Ademhaling
Trilharen.
De luchtpijp van de mens is bekleed met een trilhaarslijmvlies.
Wat is de belangrijkste functie van de trilharen?
Deze oefentoets bevat 24 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.
24
Biologie
VO Kerndoel 31: Processen in de natuur
HAVO 1, HAVO 2
NVON
cc-by-sa-40
Trilharen.
De luchtpijp van de mens is bekleed met een trilhaarslijmvlies.
Wat is de belangrijkste functie van de trilharen?
Ademhalingsweg.
De organen die de lucht vanuit de longblaasjes kan passeren, zijn de volgende:
1. longtrechtertjes,
2. strottenhoofd,
3. keelholte,
4. luchtpijp,
5. neusholte,
6. hoofdbronchieën.
Welke is de juiste volgorde?
1/3 Zuurstofopname.
In de longen wordt zuurstof in het bloed opgenomen.
Door welk deel van het bloed wordt zuurstof vooral opgenomen?
2/3 Zuurstofopname.
Zie figuur B 3148 van de bijlage.
De hoeveelheid zuurstof die in het bloed kan worden opgenomen, hangt onder andere af van het geslacht en de leeftijd.
Bij een groep ongetrainde mannen en vrouwen heeft men gemeten hoeveel zuurstof het bloed per minuut kan opnemen.
De resultaten van deze metingen zijn weergegeven in het diagram.
Naar aanleiding van de resultaten van dit onderzoek worden twee uitspraken gedaan:
1. De hoeveelheid zuurstof die opgenomen kan worden, neemt af tussen het 12e en 40e levensjaar.
2. Bij mannen (en jongens), ouder dan 15 jaar, kan per minuut meer zuurstof in het bloed worden opgenomen dan bij vrouwen (en meisjes), ouder dan 15 jaar.
afbeelding
afbeelding
3/3 Zuurstofopname.
Lees uit het diagram af hoe groot het verschil is tussen de maximale hoeveelheid opgenomen zuurstof per minuut bij mannen en bij vrouwen van 45 jaar.
Deze hoeveelheid is [invulveld] liter
afbeelding
1/2 Ademhalen.
Zie figuur A 810 van de bijlage.
In de afbeelding is de stand van het middenrif (tekening 1 en 2) en van de ribben (tekening 3 en 4) weergegeven op verschillende momenten tijdens de ademhaling.
Welke tekening geeft de stand van het middenrif weer van iemand die net diep heeft ingeademd?
En welke tekening geeft de stand van de ribben weer op datzelfde moment?
afbeelding
afbeelding
2/2 Ademhalen.
Zie figuur B 3420 van de bijlage.
In de afbeelding is de borstkas getekend op twee verschillende momenten tijdens de ademhaling.
Welke tekening geeft de borstkas weer van iemand die diep inademt?
Zijn op dat moment de middenrifspieren ontspannen of samengetrokken?
afbeelding
afbeelding
1/4 Ademhalen en de luchtpijp.
Ademhalen is een levenskenmerk.
Noem nog twee andere levenskenmerken.
2/4 Ademhalen en de luchtpijp.
Zie figuur B 3105 van de bijlage.
Bij het ademhalen beweegt het middenrif.
Welke tekening geeft een diepe inademing weer?
afbeelding
3/4 Ademhalen en de luchtpijp.
Zie figuur B 3106 van de bijlage.
In de afbeelding is de luchtpijp aangegeven.
Rondom de luchtpijp zijn ringen. Deze ringen zorgen ervoor dat de luchtpijp stevig en beweeglijk is.
Uit welk weefsel bestaan deze ringen om de luchtpijp?
afbeelding
4/4 Ademhalen en de luchtpijp.
Vertakkingen van de luchtpijp komen in de longblaasjes uit.
Wat is de naam van zo'n vertakking die in de longblaasjes uitkomt?
1/2 De huig.
