Deze digitale toets over bloedvaten en de bloedsomloop is gericht op studenten in de biologie of gezondheidszorg en behandelt onderwerpen zoals de bloedstroom in de handen, de kleine en grote bloedsomloop, en de functie van kleppen in het bloedvatenstelsel. Test je kennis met diverse meerkeuzevragen en afbeeldingen die de bloedsomloop verduidelijken. - 20 vragen
Aantal vragen
20
Vak(ken)
Biologie
Kerndoel(en)
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
Leerniveau(s)
HAVO 1, HAVO 2
Uitgever
NVON
Copyright
cc-by-sa-40
Bloedvaten in de handen
1/4 Bloedstroom in je handen. Zie figuur B 1969 van de bijlage.
Op de rugzijde van je handen zijn vaak bloedvaten te zien. In de afbeelding zijn deze bloedvaten getekend. Deze bloedvaten liggen dicht onder de huid.
Wat voor bloedvaten zijn in de afbeelding getekend?
afbeelding
Bloedvaten in de handen en bloedsomloop
2/4 Bloedstroom in je handen.
Tot welke bloedsomloop of bloedsomlopen behoren de bloedvaten in de handen?
Bloedstroom in de handen
3/4 Bloedstroom in je handen. Zie figuur B 2058 van de bijlage.
Op de volgende manier (zie de afbeelding) kun je bij jezelf zien hoe je bloed stroomt.
Tekening 1. Bal je linkerhand tot een vuist. Op de rug van die hand zie je bloedvaten. Druk één van die bloedvaten met je rechter middelvinger dicht. Tekening 2. Strijk met de wijsvinger van de rechterhand het bloed in het dichtgedrukte vat weg in de richting van de pols. Tekening 3. Als je het vat dicht blijft drukken stroomt er geen nieuw bloed in dit vat omdat kleppen het bloed verhinderen terug te stromen. Tekening 4. Als je niet meer op het vat drukt, stroomt het vat weer vol.
In welke richting stroomt normaal het bloed in dit dichtgedrukte bloedvat?
afbeelding
Kleppen en bloedstroom in de handen
4/4 Bloedstroom in je handen. Zie figuur B 2058 van de bijlage.
In situatie 3 (zie de afbeelding, tekening 3) verhinderen kleppen dat het bloed terugstroomt.
Op welke plaats bevinden zich de kleppen die in deze situatie het bloed tegenhouden?
afbeelding
Zuurstofrijk Bloed naar de Lever
1/2 Bloedvaten. Zie figuur A 326 van de bijlage.
In de afbeelding is schematisch een gedeelte van de bloedsomloop van de mens weergegeven.
Uit welk bloedvat ontvangt de lever van de mens zuurstofrijk bloed?
afbeelding
Bloedvaten en de kleine bloedsomloop
2/2 Bloedvaten. Zie figuur A 326 van de bijlage.
Maakt één van de in de afbeelding genummerde bloedvaten deel uit van de kleine bloedsomloop? Zo ja, welk?
afbeelding
Bloedcirculatie volgens William Harvey
1/2 Harvey.
In de zeventiende eeuw ontdekte William Harvey dat bloed in het bloedvatenstelsel een kringloop doorloopt. Vóór die tijd dacht men dat bloed door het hart gemaakt werd en in de weefsels werd verbruikt. Harvey toonde aan dat dit onwaarschijnlijk was. Harvey stelde vast dat bij een volwassen mens het hart per slag ongeveer 50 ml bloed wegpompt. Hij telde 70 hartslagen in één minuut.
Bereken hoeveel liter (1 liter = 1000 ml) bloed het hart volgens Harvey per minuut wegpompt.
Bloedvaten in de kleine bloedsomloop
1/7 Bloedsomloop. Zie figuur A 382 van de bijlage.
In een reclamefolder van een geneesmiddelenfabrikant staat de volgende tekst over de bloedsomloop.
Een mens heeft een hart en een bloedsomloop. Of eigenlijk: een hart en twee bloedsomlopen. Een kleine bloedsomloop en een grote bloedsomloop. De grote zorgt ervoor dat het voedsel- en zuurstofrijke bloed over de weefsels en organen wordt verdeeld. Het bloed wordt door het hart in de slagaders gepompt. Het bloed komt na zijn omloop via de aders weer terug in het hart.
In de afbeelding (figuur A 382) zijn schematisch de bloedsomlopen met enkele bloedvaten getekend. In het linkerbeen zijn twee bloedvaten genummerd.
Welke bloedvaten, die in de afbeelding zijn benoemd, horen bij de kleine bloedsomloop?
afbeelding
Bloedvaten en hun voedingsstoffen en zuurstof
2/7 Bloedsomloop. Zie figuur A 382 van de bijlage.
