Fotosynthese en organismen
Een bekend proces.
Hieronder is een bekend proces weergegeven:
water + koolstofdioxide + zonlicht ® suiker + zuurstof
Bij welke groep organismen komt dit proces voor?
Ontdek de digitale toets over ecosysteeminteracties, gericht op leerlingen die meer willen leren over fotosynthese, voedselrelaties en de rol van verschillende organismen in de natuur. Deze toets biedt inzicht in de classificatie van dieren zoals nijlpaarden en wilde zwijnen als consumenten, producenten of reducenten. - 11 vragen
11
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
VWO 1, VWO 2, VWO 3
NVON
cc-by-sa-40
Een bekend proces.
Hieronder is een bekend proces weergegeven:
water + koolstofdioxide + zonlicht ® suiker + zuurstof
Bij welke groep organismen komt dit proces voor?
Een predator in de tuin.
Een voorbeeld van een predator in de tuin is .
Een afvaleter in de tuin.
Een voorbeeld van een afvaleter in de tuin is .
2/3 Sneeuwganzen.
Welke gevolgen heeft het uitrukken van de planten door de sneeuwgans voor andere dieren?
1/2 Kikkerhandel.
Zie figuur B 5289 van de bijlage.
Veel mensen vinden kikkerbilletjes erg lekker. De kikkerbilletjes zijn onder andere afkomstig uit landen als Bangladesh en India. Deze landen exporteren ruim 150 miljoen kikkers per jaar. Vroeger werden de kikkers gewoon in de vrije natuur gevangen. Omdat de handel in deze kikkers tegenwoordig verboden is, worden ze nu speciaal voor de export gekweekt.
Het wegvangen van kikkers had allerlei gevolgen. Doordat er minder kikkers waren, was er een grote toename van schadelijke insecten op de landbouwgewassen. Om die te bestrijden had men meer biociden nodig, waaronder het beruchte DDT. Als gevolg hiervan kreeg de plaatselijke bevolking biocidenvergiftiging. Dat kwam doordat het vee waarvan de bevolking het vlees at,gevoerd werd met planten waarin nog resten van biociden zaten.
Welke van de hier genoemde organismen vormen de consumenten van de tweede orde in het besproken gebied?
afbeelding
1/2 Huiden.
Zie figuur A 1174 van de bijlage.
In Noord-Amerika worden en werden veel dierenhuiden verhandeld.
In deze vraag gaat het om de huiden van lynxen (katachtig roofdier), sneeuwhazen, en zeehonden.
Het aantal huiden dat op de markt komt kun je in een diagram uitzetten.
Voor de periode 1845 -1935 zie je in de afbeelding drie voorbeelden van een diagram. Het gaat om de huiden van twee van de drie genoemde diersoorten. Slechts één diagram is juist.
Welk van deze diagrammen is juist?
Dat is diagram
.
afbeelding
2/2 Huiden.
Zie figuur A 1174 van de bijlage.
Welk dier wordt in het diagram aangeduid met de letter P?
Dat is de
afbeelding
Spechten.
Spechten maken met hun snavel gaten in saprijke bomen. De bomen “bloeden” suikerrijk vocht. Hier komen wespen en andere insecten op af.
De spechten komen ook drinken en regelmatig vallen de insecten ten prooi aan de spechten.
Wat is de meest aannemelijke verklaring voor het eten van (suikersnoepende) insecten door de spechten?
Zeehonden.
Zie figuur B 3371 van de bijlage.
Zeehonden zijn aangepast aan het leven in zee. Ze kunnen zich soepel door het water bewegen. Daarbij halen ze snelheden van wel 35 kilometer per uur. Zo jagen ze bijvoorbeeld op hun voedsel.
In de afbeelding B 3371 zijn enkele voedselrelaties weergegeven. Daar is te zien dat een zeehond onder andere haring eet.
Welke twee andere soorten voedsel eet een zeehond volgens de afbeelding?
afbeelding
Het nijlpaard.
Zie figuur B 4591 van de bijlage.
Nijlpaarden zijn dieren die in Afrika in het wild leven.
Ze hebben een groot rond lichaam en korte poten.
De mannetjes kunnen ongeveer 3000 kg zwaar worden.
Nijlpaarden zijn overdag meestal in het water te vinden.
Als het in de avond wat koeler wordt, komen de nijlpaarden aan land.
Ze gaan dan op zoek naar planten zoals gras.
Hiernaast is een nijlpaard weergegeven.
Is het nijlpaard een consument, een producent of een reducent? Gebruik hierbij de bovenstaande informatie.
afbeelding
Een aardappelplant.
Aardappelplanten dichtbij bossen worden soms vernield door wilde zwijnen. Deze dieren wroeten in de grond op zoek naar aardappels.
Zijn wilde zwijnen consumenten, producenten of reducenten?