Voeding
7/7 Infarcten en cholesterol.
Welk voordeel levert het bezit van deze HDL-variant deze 46 inwoners van Limone op?
Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
20
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
HAVO 4, HAVO 5
NVON
cc-by-sa-40
7/7 Infarcten en cholesterol.
Welk voordeel levert het bezit van deze HDL-variant deze 46 inwoners van Limone op?
1/3 Eiwitten remmen hongerhormoon.
Na een maaltijd met veel zuiveleiwitten duurt het langer voordat je weer honger krijgt, ontdekte drs. Wendy Blom. "Er zijn hormonen die er voor zorgen dat we honger krijgen of juist een verzadigd gevoel hebben", zegt Blom. "Al die hormonen samen bepalen het eetgedrag. Het hormoon waarnaar ik heb gekeken heet ghreline." De maag maakt ghreline aan als hij leeg is. Een hoge ghrelineconcentratie maakt dat we zin krijgen in eten. "Hoeveel we eten tijdens een maaltijd heeft niets met ghreline te maken", zegt Blom. "Ghreline bepaalt alleen wanneer we willen gaan eten."
Blom ontdekte dat maaltijden waarbij proefpersonen een flinke hoeveelheid zuiveleiwitten innemen de aanmaak van het hongerhormoon onderdrukken. Eiwitten uit vlees onderdrukken het hongerhormoon nauwelijks.
Blom ontdekte ook een verhoogde afgifte van glucagon na eiwitrijke maaltijden. Hoe hoger het glucagongehalte, hoe langer het duurde voor de ghrelinespiegel weer steeg. Blom wil met haar onderzoek niet zeggen dat afslankers het aandeel zuiveleiwit van hun maaltijden moeten opschroeven. Er blijkt een groot verschil in onderdrukking van ghrelineafgifte te zijn tussen eiwitten uit rundvlees en eiwitten uit zuivelproducten. Toch zijn beide soorten eiwitten afkomstig van runderen.
Enkele feiten over runderen zijn:
1. Runderen die voor de vleesproductie worden gehouden, behoren tot veelal andere rassen dan runderen die voor de melkproductie worden gebruikt.
2. Vlees dat we consumeren is grotendeels afkomstig van jonge runderen, melk van oudere.
3. In de melksecreterende cellen van de uiers zijn andere genen actief dan in de spiercellen.
4. Runderen die voor de vleesproductie dienen, krijgen veelal ander voer dan runderen die voor de melkproductie worden gebruikt.
Welke van deze feiten geeft de beste verklaring voor het verschil in eiwitsamenstelling tussen zuivel en vlees?
-
2/3 Eiwitten remmen hongerhormoon.
Zie figuur B 4392 van de bijlage.
Blom beweert dat teveel eiwitten eten niet gezond is. Een van de argumenten hiervoor is dat een overschot aan eiwit niet in het lichaam kan worden opgeslagen. Van twee stoffen, ureum en aminozuren, wordt de concentratie bepaald in de aders S en T (zie de afbeelding).
De eerste meting vindt plaats na een eiwitarme maaltijd, de tweede meting na een eiwitrijke maaltijd.
In welk van deze bloedvaten zijn de ureum- en de aminozuurconcentratie het hoogst na een eiwitarme maaltijd?
- In welk van deze bloedvaten zijn de ureum- en de aminozuurconcentratie het hoogst na een eiwitrijke maaltijd?
afbeelding
-
afbeelding
3/3 Eiwitten remmen hongerhormoon.
Er wordt onderscheid gemaakt tussen endocriene en exocriene klieren.
Bevat de maagwand alleen endocriene, alleen exocriene of zowel endocriene als exocriene klieren?
1/3 Voedsel en eiwitten.
Eiwitten zijn onmisbare bestanddelen van ons voedsel. Eiwitten komen in zowel plantaardige als dierlijke voedingsmiddelen voor. In de tabel hieronder is de biologische waarde van eiwitten in verschillende voedingsmiddelen weergegeven. De biologische waarde geeft aan in welke mate deze eiwitten voor de mens als bouwstoffen bruikbaar zijn.
De biologische waarde is gerelateerd aan het eiwit uit kippeneieren. De samenstelling van kippeneieren is zodanig, dat het alle essentiële aminozuren bevat in de voor de mens juiste verhouding. De biologische waarde van het eiwit van kippeneieren wordt daarom op 100 gesteld.
afbeelding
Koemelk bevat slechts 3 gram eiwit per 100 gram. Gedroogde sojabonen bevatten 40 gram eiwit per 100 gram.
