bladluizen leven van suikerrijk plantensap. Zij zuigen dit sap onder andere uit de nerven van de bladeren van een plant.
Uit welke vaten vooral halen bladluizen hun voedsel?
Uit de [invulveld]vaten.
Plantenfysiologie
Maretak. Zie figuur B 5288 van de bijlage.
Lees de tekst hieronder. Een maretak (zie de afbeelding hiernaast) is een bijzondere plant die in Nederland in Zuid-Limburg voorkomt. Een maretak leeft op de stam of op de takken van bomen zoals populieren. Aan deze plant met bladgroen komen in de herfst besjes. Een bloem levert maar één besje. De besjes worden gegeten door vogels. De kleverige zaden blijven daarbij aan hun snavels plakken. De vogels proberen ze eraf te krijgen door hun snavel langs takken van bomen te wrijven. De zaden blijven daarbij aan een tak kleven. Bij de ontkieming van een zaad dringt de jonge wortel de tak binnen.
Wat is de belangrijkste functie van de binnendringende worteltjes van de maretak?