Ordening
2/5 Algen.
Noem twee kenmerken uit de tabel op grond waarvan de Chlorophyta tot het plantenrijk worden gerekend.
Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
20
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
VWO 5, VWO 6
NVON
cc-by-sa-40
2/5 Algen.
Noem twee kenmerken uit de tabel op grond waarvan de Chlorophyta tot het plantenrijk worden gerekend.
3/5 Algen.
Zie figuur B 2428 van de bijlage.
In de afbeelding B 2428 is schematisch een eencellige weergegeven.
Op grond van kenmerken in de afbeelding kan deze eencellige worden ingedeeld in een afdeling uit de tabel bij de figuren hiernaast.
Tot welke afdeling uit de tabel behoort deze eencellige?
Op grond van welke twee kenmerken deel je deze eencellige in die afdeling in?
afbeelding
afbeelding
4/5 Algen.
Deze eencellige wordt door sommigen tot het dierenrijk gerekend.
Op grond van welk kenmerk kan deze eencellige in het dierenrijk worden ingedeeld?
afbeelding
5/5 Algen.
Zie figuur A 458 van de bijlage.
Algen nemen in zee een belangrijke plaats in het voedselweb in.
In de afbeelding is schematisch een compleet voedselweb weergegeven zoals dat voorkomt voor de rotskust van de staat Washington in de Verenigde Staten van Amerika. De cijfers stellen de verschillende groepen organismen voor die deel uitmaken van dat web.
Met welke cijfers kunnen algen zijn aangegeven? Geef een verklaring voor je antwoord.
afbeelding
1/9 Nieuwe soort.
ONTDEKKING DEENSE BIOLOGEN:
NIEUWE TAK IN DIERENRIJK: FYLUM PANDERA.
Ontdekking Deense biologen 'naast de deur'.
De Denen Peter Funch en Möbjerg Kristensen zijn toegetreden tot de rijen der wetenschappelijk onsterfelijken. De twee biologen zijn de ontdekkers van een nieuw fylum in het dierenrijk. Ze publiceerden hun bevindingen vorige week in het tijdschrift Nature. Het opvallende is, dat de Denen hun nieuwe diersoort niet hebben ontdekt in een of ander onherbergzame landstreek, maar letterlijk naast de deur. Symbion pandora, zoals ze hun ontdekking hebben genoemd, leeft namelijk als parasiet op de lippen van Scandinavische kreeften die gewoon uit het Kattegat kunnen worden opgevist. In de taxonomie komt het fylum op de tweede plaats, onmiddellijk na de hoofdindeling in rijken (het planten-, dieren en schimmelrijk). Elk fylum bestaat uit een verzameling soorten die allemaal volgens dezelfde biologische 'blauwdruk' zijn opgebouwd. Het nieuwe fylum (Cycliophora genaamd) valt onder het dierenrijk, dat al een stuk of 35 van dergelijke groepen kende. Mensen maken bijvoorbeeld deel uit van het fylum der gewervelden, samen met vissen, amfibieën, reptielen, vogels en zoogdieren. De vertegenwoordigers van het nieuwe fylum zien er niet erg indrukwekkend uit; ze meten minder dan een millimeter in lengte. Hun lichaam bestaat uit niet veel meer dan een zak met ingewanden die met behulp van een schijfvormig zuignapje vastzit aan de kaken van de gastheer-kreeft.
(Brabants Dagblad, 20 december 1995).
Zie volgende scherm
2/9 Nieuwe soort.
In de tekst staat het woord 'taxonomie' verklaard.
Zoek in het artikel de verklaring van het woord taxonomie en probeer dit in je eigen woorden te vertalen.
3/9 Nieuwe soort.
Welke bioloog mag je de grondlegger van de moderne taxonomie noemen?
Deze persoon is [invulveld]
5/9 Nieuwe soort.
Zie figuur C 171 van de bijlage.
Op welke twee plaatsen wijkt het afgebeelde schema af van de indeling in je boek?
afbeelding
6/9 Nieuwe soort.
Zie figuur C 171 van de bijlage.
Geef de 'nieuwe' tak Cycliophora een zo precies mogelijke plaats in het schema.
afbeelding
7/9 Nieuwe soort.
Zie figuur C 171 van de bijlage.
In het artikel gebruikt men het woord 'phylum'. Een phylum komt direct na de indeling in rijken.
Wat is volgens jou de vertaling van het woord phylum, als je gebruik maakt van het vertakkingsschema van organismen?