Toch is de biologische waarde van koemelk hoger dan van gedroogde sojabonen.
Leg uit waardoor de biologische waarde van de eiwitten van koemelk toch hoger is dan die van sojabonen.
-
2/3 Voedsel en eiwitten.
In de tabel hieronder zijn de gewichtspercentages van eiwitten, vetten en koolhydraten in gedroogde zaden van een aantal peulvruchten opgenomen.
Deze voedingsmiddelen zijn alle afkomstig van vlinderbloemige planten.
afbeelding
De gewichtspercentages in de tabel zijn per voedingsmiddel opgeteld minder dan honderd procent.
Noem nog twee andere groepen van voedingsstoffen die naast water in de gedroogde peulvruchten kunnen voorkomen.
-
3/3 Voedsel en eiwitten.
Vlinderbloemige planten zoals de sojaplant, leven vaak in symbiose met knolletjesbacteriën. Van deze symbiose hebben beide organismen voordeel.
- Waaruit bestaat het voordeel van de bacterie in deze symbiose?
- Waaruit bestaat het voordeel van de sojaplant in deze symbiose?
1/5 Gezonde voeding?
Zie figuur C 85 van de bijlage.
Over het belang van vitamines zijn de meningen verdeeld. Uitspraken als ‘vitamines genezen vele kwalen' of ‘wat extra vitamines kan nooit kwaad', worden door sommigen verdedigd, maar worden in het algemeen vanuit voedingsoogpunt niet ondersteund en zelfs tegengesproken.
In de afbeelding C 85 is voor een aantal bevolkingsgroepen in Nederland aangegeven hoeveel van bepaalde vitamines volgens de gangbare voedingsleer wordt aanbevolen. Daarnaast is aangegeven hoeveel van deze vitamines werkelijk door deze bevolkingsgroepen wordt geconsumeerd.
Op grond van de tabel zijn er enkele bevolkingsgroepen aan te wijzen voor wie extra opname van een bepaalde vitamine zinvol zou kunnen zijn.
Noem zo'n bevolkingsgroep en de vitamine waarom het gaat.
afbeelding
2/5 Gezonde voeding?
Zie figuur C 85 van de bijlage.
Kun je op grond van de gegevens uit de tabel zeggen dat je zelf voldoende vitamine C binnenkrijgt? Licht je antwoord toe.
afbeelding
3/5 Gezonde voeding?
Over gezonde voeding worden wel eens ongenuanceerde uitspraken gedaan. Bijvoorbeeld: "Vitaminen zijn goed en vet is verkeerd".
Hoewel deze uitspraak in grote lijnen juist is, is het niet zo dat je geen vet zou moeten eten en dat je, al dan niet in pilvorm, zoveel mogelijk vitaminen zou moeten slikken. De huidige opvattingen in de voedingsleer zijn ingewikkelder.
Eén van de aanbevelingen van het Voorlichtingsbureau voor de Voeding is om voedsel met weinig vet te gebruiken. Toch is vet opgenomen in de voedingswijzer als een onmisbare voedingsstof. Daarbij wordt de aanbeveling gedaan dat de dagelijkse portie vetzuren waaruit vet is opgebouwd, voor ongeveer eenderde uit verzadigde vetzuren (VV), voor eenderde uit enkelvoudig onverzadigde vetzuren (OV) en voor eenderde uit meervoudig onverzadigde vetzuren (MOV) zou moeten bestaan.
Zie volgende scherm
4/5 Gezonde voeding?
In de tabel hieronder is de vetzuursamenstelling gegeven van enkele voedingsmiddelen die op of bij het brood worden gegeten.
afbeelding
Stel dat je van elk van deze voedingsmiddelen evenveel zou gebruiken.
Welk is dan het beste, uitgaande van de genoemde aanbevelingen van het Voorlichtingsbureau voor de Voeding? Geef twee argumenten voor je keuze.
-
5/5 Gezonde voeding?
Bij sommige mensen kan het voorkomen dat vetachtige stoffen worden afgezet in de wanden van bloedvaten, waardoor deze bloedvaten kunnen dichtslibben. Dit gebeurt bij hen vaak bij de kransslagaders van het hart.
Leg uit dat de werking van de hartspier hierdoor wordt verminderd.
1/5 Mariandl als gewrichtssmeer.
