Oefentoets Biologie: Spijsvertering | HAVO 4/HAVO 5 | variant 3

Ontdek de digitale toets over spijsvertering en voeding, gericht op leerlingen die hun kennis over de vertering bij holtedieren, kikkers en het menselijk spijsverteringsstelsel willen testen. Deze toets bevat vragen over enzymen, darmfuncties en voedingsstoffen, ideaal voor biologie studenten. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Vertering bij holtedieren en enzymen

Vertering bij holtedieren.

Holtedieren bestaan uit twee lagen cellen die een holte omgeven. De laag die de holte begrenst heet entoderm, de buitenlaag heet ectoderm. Bij deze dieren komt zowel extra- als intracellulaire vertering voor.

Welke laag vormt enzymen voor deze vertering?
Waar zijn deze enzymen werkzaam?

afbeeldingafbeelding

Voeding en ontwikkeling van kikkers

Kikkers.

Gedurende een bepaald ontwikkelingsstadium van een kikker komen de volgende kenmerken voor die verband houden met de voeding:

1. een relatief lange, spiraalsgewijs gewonden darm,
2. rijen fijne rasptanden in de mondholte,
3. een relatief geringe productie van ureum.

Welk voedsel eet een kikker in dit ontwikkelingsstadium?
Komen de genoemde kenmerken voor tijdens de vroege ontwikkeling van de larve of tijdens het volwassen stadium van de kikker?

-

Processen in de spijsvertering

Processen betrokken bij spijsvertering.

Hieronder worden enkele processen genoemd, die een rol spelen bij de spijsvertering van de mens.

1. Productie van spijsverteringsenzymen door de darmwandklieren.
2. Opname van voedingsstoffen in het bloed.
3. Opname van water uit de darminhoud.
4. Afbraak van plantenresten door bacteriën.

Welke van deze processen kunnen plaatshebben in de dikke darm?

Onderdeel van het darmkanaal en functies

Spijsvertering.

Voor een bepaald deel van het darmkanaal van de mens geldt:

1. er worden door bacteriën enzymen aan het voedsel toegevoegd.
2. er wordt water aan het voedsel onttrokken.
3. er bevinden zich in de wand geen spijsverteringsklieren.

Op welk deel van het darmkanaal is dit van toepassing?

Uitspraken over de dikke darm

Dikke darm bij de mens.

Drie uitspraken over de dikke darm bij de mens zijn:

1. in de dikke darm vindt vertering plaats,
2. vanuit de dikke darm wordt cellulose in het bloed opgenomen,
3. vanuit de dikke darm wordt water in het bloed opgenomen.

Welke uitspraak is of welke uitspraken zijn juist?

Functie en eigenschappen van de dikke darm

Dikke darm.

Over de dikke darm van een mens worden de volgende beweringen gedaan:

1. In de dikke darm vindt resorptie van water plaats.
2. De dikke darm produceert darmsap waardoor de vertering voltooid wordt.
3. In de dikke darm komen bacteriën voor die de afbraak van voedselresten bewerkstelligen.

Welke van deze beweringen zijn juist?

Locatie van amoeben in het spijsverteringskanaal

Spijsverteringskanaal.

In het lichaam van de mens komen vaak bepaalde amoeben voor, die zich met bacteriën voeden.

Op welke plaats in het spijsverteringskanaal worden deze amoeben vooral aangetroffen?

Vezelrijke Voedingsmiddelen en Hun Effecten

Vezelrijke voedingsmiddelen.

Vezelrijke voedingsmiddelen zijn plantaardige voedingsmiddelen die veel cellulose bevatten. Deze voedingsmiddelen worden nogal eens aanbevolen, omdat ze goed zijn voor de activiteit van het darmkanaal.
Als mogelijke verklaringen voor deze gunstige invloed worden genoemd:

1. cellulose is gemakkelijk verteerbaar,
2. cellulose is een eiwit dat zelf als enzym kan werken in het darmkanaal en daardoor de vertering bevordert,
3. cellulose is vrijwel onverteerbaar, waardoor de bewegingen van het darmkanaal worden bevorderd.

Welke verklaring is of welke verklaringen zijn juist?

Ophoping van gas tijdens hardlopen

Hardlopen.

