2/16 Vleermuizen.
Informatie 3 Vliegen
Omdat vliegen zeer veel energie kost, is er veel verbranding in de spieren tijdens het vliegen. Het hart is ongeveer driemaal zo groot als het hart van een even groot ander zoogdier. Het kan daardoor in korte tijd veel bloed rondpompen door het lichaam. Het bloed bevat naar verhouding ook veel meer rode bloedcellen dan dat van andere zoogdieren.
Tijdens het vliegen ontstaat er veel warmte door de verbranding in de vliegspieren. De bloedvaten in de vlieghuid spelen een belangrijke rol bij het afvoeren van deze warmte.
Informatie 4 Jagen
Zie figuur B 4635 van de bijlage.
afbeelding
De vleermuizen die in Nederland leven, zijn insecteneters. Ze gaan meestal 's nachts op jacht. In het donker maken ze gebruik van echolocatie. Ze maken daarbij zeer hoge geluiden die door voorwerpen en organismen in de omgeving worden weerkaatst. De vleermuizen vangen de teruggekaatste geluiden op en kunnen zo bepalen waar prooien zich bevinden. Ook verkennen ze op die manier de omgeving, zodat ze nergens tegenaan vliegen.
De oren van een vleermuis zijn aangepast aan het gebruik van echolocatie. Aan de stijgbeugel, één van de gehoorbeentjes, zit een spiertje vast (zie de afbeelding). Dit spiertje trekt zich tijdens het uitzenden van geluiden samen. Daardoor wordt de stijgbeugel weggetrokken van het slakkenhuis. Zo worden de oren minder gevoelig en worden de dieren niet door hun eigen geluid verdoofd.
Bij het jagen zijn de ogen van deze vleermuizen minder belangrijk. Het netvlies bevat maar één type zintuigcellen. Daardoor kunnen ze wel verschil in helderheid en vormen zien, maar geen kleuren.
Zie volgende scherm
-