Oefentoets Biologie: Voortplanting | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 38

Deze digitale toets over zwangerschap en voortplanting is bedoeld voor studenten in de gezondheidszorg en biologie, en behandelt onderwerpen zoals hemoglobine in bloedcellen, genotypes van resusbaby's, en de werking van de baarmoeder. Test je kennis met vragen over celdelingen, tweelingen en de functie van hormonen in de anticonceptiepleister. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Hemoglobine in Bloedcellen

19/21 Zwangerschap.

Bij bloedonderzoek van een zwangere vrouw wordt het hemoglobinegehalte bepaald (zie informatie 3).

In welke bloeddeeltjes bevindt het hemoglobine zich?

Genotypes van resusbaby en moeder

20/21 Zwangerschap.

De resusfactor van het bloed is een erfelijke eigenschap. Het gen voor resuspositief bloed is dominant (A).

Wat is het genotype van een resusbaby (zie informatie 3)?
En wat is het genotype van de moeder van zo'n baby?

resusbaby:
moeder:

Celdelingen tijdens de zwangerschap

21/21 Zwangerschap.
Zie figuur B 4482 van de bijlage.

In de afbeelding van informatie 1 worden onder andere celdelingen weergegeven.

Zijn deze delingen mitoses (= gewone celdelingen) of meioses (= reductiedelingen)? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Identificatie van de baarmoeder in de afbeelding

1/3 De baarmoeder.
Zie figuur B 4494 van de bijlage.

In de afbeelding zijn enkele organen in de buikholte van een vrouw weergegeven.

Welke letter geeft de baarmoeder aan?

afbeeldingafbeelding

Afbraak van baarmoederslijmvlies

2/3 De baarmoeder.

De baarmoeder bestaat uit drie lagen: een stevige buitenlaag van bindweefsel, een laag spieren en een binnenlaag van slijmvlies. Dit slijmvlies wordt regelmatig afgebroken.

Wanneer wordt het slijmvlies van de baarmoederwand afgebroken?

Cellen van het baarmoederslijmvlies

3/3 De baarmoeder.

Bij bepaalde klachten, bijvoorbeeld bij abnormaal bloedverlies via de vagina, wordt soms een zogenaamde curettage uitgevoerd. Tijdens zo'n kleine operatie wordt slijmvlies van de binnenkant van de baarmoeder weggehaald. Cellen van dit slijmvlies worden in het laboratorium onderzocht.

Hebben cellen van het baarmoederslijmvlies een celkern?
En hebben ze een celwand?

Eierstokken in de anticonceptiepleister

1/3 De anticonceptiepleister.
Zie figuur B 4432 van de bijlage.

De anticonceptiepleister of de 'plakpil' is een voorbehoedmiddel. In de pleister bevinden zich bepaalde hormonen die via de huid in het bloed worden opgenomen. Deze hormonen beïnvloeden de werking van de eierstokken.

In de afbeelding zijn onder andere vrouwelijke voortplantingsorganen weergegeven.

Welke letter geeft een eierstok aan?

afbeeldingafbeelding

Hormonen en de werking van de eierstokken

2/3 De anticonceptiepleister.

De hormonen in de anticonceptiepleister beïnvloeden de werking van de eierstokken.

Welke andere hormonen beïnvloeden vooral de werking van de eierstokken?

Bloedvaten in de huid

3/3 De anticonceptiepleister.

De hormonen uit de pleister worden via de huid in het bloed opgenomen.

Waar in de huid bevinden zich bloedvaten?

Tweelingen en vruchtvliezen

1/3 Tweelingen.
Zie figuur B 4429 van de bijlage.

Van elke 1000 zwangerschappen in Nederland zijn er ongeveer 15 waarbij sprake is van een eeneiige of een twee-eiige tweeling.
Bij een twee-eiige tweeling bevinden zich altijd twee vruchtvliezen rond elke baby. Soms is dit ook het geval bij een eeneiige tweeling. Meestal bevindt zich bij een eeneiige tweeling één vruchtvlies om elke baby en nog een tweede vlies om beide baby's samen. In één procent van de gevallen bevinden beide baby's van een eeneiige tweeling zich samen binnen twee vruchtvliezen (zie de afbeeldingen).