Een ongetrainde loper krijgt na enige tijd hardlopen pijn in zijn zij. Opgehoopt gas wordt wel als verklaring voor het ontstaan van deze pijn genoemd. Dit gas wordt door bacteriën gevormd en door het hardlopen hoopt het zich op in een bepaald deel van het spijsverteringskanaal. Normaal wordt het gevormde gas via het bloed afgevoerd. Bij hardlopen is de doorbloeding van het spijsverteringskanaal geringer dan normaal.
Drie delen van het spijsverteringskanaal zijn de dikke darm, de dunne darm en de maag.

In welk deel van het spijsverteringskanaal is de kans op een dergelijke ophoping van gas tijdens het hardlopen het grootst?

Functies van de dikke darm

Dikke darm.

Over de dikke darm van een mens worden de volgende beweringen gedaan:

1. In de dikke darm vindt resorptie van water plaats.
2. De dikke darm produceert darmsap waardoor de vertering voltooid wordt.
3. In de dikke darm komen bacteriën voor die de afbraak van voedselresten bewerkstelligen.

Welke van deze beweringen zijn juist?

Dunne darmlengte bij kikkervisje en kikker

Lengte dunne darm bij kikkervisje en kikker.

Een kikkervisje (planteneter) verandert in een kikker (vleeseter).

In welk stadium heeft dit dier in verhouding tot zijn lichaamslengte de kortste dunne darm?
In welk stadium heeft de maag in verhouding het grootste aandeel in de vertering?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering bij kikkers en kikkervisjes

Spijsvertering bij kikkervisje en kikker.

Jonge kikkerlarven voeden zich met plantaardig materiaal, terwijl volwassen kikkers vooral van insecten leven.

Met betrekking tot het darmkanaal van jonge kikkerlarven en van volwassen kikkers worden twee beweringen gedaan:

1. In verhouding tot de grootte van het lichaam is het darmkanaal van volwassen kikkers langer dan dat van jonge kikkerlarven.
2. Zowel in het darmkanaal van jonge kikkerlarven als in dat van volwassen kikkers worden eiwitverterende enzymen gevormd.

Welke bewering is of welke beweringen zijn juist?

Locatie van volwassen lintworm in het lichaam

Lintwormen.

Lintwormen zijn parasieten die bij dieren in het spijsverteringskanaal kunnen leven. Zij beschikken zelf niet over een spijsverteringskanaal.

In welk deel in het spijsverteringskanaal van de mens is voor een volwassen lintworm de kans het grootst om aan geschikt voedsel te komen?

Functie van darmvlokken in de spijsvertering

Darmvlokken.

De darmvlokken zorgen er voor

Neutralisatie van maagsap in de dunne darm

Maagsap in de dunne darm.

Maagsap bevat veel zoutzuur waardoor de maaginhoud sterk zuur is.
De maaginhoud komt vanuit de maag in de dunne darm terecht. De inhoud van de dunne darm is vrijwel neutraal.

Waardoor vooral is de inhoud van de dunne darm niet zuur?

Resorptie in het Spijsverteringsstelsel

Resorptie.

Over resorptie in het spijsverteringsstelsel kunnen de volgende uitspraken worden gedaan:

1. resorptie van aminozuren vindt vooral plaats vanuit de dunne darm,
2. resorptie van koolhydraten vindt vooral plaats vanuit de dunne darm,
3. resorptie van water vindt alleen plaats vanuit de dunne darm.

Welke uitspraak is of welke uitspraken zijn juist?

Opname in het spijsverteringsstelsel

Spijsverteringsstelsel.

Over opname in het spijsverteringsstelsel kunnen de volgende uitspraken worden gedaan:

1. opname van aminozuren vindt vooral plaats vanuit de dunne darm,
2. opname van koolhydraten vindt vooral plaats vanuit de dunne darm,
3. opname van water vindt alleen plaats vanuit de dunne darm.

Welke uitspraak is of welke uitspraken zijn juist?

Opname van voedingsstoffen in de dunne darm

Opname van stoffen in dunne darm.

Welke van onderstaande stoffen worden bij de mens gewoonlijk zonder vertering door de wand van de dunne darm in het bloed opgenomen?

1. aminozuren;
2. eiwitten;
3. glucose;
4. keukenzout;
5. zetmeel.

Opname van stoffen in het spijsverteringskanaal

Opname van stoffen in het spijsverteringskanaal.

In bepaalde delen van het spijsverteringskanaal van de mens worden stoffen opgenomen in het bloed.

Waar vindt voornamelijk de opname van aminozuren plaats?

Wandoppervlak in het darmkanaal

Wandoppervlak per lengte-eenheid in darmkanaal.

In welk deel van het darmkanaal van de mens is sprake van het grootste wandoppervlak per lengte-eenheid?