Oefentoets Biologie: Ademhaling - Ademproblemen | VMBO theoretische leerweg, 4

Deze oefentoets bevat 24 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

24

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Ademhaling

Hooikoorts.

Een hooikoortspatiënt is allergisch voor bepaalde deeltjes die in de lucht voor kunnen komen.

Noem twee typen deeltjes waarvoor een hooikoortspatiënt allergisch kan zijn.

Ademhaling

1/3 Hooikoorts.

Een allergie is een overgevoeligheid voor bepaalde stoffen. Zo is iemand met hooikoorts overgevoelig voor bepaalde soorten stuifmeelkorrels. Als hij die stuifmeelkorrels inademt, krijgt hij een loopneus, rode ogen en last van benauwdheid.

Zijn de stuifmeelkorrels die ingeademd worden vooral afkomstig van bloemen met windbestuiving of vooral van bloemen met insectenbestuiving? Leg je antwoord uit.

Ademhaling

2/3 Hooikoorts.

Wat zijn stuifmeelkorrels?

Ademhaling

3/3 Hooikoorts.
Zie figuur C 370 van de bijlage.

Bij een medicijn dat gebruikt wordt tegen hooikoorts, wordt een bijsluiter meegegeven. Er staat onder andere een 'pollenkalender' op: pollen is een ander woord voor stuifmeel.
In de afbeelding is zo'n pollenkalender weergegeven.

In welke maanden kan iemand die alleen allergisch is voor stuifmeel van de eik, volgens de pollenkalender, last krijgen van hooikoorts?

afbeeldingafbeelding

Ademhaling

1/3 Hooikoorts.

Hooikoorts is een allergische aandoening. Wanneer stuifmeel in aanraking komt met de slijmvliezen van iemand met aanleg voor deze aandoening, reageert het afweersysteem te sterk. Hooikoorts wordt vooral veroorzaakt door stuifmeel dat door de wind verspreid wordt, en niet door stuifmeel dat insecten vervoeren.
Een hooikoortspatiënt heeft vaak een aantal klachten. De meest voorkomende zijn niesbuien en een verstopte neus.
Het slijmvlies in de neus speelt een belangrijke rol bij het ontstaan van hooikoorts. De huid van de handen speelt hierbij nauwelijks een rol. Dat komt door de verschillen tussen het slijmvlies in de neus en de huid van de handen.

Leg uit dat stuifmeel dat op het neusslijmvlies is terecht gekomen meer invloed op het lichaam kan hebben dan stuifmeel dat op de huid van een hand terecht is gekomen.

Ademhaling

2/3 Hooikoorts.

Alleen stuifmeel van bepaalde typen planten heeft invloed op hooikoortspatiënten.
Bij planten kunnen de volgende kenmerken voorkomen:

1. kleverig stuifmeel,
2. heel veel stuifmeel,
3. geurende bloemen,
4. nectar in de bloemen,
5. onopvallend gekleurde bloemen.

Welke van deze kenmerken komen voor bij planten waarvan het stuifmeel hooikoorts veroorzaakt?

Ademhaling

3/3 Hooikoorts.

Bij sommige weervoorspellingen krijgen hooikoortspatiënten het advies binnen te blijven.
Drie voorbeelden van weerberichten in juni zijn:

Weerbericht 1: Overwegend bewolkt met af en toe regen. Zwakke wind uit het westen. Maximumtemperatuur ongeveer 16°C.
Weerbericht 2: Zonnig en droog. Vrij sterke wind uit het zuiden. Maximumtemperatuur in de middag ongeveer 23°C.
Weerbericht 3: De hele dag regen. Vrijwel windstil. Maximumtemperatuur in de middag 12°C.

Bij welk van deze weerberichten krijgt iemand die veel last heeft van hooikoorts, het advies om binnen te blijven? Leg je antwoord uit.

Ademhaling

Hooikoorts.

Een hooikoortspatiënt is allergisch voor bepaalde deeltjes die in de lucht voor kunnen komen. In de lucht kunnen o.a. voor:

1. huidschilfertjes van dieren;
2. sporen van paddestoelen;
3. stuifmeelkorrels van grassen.

Voor welke van deze deeltjes is een hooikoortspatiënt speciaal allergisch?

Ademhaling

Hyperventilatie.

Bij iemand die een aanval van hyperventilatie heeft, versnelt de ademhaling. Ook gaat het hart sneller kloppen.

Heeft deze versnelling van de hartslag invloed op de bloeddruk?

Ademhaling

1/2 Het schaatshoestje.

Een schaatser die een flinke inspanning levert, haalt adem door zijn mond.

Wat is de reden dat een sporter tijdens een flinke inspanning ademhaalt door de mond en niet door de neus?

Ademhaling

2/2 Het schaatshoestje.

De lucht in een schaatshal is koud en droog. Bij inademing door de mond wordt de lucht niet goed verwarmd. Hierdoor worden de slijmvliezen geprikkeld en wordt er extra slijm gevormd. De schaatser gaat dan hoesten. Dit wordt het 'schaatshoestje' genoemd. Tijdens het hoesten trekken de buikspieren zich krachtig samen.

Gaat het middenrif dan omhoog of omlaag?
Of is dat niet te zeggen?

Ademhaling

1/3 Klaplong.
Zie figuur B 3320 van de bijlage.

Een klaplong is het plotseling 'lek' raken van één van beide longen. Er komt dan lucht tussen de long en de wand van de borstholte. Het longweefsel verschrompelt dan tot een dikke prop om de vertakkingen van de luchtpijp (zie de afbeelding).

