Oefentoets Biologie: Evolutie - fossiel levend | VWO 4/VWO 5/VWO 6

Deze oefentoets bevat 10 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

10

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VWO 4, VWO 5, VWO 6

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Evolutie

1/3 Levende fossielen.

Op zoek naar bevroren zaden op de Noordpool

De Amerikaanse bioloog James McGraw graaft in het noorden van Alaska droge, bevroren grond af op zoek naar oude, maar nog kiemkrachtige zaden. Volgens McGraw is het hoge noorden een ideale vindplaats voor dergelijke zaden, doordat de bevroren grond hen beschermt tegen knaagdieren, bacteriën en schimmels.
Bij eerder onderzoek van ongeveer 200 jaar oude zaden heeft hij ontdekt dat deze andere genen bezitten dan tegenwoordige zaden. Door zaden te laten ontkiemen die al eeuwen begraven lagen in de permanent bevroren toendra's van het Noordpoolgebied, kunnen wellicht plantensoorten die dreigen uit te sterven, worden behouden en kan de evolutie van planten worden bestudeerd aan de hand van 'levende fossielen'.
Het is bekend dat sommige zaden onder de juiste omstandigheden honderden jaren hun kiemkracht kunnen behouden. Het tot nog toe oudste kiemkrachtige zaad was 600 jaar oud en werd in 1971 tot ontkieming gebracht.

(bron: De Volkskrant, november 1989)

Uit het krantenbericht blijkt dat de zaden die wel kiemkrachtig bleven in het noorden van Alaska niet zijn ontkiemd doordat twee abiotische milieufactoren daarvoor niet geschikt waren.

Welke zijn deze twee abiotische milieufactoren?



-

Evolutie

2/3 Levende fossielen.

McGraw heeft geconstateerd dat de oude zaden andere genen bezitten dan nauw verwante soorten die nu leven. Enkele factoren die een rol spelen in ecosystemen zijn:

1. mutaties,
2. concurrentie,
3. veranderingen van abiotische factoren.

Welke van deze factoren kunnen hebben bijgedragen tot het ontstaan van een verschil in genensamenstelling tussen de 'levende fossielen' en de tegenwoordige planten?

Evolutie

3/3 Levende fossielen.

Aan enkele leerlingen wordt gevraagd andere mogelijke toepassingen te bedenken voor de eeuwenoude plantensoorten en de bestudering daarvan.

Leerling 1 zegt dat de oude planten mogelijk genen bevatten die gebruikt kunnen worden bij de veredeling van huidige voedselgewassen.
Leerling 2 zegt dat de eigenschappen van de 'levende fossielen' wellicht informatie kunnen verschaffen over het klimaat van Alaska in de tijd waaruit ze afkomstig zijn.

Welke van deze leerlingen heeft of welke hebben een uitspraak gedaan die juist kan zijn?

Evolutie

1/7 Een fossiele kerstboom?
BINNENKORT IN UW TUIN: EEN PREHISTORISCHE KERSTBOOM.

Als alles meezit, kunnen we over een paar jaar prehistorische kerstbomen kopen - bomen die nog stammen uit de tijd van de dinosauriërs. De eerste zaadjes van het onlangs in Australië ontdekte 'levende fossiel' zijn al ontkiemd.

De boom werd deze zomer bij toeval gevonden door een Australische bosopzichter, David Noble, in het Nationale Park van Wollemi, ruim 250 kilometer ten westen van Sydney. In een diepe kloof, midden in het ontoegankelijke regenwoud van de Blauwe Bergen, trof hij een opstand met veertig meter hoge naaldbomen die hem volstrekt onbekend voorkwamen. De stam, die een omtrek had van drie meter, was diep chocoladebruin en gebobbeld en de naalden van de boom leken van was.

