Oefentoets Biologie: Assimilatie-dissimilatie | Kooldioxide/zuurstof | VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 5

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Assimilatie_dissimilatie

Proef in vier afgesloten reageerbuizen.
Zie figuur B 1019 van de bijlage.


Vier reageerbuizen (1, 2, 3 en 4) worden alle met een rubberstop afgesloten, nadat ze als volgt zijn gevuld:

buis 1 alleen met water;
buis 2 met water en een groene waterplant;
buis 3 met water en een groene waterplant;
buis 4 met water en stukjes geschilde appel.

De buizen 1. 2 en 4 worden zes uur in het licht geplaatst.
Buis 3 wordt zes uur in het donker gezet.

In welke buis zal na afloop van het experiment de meeste zuurstof aanwezig zijn?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Plant met bladgroen in een afgesloten ruimte.

In een afgesloten ruimte bevindt zich een levende plant met bladgroen. De ruimte is gevuld met lucht en is zwak verlicht.
Bij metingen gedurende een uur blijkt, dat de hoeveelheid O2 in de ruimte niet verandert.

Dit is te verklaren, doordat er in de cellen van deze plant

Assimilatie_dissimilatie

Zuurstofafgifte van een groene waterplant.
Zie figuur B 1034 van de bijlage.

Van een groene waterplant wordt op een zonnige dag in het voorjaar de zuurstofafgifte gemeten. De gevonden waarden worden uitgezet in een diagram. De metingen worden van 6 uur 's morgens tot 18 uur 's avonds in het daglicht verricht.

Welk van de vier diagrammen geeft deze metingen juist weer?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Vier reageerbuizen met groene waterplanten
Zie figuur C 60 van de bijlage.

Vier reageerbuizen met groene waterplanten worden gevuld en opgesteld zoals in de tekeningen is aangegeven.

In welke van de reageerbuizen neemt de hoeveelheid zuurstof in het water toe?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Twee soorten eencellige organismen in een glazen bak.

In een glazen bak met water bevinden zich twee soorten eencellige organismen.
Soort 1 bevat bladgroen. Soort 2 bevat geen bladgroen. De bak staat in het zonlicht.

Door welke soort wordt zuurstof geproduceerd?
Door welke soort wordt deze zuurstof verbruikt?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Een plant met bladgroen in afgesloten ruimte.
Zie figuur B 2203 van de bijlage.

Een plant met bladgroen wordt in een met lucht gevulde afgesloten ruimte in het licht geplaatst.
Op tijdstip T wordt de opstelling in het donker gezet.
Het zuurstofgehalte in de ruimte wordt regelmatig gemeten en de resultaten worden uitgezet in een diagram.

Welk diagram kan deze resultaten juist weergeven?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Zuurstofproductie in een blad.

In een bepaalde cel van een blad wordt zuurstof geproduceerd.

Heeft deze cel bladgroen?
Vindt tijdens de productie van zuurstof tegelijkertijd in deze cel verbranding plaats?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Zuurstofproductie in een opperhuidcel.

In een bepaalde cel in de opperhuid van een blad wordt zuurstof geproduceerd.

Heeft deze cel bladgroen?
Wordt tijdens de productie van zuurstof tegelijkertijd in deze cel ook zuurstof verbruikt?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Het zuurstofgehalte in vier even grote bakken.
Zie figuur B 2012 van de bijlage.

Vier even grote bakken worden met lucht gevuld en afgesloten. Zie de tekeningen.
De bakken 1 en 3 staan in het licht, de bakken 2 en 4 staan in het donker.
Alle bakken staan bij 20°C.

In welke bak zal na 24 uur het zuurstofgehalte het hoogst zijn?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Twee omgekeerde jampotten gevuld met water.
Zie figuur B 2016 van de bijlage.

In een glazen bak met water staan twee omgekeerde jampotten op een paar klosjes.
In beide potten zit een beetje vocht, in iedere pot even veel.
In pot 1 drijven enkele groene bladeren op het water. De bak staat in het licht.
Na verloop van tijd is het water in pot 1 gezakt en in pot 2 niet (zie tekening).
Dit komt doordat in pot 1 zuurstof gevormd is.

Is de gevormde zuurstof afkomstig van verbranding?
Hebben de bladeren voor het produceren van de zuurstof water nodig?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Onderzoek naar watervervuiling.