Hoe heten de vertakkingen van de luchtpijp?

afbeeldingafbeelding

Ademhaling

2/3 Klaplong.

Als iemand met een klaplong inademt, wordt de ingeklapte long niet meer uitgerekt.

Welke spieren trekken bij een normale inademing samen?

Ademhaling

1/4 Luchtwegklachten.

Onderzoekers wilden weten of luchtverontreiniging invloed heeft op de luchtwegen van kinderen mèt en van kinderen zonder astma. In drie winters (1992-1995) deden ze een onderzoek onder 600 kinderen. De kinderen werden verdeeld in twee groepen.

Groep 1 bestond uit kinderen mét astma, groep 2 uit kinderen zonder astma. De kinderen moesten hun luchtwegklachten in een dagboekje noteren. Ook werd tijdens het onderzoek de mate van luchtverontreiniging gemeten. Op dagen met veel luchtverontreiniging kregen de kinderen in groep 1 duidelijk meer aanvallen van benauwdheid dan op dagen met weinig verontreiniging.

Bij de kinderen van groep 2 was dit niet het geval.

Schrijf een conclusie uit de resultaten van het onderzoek op.

Ademhaling

2/4 Luchtwegklachten.

Tijdens een astmatische aanval speelt de dikte van de slijmlaag in de luchtwegen een rol, evenals de kringspieren in de wand van de luchtwegen.

Zijn de kringspieren in de wand van de luchtwegen tijdens zo'n aanval ontspannen of samengetrokken? Leg je antwoord uit.

Ademhaling

3/4 Luchtwegklachten.

Iemand die een aanval van astma krijgt, heeft moeite met uitademen.
Hij gaat dan actief dieper uitademen.

Worden bij dit diepe uitademen de middenrifspieren samengetrokken?
En worden de buikspieren samengetrokken?

Ademhaling

4/4 Luchtwegklachten.

Wat is een functie van de slijmlaag in de luchtwegen?

Ademhaling

1/2 Neuspoliepen.

Neuspoliepen zijn plaatselijke zwellingen van het slijmvlies in de neus. Neuspoliepen kunnen hinderlijk zijn, vooral als ze wat groter worden of in een groepje bij elkaar liggen. Dan wordt de ademhaling door de neus belemmerd en moet men door de mond ademhalen.

Noem twee redenen waarom neusademhaling beter is dan mondademhaling.

Ademhaling

2/2 Neuspoliepen.
Zie figuur B 2905 van de bijlage.

In de afbeelding is een doorsnede van een deel van het hoofd weergegeven.

Tijdens het slikken en bewegen de huig en het strotklepje.

Komt bij de persoon uit de afbeelding bij het slikken de huig tegen de neuspoliep?
En komt het strotklepje tegen de neuspoliep?

afbeeldingafbeelding

Ademhaling

1/3 Beroepsziekten.

Als mensen op hun werk veel in aanraking komen met stoffen waarvoor ze overgevoelig zijn, kunnen ze een longziekte oplopen. Zulke stoffen veroorzaken dan een allergische reactie van de bronchiolen (zie de afbeelding hieronder). Bronchiolen zijn de kleinste vertakkingen van de luchtwegen in de longen.
De paprikalong is zo'n beroepsziekte en wordt veroorzaakt door stuifmeel van paprikaplanten. Deze aandoening komt veel voor bij werknemers in de paprikateelt.

Als bij een patiënt met een paprikalong een allergische reactie optreedt, vernauwen de bronchiolen zich.

Welke twee gebeurtenissen treden op in de bronchiolen wanneer ze nauwer worden? Gebruik hiervoor de informatie.

Ademhaling

2/3 Beroepsziekten.

Als mensen op hun werk veel in aanraking komen met stoffen waarvoor ze overgevoelig zijn, kunnen ze een longziekte oplopen. Zulke stoffen veroorzaken dan een allergische reactie van de bronchiolen (zie de afbeelding hieronder). Bronchiolen zijn de kleinste vertakkingen van de luchtwegen in de longen.
De paprikalong is zo'n beroepsziekte en wordt veroorzaakt door stuifmeel van paprikaplanten. Deze aandoening komt veel voor bij werknemers in de paprikateelt.
In de voedingsmiddelenindustrie wordt veel met enzymen gewerkt. Zo wordt in bakkerijen een bepaald enzym aan het meel toegevoegd. Dit enzym blijkt na inademing bij sommige werknemers ook een allergische reactie van de ademhalingsorganen op te wekken.

Noem twee stoffen die de bronchiolen nauwer laten worden. Gebruik hiervoor informatie 2.

Ademhaling

3/3 Beroepsziekten.
Zie figuur B 2964 van de bijlage.

In de afbeelding is schematisch onder andere het ademhalingsstelsel weergegeven.

Welke letter geeft een bronchiole aan?

afbeeldingafbeelding

Ademhaling

De ambrosia.
Zie figuur B 4345 van de bijlage.

Stuifmeel van de ambrosia veroorzaakt bij sommige mensen hooikoorts. Uit onderzoek is gebleken dat 6 stuifmeelkorrels van de ambrosia al voldoende zijn om een allergische reactie te veroorzaken bij die mensen.
Voor zo'n reactie zijn 60 stuifmeelkorrels van een grassoort nodig. Deze stuifmeelkorrels zijn veel groter dan de stuifmeelkorrels van de ambrosia.

Noem een oorzaak, waardoor de kleinere stuifmeelkorrels van de ambrosia een sterkere allergische reactie veroorzaken dan de stuifmeelkorrels van een grassoort.

afbeeldingafbeelding