Oefentoets Biologie: Voortplanting - plant_bestuiving | HAVO 1/HAVO 2/HAVO 3

Deze oefentoets bevat 17 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

17

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 1, HAVO 2, HAVO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Voortplanting

Kruisbestuiving.

Bij kruisbestuiving is het stuifmeel - dat tot bevruchting leidt - afkomstig van

Voortplanting

Een peul met zes zaden.

In een bepaalde peul bevinden zich zes zaden.

Hoeveel stuifmeelbuizen zijn er minstens gegroeid door de stijl van de stamper waaruit deze peul is ontstaan?

Voortplanting

Kruisbestuiving.

Een bloem van een plant wordt door middel van kruisbestuiving bestoven.
Er volgt bevruchting.

Is het stuifmeel waarmee dit gebeurde afkomstig van een bloem van dezelfde plant, of van een bloem van een andere plant van dezelfde soort?
Hoeveel kernen uit de stuifmeelkorrel versmelten met kernen in een zaadbeginsel?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Bestuiving.

Bij geslachtelijke voortplanting van zaadplanten vindt bestuiving plaats.

Wat verstaat men onder bestuiving?

Voortplanting

Rafflesia arnoldii.
zie figuur B 448 van de bijlage

Voor zover bekend is Rafflesia arnoldii de plantensoort met de grootste bloemen ter wereld. De plant bestaat uit kleine, dunne draden in de wortels van een gastheerplant. Op de wortels van de gastheerplant vormt Rafflesia jaarlijks één bloemknop. Na het uitkomen bloeit de bloem slechts één dag. De rode bloem heeft een diameter van ongeveer 1 meter en verspreidt een doordringende geur van rottend vlees. In een bloem worden òf stuifmeelkorrels òf eicellen gevormd.

Welke vorm van bestuiving kan bij Rafflesia arnoldii optreden?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Een bloem uitsluitend door de wind bestoven.

Bij een bloem die uitsluitend door de wind bestoven wordt, kan men verwachten dat

Voortplanting

Bestuiving met insecten.
Zie figuur B 993 van de bijlage.

Insecten kunnen stuifmeel overbrengen zoals op de tekeningen met pijlen is aangegeven.

Welke wijze wordt of welke wijzen worden zelfbestuiving genoemd?

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

Een plant uit de plantengids.

Van een bepaalde plant staan de volgende gegevens in een plantengids vermeld:

Forse plant met prachtige felgekleurde gele bloemen, die een sterke geur verspreiden. De hoge stengel is vertakt en de bladeren zijn diep ingesneden. In september verschijnen de vruchten, voorzien van veel grijs-wit gekleurde pluisjes.

Uit deze gegevens valt op te maken dat deze plant waarschijnlijk wordt bestoven door

Voortplanting

Twee manieren van bestuiving.

Er doen zich twee manieren van bestuiving voor:

situatie 1: Er valt stuifmeel van een plant op een stempel van een bloem van een andere plant van dezelfde soort.
situatie 2: Een bij brengt stuifmeel van een meeldraad naar een stempel van bloemen op dezelfde plant.

Er worden over de beide situatie twee beweringen gedaan:

I. Er is in situatie 1 sprake van kruisbestuiving.
II. Er is in situatie 2 sprake van zelfbestuiving.

Voortplanting

Bestuiving.

Er valt stuifmeel van een plant op een stempel van een bloem van een andere plant van dezelfde soort.

I. Er is hier sprake van zelfbestuiving.
II. Kruisbestuiving komt alleen voor bij weidebloemen.

Voortplanting

Bestuiving met insecten.

Bij een bloem die uitsluitend via insecten bestoven wordt, kan men verwachten dat

Voortplanting

Bestuiving voltooid.

Bij bloemen is de bestuiving voltooid als

Voortplanting

Bestuiving.

Onder bestuiving wordt verstaan

Voortplanting

Kruisbestuiving.

Kruisbestuiving is het overbrengen van stuifmeel op een stamper van

Voortplanting

Planten met alleen mannelijke bloemen of met alleen vrouwelijke bloemen.

Bij een bepaalde plantensoort komen planten voor met alleen mannelijke bloemen en planten met alleen vrouwelijke bloemen.

Welk proces kan niet plaatsvinden?

Voortplanting

1/2 De roos.
Zie figuur A 1347 van de bijlage.

Rozen bloeien vanaf half juni tot augustus.
Er zijn veel verschillende felgekleurde rozen.
De bloemen ruiken allemaal erg sterk.
In de afbeelding is een bloem van de roos te zien.

Leg uit dat de roos zich waarschijnlijk door insectenbestuiving voortplant.

afbeeldingafbeelding

Voortplanting

2/2 De roos.
Zie figuur A 1347 van de bijlage.

Wat is de naam van deel P?

afbeeldingafbeelding