Deze vertaling luidt: [invulveld]
afbeelding
8/9 Nieuwe soort.
Een citaat uit het artikel luidt: 'onmiddellijk van de hoofdindeling in rijken (het planten-, dieren- en schimmelrijk)'.
Als je uitgaat van de indeling van organismen in vier rijken, welk rijk is dan niet genoemd?
Dit rijk is dat van de [invulveld]
9/9 Nieuwe soort.
Als je uitgaat van de indeling van organismen in vijf rijken, welke rijken zijn dan niet genoemd?
1/2 Bacteriën.
Zie figuur B 2224 van de bijlage.
In een vloeibaar medium in een reageerbuis worden bacteriën van een Staphylococcussoort (zie de afbeelding) gekweekt.
De groei van de bacterieculture in deze kweek wordt gemeten door steeds het aantal bacteriën te bepalen. Voor deze bepaling kunnen de volgende twee methoden worden gebruikt:
1. de microscopische methode: hierbij wordt een telkamer gebruikt waarin een bepaald volume van de kweekvloeistof met bacteriën wordt gebracht; onder de microscoop worden alle bacteriën in dit volume geteld;
2. de cultuurmethode: hierbij wordt een bepaald volume van de kweekvloeistof met bacteriën geënt (= uitgesmeerd) op een voedingsbodem; na verloop van tijd wordt het aantal kolonies van bacteriën dat op de voedingsbodem is ontstaan, geteld.
Welke van deze twee methoden geeft de meest exacte informatie over het aantal levende bacteriën in de kweek? Geef een verklaring voor je antwoord.
-
afbeelding
2/2 Bacteriën.
Zie figuur B 2225 van de bijlage.
De afbeelding geeft een groeicurve van een bacterieculture weer.
In welke van de fasen P, Q, R en S is het aantal zich delende bacteriën per tijdseenheid het grootst?
afbeelding
1/4 Caulobacter.
Zie figuur A 616 van de bijlage.
Binnen het rijk van de bacteriën wordt een groep onderscheiden die de prosthecate bacteriën wordt genoemd. Tot deze groep behoren alle bacteriegenera die één prostheca of meer prosthecae bezitten. Een prostheca is een uitsteeksel van een cel dat cytoplasma bevat en dat omgeven is door de celwand van die cel.
In de afbeelding zijn vier tekeningen van foto's van elektronenmicroscopische opnamen van bacteriën weergegeven.
Welke van deze tekeningen geven een bacterie uit de groep van de prosthecate bacteriën weer?
afbeelding
2/4 Caulobacter.
Zie figuur B 2743 van de bijlage.
De afbeelding is een elektronenmicroscopische foto van een deel van een Caulobacter-bacterie.
Uit afbeelding B 2743 is af te leiden hoeveel maal de Caulobacter-bacterie op deze foto is vergroot.
Bereken de vergrotingsfactor van de foto.
afbeelding
3/4 Caulobacter.
Zie figuur A 617 van de bijlage.
Bacteriën van het genus Caulobacter hebben gedurende een deel van hun levenscyclus een prostheca. Caulobacter deelt zich op een bijzondere wijze. Bij de celdeling van de meeste bacteriën ontstaan uit één moedercel twee gelijke dochtercellen. Bij Caulobacter ontstaan bij de celdeling uit één moedercel twee ongelijke dochtercellen. Deze twee dochtercellen worden 'zwermcel' en 'gesteelde cel' genoemd.
afbeelding
In de afbeelding is weergegeven op welke wijze een zwermcel zich deelt (periode z) en op welke wijze een gesteelde cel zich deelt (periode g). Caulobacter verspreidt zich door middel van de zwermcellen. Gesteelde cellen blijven op de plek waar ze met de steel (prostheca) zijn vastgehecht.
Zie volgende scherm
-
4/4 Caulobacter.
Zie figuur A 617 van de bijlage.
Periode z, die met een zwermcel begint, duurt langer dan periode g, die met een gesteelde cel begint. Over dit verschil in duur van de perioden worden de volgende beweringen gedaan:
1. Periode z duurt langer, doordat in deze cel meer DNA gesynthetiseerd wordt.
2. Periode z duurt langer, doordat de zwermcel een steel vormt voor hij zich deelt.
3. Periode z duurt langer, doordat de zwermcel tijdens de deling een flagel vormt.
Welke van deze beweringen geeft een juiste verklaring voor de langere duur van de periode z?
afbeelding