Oefentoets Biologie: Genetica - veredelen | HAVO 4/HAVO 5

Deze oefentoets bevat 9 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

9

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Genetica

1/5 Nieuwe appels!
Zie figuur A 861 van de bijlage.

Zo af en toe zie je hem in de winkel, maar hij zou er al veel langer moeten liggen, de Santana, een gloednieuw appelras, glanzend rood, zoetzuur, lekker bros en sappig. Milieuvriendelijk bovendien, want de Santana kan beter tegen schurft, een veel voorkomende appelziekte, en hoeft daarom veel minder bespoten te worden dan de nu gangbare rassen.
De Santana is een appel die verkregen is door bepaalde appelrassen met elkaar te kruisen. Er is hierbij geprobeerd om de gunstige eigenschappen van de verschillende rassen te combineren in een nieuw ras (zie de afbeelding). Het duurt ongeveer 20 jaar voor een nieuw ras klaar is voor de markt.
Eerst worden de ouders' gekruist, daarna wordt jaar na jaar geselecteerd in proeftuinen. Als de planten daarna zijn uitgezet bij de telers, kost het nog enkele jaren voor de eerste appels op de markt kunnen worden geïntroduceerd.

Geef de naam van het proces waarbij door middel van kruisingen en selectie nieuwe rassen gekweekt worden.

Dit proces noemt men [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Genetica

2/5 Nieuwe appels!

Als uiteindelijk een nieuw appelras is verkregen, vermeerdert men de planten door middel van enten. Hierbij laat men een loot of takje van het gewenste appelras groeien op een stam van een ander appelras. Een voordeel is de tijdwinst die ermee behaald wordt.

Om welke andere reden is het noodzakelijk om bij het vermeerderen van een nieuw appelras te kiezen voor een ongeslachtelijke manier van voortplanten?

Genetica

3/5 Nieuwe appels!

Net vóór de introductie van de Santana ontdekte men dat de appel leed aan 'inwendig bruin'. Aan de buitenkant was niets te zien, maar van binnen is één op de vijf appels bruin. Wat er is misgegaan is nog niet duidelijk.
Mogelijk is er iets misgegaan met het handhaven van de vochtigheidsgraad tijdens het bewaren. Je gaat onderzoeken of de vochtigheidsgraad tijdens het bewaren de oorzaak is van het inwendig bruin. Je hebt de beschikking over veel kisten Santana appels die allemaal op hetzelfde tijdstip geplukt zijn maar niet allemaal even rijp zijn. Je kunt aan de buitenkant niet zien hoe rijp de appels zijn.

Beschrijf een proefopzet waarmee je onderzoekt of de vochtigheidsgraad tijdens het bewaren iets te maken heeft met inwendig bruin bij de appels.

Genetica

4/5 Nieuwe appels!

Een gewenste eigenschap voor een nieuw appelras is resistentie tegen de schimmel Venturia inaequalis, die schurft veroorzaakt. Eén van de manieren om een resistent appelras te verkrijgen is door een kruising uit te voeren van de 'nieuwe appel' met de wilde appel die van nature resistent is tegen de schurft.
De boompjes die hieruit ontstaan, zijn allemaal resistent.
De op deze manier verkregen resistentie wordt veroorzaakt door één gen.

Is het gen voor de hier beschreven eigenschap resistentie tegen schurft' dominant of recessief?
Heeft de bij deze kruising gebruikte wilde appelboom een homo- of heterozygoot genotype met betrekking tot het resistentiegen?

afbeeldingafbeelding

Genetica

5/5 Nieuwe appels!

Met behulp van DNA-analyse kan men van een zaailing al gedeeltelijk bepalen welke eigenschappen boom en appel zullen hebben. Hierbij onderzoekt men onder andere of het appelzuurgen aanwezig is.
Appelzuur is erg belangrijk voor de smaak van de appel, het ontbreken hiervan maakt hem eigenlijk oneetbaar.
Over het appelzuurgen worden twee beweringen gedaan:

1. Het appelzuurgen codeert voor een enzym dat betrokken is bij de aanmaak van appelzuur.
2. Het appelzuurgen komt voor in blaadjes van de appelboom.

Welk van deze bewering is of welke beweringen zijn juist?

Genetica

Suikerbieten.

Suikerbieten bevatten tegenwoordig een suikergehalte tussen 16,2% en 16,9%. In 1747 werd door de onderzoeker Margraf voor het eerst het suikergehalte van suikerbieten bepaald. Hij vond een suikergehalte van 1,5 %. Een leerling van Margraf slaagde erin bieten te kweken met een suikergehalte van 5%. Tegenwoordig noemt men de door hem toegepaste methode ‘veredelen'.

Beschrijf wat de leerling van Margraf heeft gedaan waardoor hij bieten met een hoger suikergehalte verkreeg.

Genetica

Brazilië.

In Brazilië heeft een verontruste wetenschapper zich ingezet voor het behoud van het regenwoud. Hij heeft zich ontwikkeld tot zakenman en allerlei initiatieven genomen om de export van andere woudproducten dan tropisch hardhout te bevorderen.
Voorbeelden van producten, die de zakenman op de markt brengt, zijn olie en geurige stoffen van de copaibaboom. De olie werkt als geneeskrachtige balsem. De geurstoffen worden gebruikt als grondstof voor reukwater zoals 'Water voor de Hartstocht' en 'Loop me achterna'.

Leg uit hoe je met behulp van veredeling, dus zonder gebruik te maken van genetische modificatie, copaibaplanten kunt verkrijgen die meer oliën en geurige stoffen produceren.

Genetica

Smeermiddelen uit planten.
Zie figuur A 289 van de bijlage.

In een landelijk ochtendblad stond een bericht over het gebruik van plantaardige olie als smeermiddel. In de tekst van de afbeelding is sprake van veredeling van de in Zeeland en Overijssel geteelde planten. Veredeling is een techniek waarin verschillende stappen voorkomen.

Beschrijf in enkele zinnen de belangrijkste stappen die genomen moeten worden bij de veredeling van de in Zeeland en Overijssel geteelde planten met als doel een hoger oliegehalte van de planten. Gebruik in je beschrijving de begrippen kruising en selectie.

Genetica

Een plantaardig geneesmiddel tegen malaria.
Zie figuur B 6836 van de bijlage.

Bij vrijwel alle geneesmiddelen tegen malaria is resistentie van de malariaparasiet waargenomen, zelfs bij middelen die pas enkele jaren worden gebruikt. Een nieuw middel zou artemisinine kunnen zijn, een extract uit een plant: een eenjarige Artemisia-soort.
Artemisinine vernietigt de malariaparasiet.

Het extract artemisinine wordt uit de groene delen van de artemisiaplant verkregen. De opbrengst per plant is zeer gering. Uitgaande van planten uit de natuur zou men steeds nieuwe rassen kunnen verkrijgen met een steeds hogere opbrengst van artemisinine. Dit kan door de plant jarenlang geslachtelijk voort te planten.

Beschrijf in een aantal stappen een dergelijke werkwijze, die geen gebruik maakt van moderne biotechnologie.

afbeeldingafbeelding