Welk nummer heeft het bloedvat met het hoogste gehalte aan voedingsstoffen? En welk nummer heeft het bloedvat met het hoogste gehalte aan zuurstof?
afbeelding
afbeelding
Medicijn en bloedsomloop: juiste beweringen?
3/7 Bloedsomloop. Zie figuur A 382 van de bijlage.
Een patiënt slikt een bepaald medicijn dat de productie van urine moet stimuleren. Dat medicijn wordt via de wand van het verteringskanaal opgenomen in het bloed.
Twee beweringen over de weg van het medicijn na opname in het bloed zijn:
I. Het medicijn bereikt na opname in het bloed eerder de longen dan de nieren. II. De totale hoeveelheid van het opgenomen medicijn bereikt de nieren meteen de eerste keer nadat ze de linker kamer is gepasseerd.
Welke van deze beweringen is of welke zijn juist?
afbeelding
Kleppen in het Bloedvatenstelsel
4/7 Bloedsomloop. Zie figuur A 382 van de bijlage.
Drie delen van het bloedvatenstelsel zijn: een beenader, een beenslagader en het hart.
In welk of in welke van deze delen komen kleppen voor?
afbeelding
Bloedstroom vanuit het hart naar de longen
5/7 Bloedsomloop. Zie figuur A 382 van de bijlage.
Uit welk deel van het hart stroomt het bloed direct de longslagader in?
afbeelding
Aders die bloed naar het hart vervoeren
6/7 Bloedsomloop. Zie figuur A 382 van de bijlage.
In de tekst staat dat het bloed via aders naar het hart terugstroomt.
Noem twee verschillende aders van waaruit bloed rechtstreeks in het hart terecht komt.
afbeelding
Gevolgen van een bloedvatverstopping
7/7 Bloedsomloop. Zie figuur A 382 van de bijlage.
Soms raakt een bloedvat verstopt door een bloedstolsel. Wanneer een slagader van het rechterbeen verstopt raakt door een stolsel, kunnen cellen in de rechtervoet doodgaan.
Leg uit dat het stolsel in het bloedvat ertoe kan leiden dat die cellen doodgaan.
afbeelding
De kleine bloedsomloop en het hart
1/2 De kleine bloedsomloop. Zie figuur B 3366 van de bijlage.
In de kleine bloedsomloop stroomt het bloed van het hart naar de longen. Daarna gaat het bloed via de longader terug naar het hart. Dit is weergegeven in de afbeelding.
In welk deel van het hart komt het bloed uit de longader het eerst terecht?
afbeelding
Longader versus longslagader uitleg
2/2 De kleine bloedsomloop. Zie figuur B 3367 van de bijlage.
In de afbeelding zijn een longader en een longslagader weergegeven. De vergroting is hetzelfde.
Welke tekening geeft een longader weer? Leg je antwoord uit.
afbeelding
Bloedvaten in de bloedsomloop
1/4 Hart en bloedvaten. Zie figuur B 3273 van de bijlage.
In de afbeelding is het hart met een aantal bloedvaten weergegeven. De pijlen geven de richting aan waarin het bloed stroomt.
Zijn in de afbeelding bloedvaten van de grote bloedsomloop weergegeven? En zijn bloedvaten van de kleine bloedsomloop weergegeven?
afbeelding
Doorsnede van een slagader herkennen
2/4 Hart en bloedvaten. Zie figuur B 3274 van de bijlage.
In de afbeelding zijn dwarsdoorsneden van drie verschillende bloedvaten getekend.
Welke tekening geeft een doorsnede van een slagader weer?
afbeelding
Verstopping van de kransslagader
3/4 Hart en bloedvaten.
Door verschillende oorzaken kunnen bloedvaten nauwer worden. Als een bepaalde slagader verstopt raakt, belemmert dit de bloedvoorziening van de hartspier. Zo ontstaat een hartinfarct.
Wat is de naam van de slagader die dan verstopt is?
Bloedvaten en hart-longmachine
4/4 Hart en bloedvaten. Zie figuur B 3275 van de bijlage.
Vaak wordt bij patiënten met zo'n vernauwde slagader een omleiding om het verstopte bloedvat aangelegd: een bypass. De hartspier krijgt daardoor weer voldoende voedingsstoffen en zuurstof aangevoerd. Tijdens zo'n operatie legt de chirurg het hart helemaal stil. Een hart-longmachine vervangt dan de taak van hart en longen. De afbeelding is een schematische weergave van een hart-longmachine.
Uit welke bloedvaten ontvangt de machine zuurstofarm bloed?