In de tekst hieronder is letterlijk een fragment afgedrukt uit een folder voor Mariandl Gelatinaat. De producent van 'Mariandl Gelatinaat' zegt dat zijn product, dat uit gelatine bestaat, goed is voor de gewrichten.
afbeelding
Het totaal komt hoger uit dan 100 gram doordat zich in de afzonderlijke aminozuren water bevindt.
Mariandl Gelatinaat wordt ingenomen door 7,5 gram van deze stof op te lossen in een kopje water of vruchtensap. Het belangrijkste bestanddeel is gelatine, een eiwit.
Geef aan waarom Mariandl Gelatinaat niet direct door het lichaam benut kan worden, maar eerst moet worden omgezet.
-
2/5 Mariandl als gewrichtssmeer.
Zie figuur A 602 van de bijlage.
Geef met de nummers uit de afbeelding aan, langs welke wegen de aminozuren uit gelatinaat via de kortste weg van de haarvaten van de dunne darm in het kniegewricht van het linkerbeen komen, te beginnen bij 11.
afbeelding
3/5 Mariandl als gewrichtssmeer.
In de tekst worden acht eigenschappen van Mariandl Gelatinaat met een stip (•) aangegeven.
afbeelding
Mariandl Gelatinaat bevat waarschijnlijk geen bestanddelen waaruit DNA direct kan worden opgebouwd.
Citeer de zin waaruit dat blijkt.
-
4/5 Mariandl als gewrichtssmeer.
Van sommige van de genoemde aminozuren kan een grotere hoeveelheid in het voedsel aanwezig zijn dan wordt gebruikt voor de opbouw. Overtollige aminozuren worden onder andere omgezet in andere aminozuren.
In welk orgaan gebeurt dat vooral?
5/5 Mariandl als gewrichtssmeer.
Het is de vraag of de tijd en de energie die wordt gebruikt voor de vertering tot aminozuren, alleen afhangt van de zuiverheid van de gelatine zoals in de folder genoemd wordt. Neem aan dat de schommelingen in de lichaamstemperatuur nauwelijks van invloed zijn.
Noem twee factoren die in het maag-darmkanaal kunnen variëren en die een grote invloed hebben op de verteringssnelheid in het maag-darmkanaal.
1/2 Vet in de voeding.
Eén van de aanbevelingen van het Voorlichtingsbureau voor de Voeding is om voedsel met weinig vet te gebruiken. Toch is vet opgenomen in de voedingswijzer als een onmisbare voedingsstof. Daarbij wordt de aanbeveling gedaan dat de dagelijkse portie vetzuren waaruit vet is opgebouwd, voor ongeveer eenderde uit verzadigde vetzuren (VV), voor eenderde uit enkelvoudig onverzadigde vetzuren (OV) en voor eenderde uit meervoudig onverzadigde vetzuren (MOV) zou moeten bestaan.
In de tabel hieronder is de vetsamenstelling gegeven van enkele voedingsmiddelen die op of bij het brood worden gegeten.
afbeelding
Stel dat je van elk van deze voedingsmiddelen evenveel zou gebruiken.
Welk is dan het beste, uitgaande van de genoemde aanbevelingen van het Voorlichtingsbureau voor de Voeding? Geef twee argumenten voor je keuze.
-
2/2 Vet in de voeding.
Bij sommige mensen kan het voorkomen dat vetachtige stoffen worden afgezet in de wanden van bloedvaten, waardoor deze bloedvaten kunnen dichtslibben. Dit gebeurt bij hen vaak bij de kransslagaders van het hart.
Leg uit dat de werking van de hartspier hierdoor wordt verminderd.
1/2 Huidige voeding niet optimaal.
In het voedingsmiddelenpakket van de gemiddelde Nederlander zijn de laatste 50 jaar grote verschuivingen opgetreden. Welvaartsziekten zijn onder andere hiervan het gevolg.
Het Voorlichtingsbureau voor de Voeding beveelt aan het huidige voedingsmiddelenpakket op een aantal punten te wijzigen.
De afbeelding hieronder geeft een richtlijn hiervoor.
afbeelding
Zie figuur C 89 van de bijlage. Figuur C 89 geeft van een aantal voedingsmiddelen de samenstelling.
Iemand die gewend was weinig brood te eten en veel te snoepen, besluit meer brood te gaan eten en minder te gaan snoepen.
Handelt hij hiermee in overeenstemming met de in afbeelding A 282 weergegeven richtlijn van het voorlichtingsbureau voor de Voeding? Geef een verklaring voor je antwoord.
-
afbeelding