Oefentoets Biologie: Voortplanting | HAVO 1/HAVO 2/HAVO 3 | variant 25

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 1, HAVO 2, HAVO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voortplanting

2/2 Verminderde vruchtbaarheid.
Zie figuur B 4632 van de bijlage.

In de afbeelding worden de voortplantingsorganen van een vrouw weergegeven.
Om de kans op een bevruchting zo groot mogelijk te maken, wordt bepaald wanneer de vrouw vruchtbaar is. Pas dan worden de zaadcellen in haar lichaam gebracht.

Welke letter in de afbeelding geeft een plaats aan waar de eicel zich bevindt als deze bevrucht kan worden?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting van planten

1/7 De kikkererwt.
Zie figuur A 1021 van de bijlage.

De kikkererwtenplant wordt in het Midden-Oosten al meer dan 8000 jaar geteeld.
De bloemen zijn wit of paars. Uit een bloem groeit een vrucht, de zogenaamde peul, die twee of drie eetbare kikkererwten bevat.

In een peul van de plant bevinden zich erwten.

Uit welk deel van een bloem is een peul gegroeid?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting van planten

2/7 De kikkererwt.

Worden de bloemen van de kikkererwtenplant bestoven door de wind of worden ze bestoven door insecten? Noem twee kenmerken van de bloem waaruit dit afgeleid kan worden. Gebruik daarbij bovenstaande informatie.

Voortplanting van planten

3/7 De kikkererwt.

Uit een bepaalde bloem ontwikkelt zich een peul met drie kikkererwten.

Hoeveel stuifmeelkorrels zijn er ten minste in de bloem terechtgekomen om deze peul te kunnen vormen?

Tenminste [invulveld]

Voortplanting van planten

4/7 De kikkererwt.

De bloemen van de kikkererwtenplant zijn wit of paars. Het gen voor de paarse kleur is dominant.
Een kweker heeft de beschikking over drie kikkererwtenplanten:

- plant 1: met witte bloemen
- plant 2: homozygoot, met paarse bloemen
- plant 3: met paarse bloemen en onbekend genotype.

Om te bepalen of plant 3 homozygoot of heterozygoot is, wil hij deze plant kruisen met één van de andere twee planten. Uit de fenotypen van een groot aantal nakomelingen wil hij dan een conclusie trekken over het genotype van plant 3.

Is het genotype van plant 3 te bepalen door zo'n kruising?

Voortplanting van planten

5/7 De kikkererwt.

Kikkererwten bevatten in vergelijking met andere gewassen veel van de stof tryptofaan. Dit is een belangrijk bestanddeel van bepaalde eiwitten.
Onderzoekers denken dat mensen heel vroeger kikkererwten zijn gaan telen, omdat ze erg voedzaam waren. De boeren hebben vroeger waarschijnlijk voor het kruisen van de planten die zij gingen verbouwen, juist de planten met de meest voedzame erwten uitgekozen. Daardoor is het huidige ras met veel tryptofaan ontstaan.

Hoe wordt het genoemd als alleen planten met bepaalde eigenschappen worden uitgekozen om mee te kruisen?

Voortplanting van planten

7/7 De kikkererwt.

Men vermoedt dat de stof tryptofaan helpt om in slaap te vallen. (zie vraag 5/7)
Om dit na te gaan, wordt een onderzoek gedaan met een grote groep mensen die moeite hebben om in slaap te vallen.

Schrijf een werkplan op voor zo'n onderzoek.

Voortplanting

1/2 Zwangerschap.

Jantien is zwanger. De dokter informeert haar over prenataal onderzoek.
Met prenataal onderzoek kan een afwijking bij haar embryo worden vastgesteld.

Geef een voorbeeld van prenataal onderzoek waarbij een afwijking aan haar embryo kan worden vastgesteld.

Voortplanting

2/2 Zwangerschap.

Het embryo is ontstaan na bevruchting van de eicel.

In welk deel van het voortplantingsstelsel heeft de bevruchting plaatsgevonden?

Voortplanting

1/3 Lelietje-van-dalen.
Zie figuur A 944 van de bijlage.

Het lelietje-van-dalen komt onder andere voor in bossen.
De plant bloeit in mei en juni met witte bloemen. De bloemen verspreiden een geur.
De bladeren zijn leerachtig.

In de afbeelding is een deel van een bloem van het lelietje-van-dalen aangegeven met de letter P.

Wat is de naam van dit deel van de bloem?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/3 Lelietje-van-dalen.

Hoe worden de bloemen van het lelietje-van-dalen bestoven?

Voortplanting

3/3 Lelietje-van-dalen.
Zie figuur B 4786 van de bijlage.

In de afbeelding is een schematische tekening van een cel te zien van een lelietje-van-dalen.

Wat is de naam van deel P?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

1/2 Geslachtshormonen.

Geslachtshormonen beïnvloeden onder andere de secundaire geslachtskenmerken.
Bodybuilders benadrukken secundaire geslachtskenmerken zoals spieropbouw en spierkracht.

Waar worden bij een man geslachtshormonen geproduceerd?

Voortplanting

2/2 Geslachtshormonen.

Noem een secundair geslachtskenmerk van een man dat niet in de informatie genoemd is.

Voortplanting

1/4 Syfilis.
Zie figuur A 1346 van de bijlage.

Syfilis is een ernstige soa (seksueel overdraagbare aandoening).
Als je er op tijd bij bent, is het goed te genezen.
De ziekte wordt veroorzaakt door een bacterie. Bij een vrouw met syfilis begint de infectie in de vagina. Een infectie met syfilis kan via de placenta worden overgedragen op het ongeboren kind. De infectie wordt niet overgedragen op het moment dat een eicel met een zaadcel samensmelt.
In de afbeelding zijn enkele delen van het vrouwelijk onderlichaam aangegeven met een letter.

Met welke letter wordt het orgaan aangegeven waar een eicel met een zaadcel samensmelt?

afbeeldingafbeelding