6/11 In sloot en plas.
Zie figuur A 461 van de bijlage.
afbeelding
De tekst hieronder en afbeelding zijn afkomstig uit een artikel over de relaties in een zoetwaterecosysteem.
Tekst:
De diverse onderdelen van de voedselkringloop houden elkaar in evenwicht in water dat een relatief lage belasting met voedingsstoffen ondervindt (zie de afbeelding). De hoeveelheid fytoplankton [= plantaardig plankton] is een resultante van productie, consumptie en mineralisatie. Consumptie kan zeer belangrijk zijn, want ook in voedselrijker water kan zoöplankton [= dierlijk plankton] de hoeveelheid algen reguleren. Het water is helder en licht dringt ver door, waardoor hogere planten en kranswieren op de bodem kunnen groeien. De waterplanten bieden een schuilplaats voor het zoöplankton, dat daardoor niet volledig wordt gegeten door witvis [= kleinere vissen zoals voorn].
Daarnaast bieden de waterplanten een schuilplaats voor de snoek. Snoeken eten vrijwel alle soorten vis.
In de afbeelding bij dit artikel (afbeelding A 461) geven de getrokken pijlen voedselrelaties aan en de onderbroken pijlen andere soorten relaties. Met N en P zijn respectievelijk stikstofverbindingen en verbindingen met fosfor (fosfaten) bedoeld.
Door eutrofiëring verandert het beschreven zoetwaterecosysteem. Vissen die zich beter kunnen handhaven in geëutrofieerd water, vervangen de oorspronkelijke soorten. Brasem en snoekbaars verdringen witvis en snoek.
Brasem is, beter dan de meeste andere soorten, in staat om kleine voedselorganismen te benutten. Snoekbaars, een consument van de tweede orde die de snoek verdringt, eet geen brasem maar wel witvis.
Zie volgende scherm