Oefentoets Biologie: Hormoonstelsel - schildklier | HAVO 4/HAVO 5

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Hormoonstelsel

1/2 De schildklier.

In het lichaam van de mens wordt jood onder andere gebruikt bij de opbouw van thyroxine. Een tekort aan jood kan leiden tot een vergroting van de schildklier (struma).
Een bepaald kind van zes jaar neemt te weinig jood op.

Zal hierdoor de groei van het kind worden beïnvloed?
En de stofwisseling?

Hormoonstelsel

2/2 De schildklier.

In de hypofyse wordt het schildklierstimulerend hormoon (SSH) gevormd.

Over de mogelijke oorzaken van struma worden drie beweringen gedaan:

1. Struma ontstaat door een te grote afgifte van SSH uit de hypofyse.
2. Struma ontstaat door een te kleine afgifte van SSH uit de hypofyse.
3. Struma ontstaat door een te grote productie van thyroxine.

Welke van deze beweringen is juist?

Hormoonstelsel

Jodium.

In het lichaam van de mens wordt jodium onder andere gebruikt bij de opbouw van thyroxine. Een tekort aan jodium kan leiden tot een vergroting van de schildklier (struma).
In de hypofyse wordt het thyroïdstimulerend hormoon (TSH) gevormd.

Over de mogelijke oorzaken van struma worden drie beweringen gedaan:

1. Struma ontstaat door een te grote afgifte van TSH uit de hypofyse.
2. Struma ontstaat door een te kleine afgifte van TSH uit de hypofyse.
3. Struma ontstaat door een te grote productie van thyroxine.

Welke van deze beweringen is juist?

Hormoonstelsel

Schildklierverwijdering.

Als bij een persoon de schildklier wordt verwijderd, dan zullen de cellen van de hypofyse (hersenaanhangsel) die schildklierstimulerend hormoon (thyreotroop hormoon) produceren, na deze ingreep

Hormoonstelsel

Schildklier.

De schildklier bij de mens produceert een hormoon dat onder andere de afgifte van thyroïdstimulerend hormoon door de hypofyse beïnvloedt.

Wordt de afgifte van dit hypofysehormoon bevorderd of vertraagd door een verhoogd gehalte aan dit schildklierhormoon in het bloed?
Wordt de stofwisseling bevorderd of vertraagd door een verhoogd gehalte aan dit schildklierhormoon in het bloed?

afbeeldingafbeelding

Hormoonstelsel

Het calciumgehalte van het bloed.

Het calciumgehalte van het bloed van een chimpansee schommelt om een bepaalde waarde. Twee hormonen regelen dit gehalte.

1. Parathormoon, gevormd door de bijschildklieren, zorgt ervoor dat het calciumgehalte verhoogd wordt.
2. Calcitonine, vooral gevormd door de schildklier, zorgt ervoor dat het calciumgehalte verlaagd wordt.

Hoe zal naar verwachting het gehalte aan parathormoon en aan calcitonine zijn in het bloed na een calciumrijke maaltijd?

afbeeldingafbeelding

Hormoonstelsel

Het calciumgehalte van het bloed.
Zie figuur B 2529 van de bijlage.

Het schema stelt een deel van de calciumhuishouding bij de mens voor.

Van welk hormoon zal na een calciumrijke maaltijd de afgifte aan het bloed toenemen?
Wordt onder invloed van dit hormoon meer of minder calcium in het skelet opgeslagen?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Hormoonstelsel

De schildklier valt uit.

Bij een zoogdier valt de werking van de schildklier uit.

Wat zal er gebeuren met de lichaamstemperatuur?
Zal de productie van schildklierstimulerend hormoon (SSH) toenemen of afnemen?

afbeeldingafbeelding

Hormoonstelsel

Schildklierstimulerend hormoon.

In welk van onderstaande organen wordt een hormoon geproduceerd dat de afgifte van schildklierstimulerend hormoon remt?

Hormoonstelsel

Verhoogde thyroxine-afgifte.