In de keelholte van de mens kruisen de luchtweg en de voedselweg elkaar. De huig en het strotklepje zorgen ervoor dat voedsel en lucht op de juiste plaats terechtkomen. Wanneer dit niet goed gebeurt, kunnen we ons verslikken. Wanneer we ons verslikken gaan we hoesten.
Waardoor ontstaat de hoestprikkel?
2/2 De huig.
Wat is daarbij de functie van de huig?
1/2 De werking van de longen.
Zie figuur A 779 van de bijlage.
Tijdens een les legt een leraar de werking van de longen uit. Hij gebruikt hierbij het apparaat dat in de afbeelding is weergegeven. Door deel P omhoog of omlaag te bewegen, veranderen de ballonnen van grootte. Zie tekening 1 en tekening 2.
De leraar zegt: "Zo lijken deze ballonnen op onze longen".
Waarmee is deel P van het apparaat bij de ademhaling te vergelijken?
afbeelding
2/2 De werking van de longen.
Een van de tekeningen lijkt op een diepe inademing.
Welke tekening lijkt op een diepe inademing: tekening 1 of tekening 2? Leg uit waaraan je dat in de tekening kunt zien.
afbeelding
1/2 Slijmvlies en trilharen.
Als je inademt, krijg je bacteriën in je luchtwegen. De meeste van deze bacteriën blijven plakken aan het neusslijmvlies. Trilharen in het neusslijmvlies duwen het slijm naar de keelholte. Daar kun je het slijm inslikken.
Het neusslijmvlies zuivert ingeademde lucht.
Wat is een andere taak van het neusslijmvlies?
2/2 Slijmvlies en trilharen.
Het neusslijmvlies bevat trilharen.
Op welke andere plaats bevinden zich ook trilharen?
1/3 Het neusslijmvlies.
Met elke inademing komen talloze bacteriën de luchtwegen binnen. De meeste van deze bacteriën blijven plakken aan het neusslijmvlies. Trilharen in de neusholte duwen het slijm met een snelheid van een centimeter per minuut naar de keelholte. Dan wordt het slijm, ongeveer een kopje per dag, ingeslikt.
Het neusslijmvlies zuivert de ingeademde lucht.
Noem nog een andere functie van het neusslijmvlies.
2/3 Het neusslijmvlies.
Op welke van de volgende plaatsen bevinden zich ook trilharen?
3/3 Het neusslijmvlies.
Ingeademde bacteriën kunnen ontstekingen in de luchtwegen veroorzaken. Hierdoor kan zich extra veel slijm ophopen en dat kan weer hoesten veroorzaken.
Tijdens het hoesten trekken de buikspieren zich sterk samen.
Gaat het middenrif omhoog of omlaag als de buikspieren zich samentrekken?
Heeft dit inademing of uitademing tot gevolg?
afbeelding
1/2 Een bloedneus.
Een bloedneus ontstaat soms vanzelf. Ook kun je een bloedneus krijgen door een klap tegen je neus.
Aan de binnenkant van de neus bevinden zich veel kleine bloedvaten. Die kunnen gemakkelijk stuk gaan.
Iemand met een bloedneus kan het best eerst de neus snuiten.
Door de neus daarna tien minuten dicht te knijpen, gaat het bloeden meestal over.
Welke taak hebben de bloedvaten aan de binnenkant van de neus vooral?
2/2 Een bloedneus.
Zie figuur B 3240 van de bijlage.
Bij een bloedneus komt soms een beetje bloed in de mondholte. Je proeft dan de smaak van bloed met je tong.
In de afbeelding is een deel van het hoofd weergegeven, met onder andere de mondholte en de tong.
Wat is de naam van deel P in de afbeelding?
de [invulveld]
afbeelding
1/2 Het ademhalingsstelsel.
Zie figuur B 6859 van de bijlage.
In de afbeelding zijn delen van het ademhalingsstelsel te zien.
Met welke letter is een bronchie aangegeven?
afbeelding