Bij onderzoek naar de vervuiling van water gaat men onder andere na hoeveel zuurstof er door eencelligen in dit water wordt verbruikt. Hoe hoger dit zuurstofverbruik is, des te meer eencelligen er aanwezig zijn. De aanwezigheid van veel eencelligen betekent meestal dat er veel vervuilende stoffen zijn.
Eencellige organismen die voorkomen zijn bijvoorbeeld algen en bacteriën. Algen zijn eencelligen met bladgroen. De bacteriën in het water zijn heterotrofe organismen.
Het bepalen van het zuurstofverbruik gaat als volgt. Van het te onderzoeken water wordt het zuurstofgehalte bepaald. Daarna wordt dit water gedurende 5 dagen in een flesje in het donker bewaard en dan wordt opnieuw het zuurstofgehalte bepaald. Dit zuurstofgehalte na 5 dagen is lager doordat de eencelligen zuurstof hebben verbruikt.

Wordt zuurstof door de eencelligen verbruikt bij de fotosynthese?
Wordt de zuurstof in het flesje in het donker alleen gebruikt door de heterotrofe organismen?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Amoeben en oogdiertjes.
Zie figuur B 784 van de bijlage.

In twee bakken ( 1 en 3) bevinden zich amoeben en oogdiertjes. In twee andere bakken 2 en 4 bevinden zich alleen oogdiertjes. Deze oogdiertjes zijn eencelligen met bladgroen. Het aantal organismen in iedere bak is even groot.
De bakken 1 en 2 worden in het licht geplaatst.
De bakken 3 en 4 in het donker.

Welke bak bevat na 24 uur de meeste zuurstof?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

In een afgesloten ruimte met een levende plant.

In een afgesloten ruimte bevindt zich een levende plant met bladgroen. De ruimte is gevuld met lucht en is zwak verlicht.
Bij metingen gedurende een uur blijkt, dat de hoeveelheid O2 in de ruimte niet verandert.

Dit is te verklaren, doordat er in de cellen van deze plant

Assimilatie_dissimilatie

Een aquarium met vissen zonder planten.

Uit een aquarium met planten en vissen worden alle planten verwijderd.

In het water is er na enige tijd minder

Assimilatie_dissimilatie

Twee bakken met takjes waterpest.

Men heeft twee bakken.
In elke bak bevindt zich een aantal takjes waterpest.
Bak 1 staat in het licht.
Bak 2 staat in het donker.

Welke van onderstaande beweringen met betrekking tot dit experiment is juist?

Assimilatie_dissimilatie

De gaswisseling van een plant onder een stolp.

Men onderzoekt de gaswisseling van een plant die bij schemerlicht onder een glazen stolp staat. Bij dit schemerlicht wordt door de plant meer glucose verbrand dan geproduceerd.

Van welk gas neemt de hoeveelheid onder de stolp af?

Assimilatie_dissimilatie

Vier buizen met 50 watervlooien.
Zie figuur B 900 van de bijlage.

In de afbeelding is een proefopstelling weergegeven. Elke buis bevat 50 watervlooien.
De buizen 1 en 3 bevatten elk bovendien een even grote waterplant met bladgroen.
De buizen 1 en 2 staan in het licht.
De buizen 3 en 4 staan in het donker.
De temperatuur van het water in de buizen is en blijft gelijk.
Als er te weinig zuurstof in het water zit, komen de watervlooien naar de oppervlakte om te ademen.

In welke buis zullen de watervlooien het vaakst naar de oppervlakte komen?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Een plant met bladgroen in een proefopstelling.
Zie figuur B 1914 van de bijlage.

Een plant met bladgroen staat in een proefopstelling.
De pijlen geven de richting aan waarin lucht stroomt. De opstelling wordt eerst in het licht geplaatst en daarna in het donker.

Wanneer bevat de lucht in de buis bij Q meer zuurstof dan in de buis bij P?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Een aquarium met waterplanten en enkele vissen.
Zie figuur B 2056 van de bijlage.

In een aquarium bevinden zich waterplanten en enkele vissen. De bak staat in het licht.
Regelmatig wordt het zuurstofgehalte van het water gemeten. Na 3 uur wordt een verandering in de proefopstelling aangebracht. Daarna wordt weer gedurende enkele uren regelmatig het zuurstofgehalte van het water gemeten. Het resultaat van de metingen wordt uitgezet in een diagram.

Welke van de onderstaande veranderingen kan na 3 uur zijn aangebracht?

afbeeldingafbeelding

Assimilatie_dissimilatie

Zuurstofproductie bij een plant.
Zie figuur B 852 van de bijlage.

In het diagram in de figuur is de zuurstofproductie en het zuurstofverbruik van een plant uitgezet tegen de tijd.
De zuurstof die verbruikt is voor de verbranding wordt weergegeven met een stippellijn.
De zon komt om 6 uur op en gaat om 21 uur onder.

Gedurende welke periode wordt er zuurstof afgegeven aan de omgeving?

afbeeldingafbeelding