Verschijnselen die kunnen optreden bij personen met afwijkingen in de productie van hormoon zijn:

1. daling van de stofwisselingssnelheid,
2. toename van de transpiratie,
3. verlaging van de lichaamstemperatuur,
4. versterking van de hartwerking.

Welke van deze verschijnselen kan of welke kunnen veroorzaakt worden door een verhoogde thyroxine-afgifte?

Hormoonstelsel

Organen in de hals.
Zie figuur B 471 van de bijlage.

De afbeelding toont het bovenste gedeelte van de luchtpijp van de mens met enige andere organen.

Welke stof wordt door orgaan 3 gevormd?

afbeeldingafbeelding

Hormoonstelsel

Thyroxine.

Door een afwijking produceert de schildklier van een vrouw te weinig thyroxine. Deze patiënte neemt daarom dagelijks kleine hoeveelheden thyroxine in tabletvorm in.

Welke invloed heeft deze dagelijkse opname van thyroxine op de activiteit van haar hypofyse en op die van haar schildklier?

Hormoonstelsel

Jodium.

In het lichaam van de mens wordt jodium onder andere gebruikt bij de opbouw van thyroxine. Een tekort aan jodium kan leiden tot een vergroting van de schildklier (struma).
Een bepaald kind van zes jaar neemt te weinig jodium op.

Zal hierdoor de groei van het kind worden beïnvloed?
En de stofwisseling?

Hormoonstelsel

Jodium.

Bij de mens is voor de productie van thyroxine jodium nodig.
Een proefpersoon gebruikt een maand voedsel zonder jodium; verder blijft het voedsel gelijk, zowel in hoeveelheid als in samenstelling.

Zal in deze maand de productie van thyroïdstimulerend hormoon toenemen?
Zal in deze maand het gewicht van de persoon toenemen?

afbeeldingafbeelding

Hormoonstelsel

Hormonen.

Bij iemand wordt door de hypofyse onder andere het schildklierstimulerend hormoon (SSH) afgegeven. Als gevolg van een toenemende afgifte van SSH neemt de concentratie van thyroxine in het bloed toe. Als indirect gevolg hiervan treden veranderingen op in de concentratie van andere hormonen. Drie hormonen zijn: adrenaline, glucagon en insuline.
Er wordt van uitgegaan dat zich geen veranderingen in het levenspatroon van deze persoon voordoen.

Van welk of van welke van deze hormonen neemt de concentratie af?

Hormoonstelsel

Kikkers.
Zie figuur B 1423 van de bijlage.

Bij een onderzoek naar de invloed van schildklierhormoon op de groei en ontwikkeling van kikkers wordt een kikkervisje (1) behandeld met een stof waardoor de schildklier geen werkzaam schildklierhormoon afgeeft. De ontwikkeling van dit dier wordt vergeleken met een niet-behandeld kikkervisje (2). Kikkervisje 1 ontwikkelt zich tot een reuzenkikkervisje (P), terwijl kikkervisje 2 uitgroeit tot een normale kikker (Q). Deze ontwikkelingen zijn getekend in de afbeelding.

Welke van de onderstaande conclusies is op grond van dit experiment juist?

afbeeldingafbeelding

Hormoonstelsel

1/2 Thyroxine.

Een vergroting van de schildklier bij de mens kan worden veroorzaakt door een tekort aan thyroxine. Een dergelijke schildkliervergroting wordt struma genoemd.

Zal door het thyroxinetekort de hypofyse worden gestimuleerd, zal de schildklier worden gestimuleerd of zullen beide organen worden gestimuleerd?

Hormoonstelsel

2/2 Thyroxine.

Drie veranderingen in het lichaam worden genoemd:

1. het dalen van de lichaamstemperatuur,
2. het verminderen van de stofwisselingsactiviteit,
3. het versnellen van de polsslag.

Welke van deze veranderingen zal of welke zullen optreden wanneer iemand een tekort aan thyroxine krijgt?

Hormoonstelsel

Organen in de hals.
Zie figuur B 471 van de bijlage.

Welke stof wordt door orgaan 3 gevormd?

afbeeldingafbeelding