Welzijn
Buurtkenmerken kunnen iets zeggen over het niveau van welvaart en/of het niveau van welzijn in een buurt.
Welke buurtkenmerken passen het best bij het niveau van welzijn in een buurt?
Deze begrippentoets bevat 11 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. Ook als oefentoets in te plannen vanuit Wikiwijs. Bedoeld om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen rond een specifiek onderwerp.
11
Aardrijkskunde
VO Kerndoel 38: Geografische basiskennis
HAVO 5
ODD
cc-by-sa-40
Buurtkenmerken kunnen iets zeggen over het niveau van welvaart en/of het niveau van welzijn in een buurt.
Welke buurtkenmerken passen het best bij het niveau van welzijn in een buurt?
In bron-1 zie je een Lorenzcurve.
Langs de horizontale as zie je het aandeel inkomenstrekkers in %. Langs de verticale as staat het inkomensaandeel in %.
Waar of niet waar?
I De Lorenzcurve zegt iets over de welvaart in een land.
II De Lorenzcurve zegt iets over de inkomensongelijkheid in een land.
afbeelding
Je ziet de Lorenzcurven voor land A en voor land B.
Waar of niet waar?
I Uit de Lorenzcurven kun je afleiden dat land A rijker is dan land B.
II Uit de Lorenzcurven kun je afleiden dat de inkomensverschillen in land A groter zijn dan in land B.
afbeelding
Het Bruto Nationaal Product per hoofd van de bevolking is een maat van de welvaart van een land.
Toch zijn er wel bezwaren om het BNP per hoofd als maatstaf voor welvaart te nemen.
Het is beter om de koopkracht te nemen als maatstaf voor welvaart.
Over welk gegeven moet je, naast het BNP per hoofd, ook nog iets weten om iets te kunnen zeggen over de koopkracht?
Veel ontwikkelingslanden hebben een monocultuur.
Wat wordt daarmee bedoeld?
Goed of fout?
I Het inkomen dat iemand nodig heeft om te kunnen voorzien in de basisbehoeften wordt ook wel de armoedegrens genoemd.
II Als in een land het Bruto Nationaal Product hoger is dan de armoedegrens kunnen alle inwoners voorzien in hun basisbehoeften.
Wat is geen kenmerk van een ontwikkelingsland?
In onze winkels liggen producten van over de hele wereld.
Sommige producten worden in Nederland vooral gemaakt om in het buitenland verkocht te worden.
Door deze wereldhandel is de wereld steeds ‘kleiner’ geworden.
Tussen de landen van de Europese Unie zijn geen handelsbelemmeringen.
Producten mogen zonder extra kosten worden geïmporteerd of geëxporteerd.
Soms moet een bedrijf invoerrechten betalen om een product in het buitenland te kunnen verkopen.
Een land kan bijvoorbeeld beslissen om invoerrechten te heffen om bedrijven in dat land te beschermen.
Hoe noem je handel zonder beperkingen?
[invulveld]
In onze winkels liggen producten van over de hele wereld.
Sommige producten worden in Nederland vooral gemaakt om in het buitenland verkocht te worden.
Door deze wereldhandel is de wereld steeds ‘kleiner’ geworden.
Tussen de landen van de Europese Unie zijn geen handelsbelemmeringen.
Producten mogen zonder extra kosten worden geïmporteerd of geëxporteerd.
Soms moet een bedrijf invoerrechten betalen om een product in het buitenland te kunnen verkopen.
Een land kan bijvoorbeeld beslissen om invoerrechten te heffen om bedrijven in dat land te beschermen.
Hoe noem je het als landen beschermende maatregelen nemen om de handel te beperken?
[invulveld]
In onze winkels liggen producten van over de hele wereld.
Sommige producten worden in Nederland vooral gemaakt om in het buitenland verkocht te worden.
Door deze wereldhandel is de wereld steeds ‘kleiner’ geworden.
Tussen de landen van de Europese Unie zijn geen handelsbelemmeringen.
Producten mogen zonder extra kosten worden geïmporteerd of geëxporteerd.
Soms moet een bedrijf invoerrechten betalen om een product in het buitenland te kunnen verkopen.
Een land kan bijvoorbeeld beslissen om invoerrechten te heffen om bedrijven in dat land te beschermen.
Welke term wordt gebruikt om aan te geven dat de wereld steeds kleiner wordt?
[invulveld]