Noble sneed een flinke tak van de boom af en zond die naar deskundigen van de botanische tuin in Sydney. Aanvankelijk werd de vondst afgedaan als een onbekend soort varen, maar nadat de plantenkundigen zelf een bezoek aan het gebied hadden gebracht, en ook de theorie dat het ging om een uit China overgewaaide naaldboom onhoudbaar bleek, moesten zij erkennen dat zij voor raadsel stonden. Het kostte drie maanden speuren in de wetenschappelijke literatuur voordat, vorige week, de oplossing kwam: de boom behoorde tot een soort waarvan voor het overige alleen prehistorische verwanten bekend zijn. Die verwanten zijn allemaal honderdvijftig miljoen jaar geleden uitgestorven toen de dinosauriërs over de aarde heersten.

De naaste verwanten van de Wollemiboom kende men tot op heden slechts als versteende afdrukken uit het museum. "Het is inderdaad alsof we een levend dinosaurusje hebben gevonden dat zich in een stil hoekje van de aarde heeft weten te handhaven," zo zei de directeur van de botanische tuin, Carrick Chambers enthousiast. Er wordt al gesproken van de belangwekkendste biologische vondst van de eeuw. Daarvan werd overigens ook gesproken in 1938, toen vissers uit de diepzee bij Madagaskar een coelacanth ophaalden, een kwastvinnige die volgens de theorie al zestig miljoen jaar geleden uitgestorven had moeten zijn. Hiervan werden later nog meer exemplaren en zelfs andere soorten gevonden.

In 1941 werd in Midden-China een moerascipres (een naaldboom) ontdekt waarvan men aannam dat die zeventig miljoen jaar geleden was uitgestorven, en die ook alleen maar fossiel bekend was. Hoe dan ook, terwijl meteorieten op aarde insloegen, ijstijden de aarde met gletsjers bedekten en de mens ten slotte oprukte tot op amper honderd kilometer afstand, wist de boom, teruggedrongen tot een niche (speciale groeiplek) ter grootte van een voetbalveld, de tijden te trotseren. Hij was kennelijk perfect aangepast aan die vochtige plek: vrijwel zonder enige evolutionaire veranderingen wist hij zich te handhaven en voort te planten. Zelfs de grootste bosbrand van de eeuw, die begin dit jaar het gebied rond Sydney teisterde, liet de bomen ongerept. In totaal zijn 39 levende exemplaren ontdekt, 23 volwassen en 16 jonge bomen. De oudste is, volgens de eerste schattingen, driehonderd jaar oud. De exacte vindplaats houden de Australische geleerden vooralsnog geheim, bang dat toeristen graag een bijzonder stekje willen meenemen.

Om de boom te redden - misschien een wat overdreven actie gezien het verleden van de soort - hebben de onderzoekers inmiddels zaden verzameld en geplant. Een ervan schijnt al ontsproten te zijn en dat zou het begin van een miljoenenzaakje kunnen zijn. "Het wordt de Australische kerstboom," zo voorspelde de milieuminister van New South Wales, Chris Hartcher, direct. "Over enige tijd," denkt ook de hortulanus (beheerder van een speciale biologische tuin) van Sydney, "zal iedereen een boompje uit de tijd van de dinosauriërs in de tuin hebben." Dat hebben veel mensen overigens al: de Chinese moerascipres die zeventig miljoen jaar geleden net niet uitstierf, Metasequoia glyptostroboides, siert al menige westerse tuin - de boom verliest 's winters zijn naalden en draagt vrijwel bolvormige kegels.

(Het Parool, 24 december 1994 en Bio-aktueel 6-95)

Zie volgende scherm




-

Evolutie

2/7 Een fossiele kerstboom?

Wat wordt onder een fossiel verstaan?

Evolutie

3/7 Een fossiele kerstboom?

Wat is een levend fossiel?

Evolutie

4/7 Een fossiele kerstboom?

Wat is het belang van de vondst van 'levende fossielen' voor de biologische wetenschap?

Evolutie

5/7 Een fossiele kerstboom?

Welke 'levende fossielen' zijn in het verhaal te vinden?

Evolutie

6/7 Een fossiele kerstboom?

Circa 150 miljoen jaar geleden heersten de dinosauriërs over de aarde.

Tot welke diergroep behoorden de dinosauriërs?

Evolutie

7/7 Een fossiele kerstboom?

Welke inmiddels bewezen hypothese wordt aanvaard als 'verklaring' voor het verdwijnen van de dinosauriërs van de aarde?