In welke van de afbeeldingen P, Q of R kan er volgens de informatie sprake zijn van een twee-eiige tweeling?

afbeeldingafbeelding

Tweelingen: Wat is deel T?

2/3 Tweelingen.
Zie figuur B 4429 van de bijlage.

Hoe heet het deel dat in de afbeelding wordt aangegeven met de letter T? Dit deel heet de/het [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Eeneiige of twee-eiige tweeling?

3/3 Tweelingen.

Als na de geboorte niet duidelijk is of een tweeling eeneiig of twee-eiig is, wordt soms wat bloed uit beide navelstrengen onderzocht om de bloedgroep van de baby's te bepalen.
Bij zo'n onderzoek blijkt dat één van de baby's bloedgroep A heeft en de ander bloedgroep B. Beide baby's zijn meisjes.

Zijn deze twee meisjes een eeneiige of een twee-eiige tweeling? Of is dat niet te zeggen?

Identificeer de Zaadleider in de Afbeelding

1/2 Sterilisatie.
Zie figuur B 4492 van de bijlage.

Bij sterilisatie van een man worden de zaadleiders onderbroken.
In de afbeelding zijn enkele organen van een man schematisch weergegeven.

Welke letter in de afbeelding geeft een zaadleider aan?

afbeeldingafbeelding

Functie van condooms bij geslachtsgemeenschap

2/2 Sterilisatie.

Een gesteriliseerde man hoeft geen condooms te gebruiken als voorbehoedmiddel. Toch gebruikt zo'n man wel eens condooms.

Noem een andere functie van een condoom bij geslachtsgemeenschap dan het voorkomen van een zwangerschap.

Celdeling en stamcellen

1/3 Stamcellen.
Zie figuur C 376 van de bijlage.

Als een eicel bevrucht is, gaat die zich delen. Na ongeveer vijf dagen is een klompje cellen ontstaan. In dit klompje bevinden zich cellen die stamcellen worden genoemd.
Tijdens de ontwikkeling van het embryo ontstaan uit stamcellen alle verschillende soorten weefsels.
Wetenschappers onderzoeken de mogelijkheid om stamcellen in een laboratorium te kweken. Als het dan zou lukken om uit stamcellen verschillende soorten cellen te laten ontstaan, dan kunnen die misschien gebruikt worden om beschadigd weefsel te herstellen.
In de afbeelding wordt schematisch een manier weergegeven waarop men probeert stamcellen te kweken.

In de afbeelding zijn bij nummer 5 twee cellen weergegeven die door celdeling zijn ontstaan uit een behandelde eicel.

Hoe heet zo'n celdeling?

afbeeldingafbeelding

Chromosomen in Stamcellen

2/3 Stamcellen.

Een onbevruchte eicel bevat 23 chromosomen.

Hoeveel chromosomen bevat een stamcel bij nummer 6 uit de afbeelding?

[invulveld] chromosomen

Celtypen uit Stamcellen

3/3 Stamcellen.
Zie figuur C 376 van de bijlage.

In de afbeelding zijn twee celtypen weergegeven die zich uit stamcellen kunnen ontwikkelen: R en S.

Geef de namen van deze twee celtypen.
Typ je antwoord zó:

R = [invulveld]
S = [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Voortplanting van tulpen: geslachtelijk en ongeslachtelijk

(On)geslachtelijke voortplanting bij tulpen.
Zie figuur B 1093 van de bijlage.

Tulpen zijn bolgewassen die in het voorjaar bloeien. In Nederland worden veel tulpenbollen gekweekt voor de verkoop. In figuur B 1093 van de bijlage is een bloeiende tulp weergegeven.

Kunnen tulpen zich geslachtelijk voortplanten?
En ongeslachtelijk?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Levenscyclus van de Oost-Indische kers

Levenscyclus van Oost-Indische kers.
Zie figuur B 3457 van de bijlage.

In de afbeelding is de levenscyclus van Oost-Indische kers weergegeven.

Juist of onjuist?

Een Oost-Indische kers is een éénjarige plant: .

afbeeldingafbeelding

Floravervalsing en de gevolgen daarvan

Floravervalsing.

Bij floravervalsing (floravervuiling)