Oefentoets Biologie: Zenuwstelsel - centraal_autonoom 1 | HAVO 4/HAVO 5

Deze digitale toets over het autonome zenuwstelsel richt zich op de invloed van het parasympathische zenuwstelsel op fysiologische processen, zoals hartslag en ademfrequentie, en is bedoeld voor studenten in de biologie of gezondheidswetenschappen. - 20 vragen

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 4, HAVO 5

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Invloed van het parasympathisch zenuwstelsel

Invloed van het parasympathisch zenuwstelsel.

Het parasympathische zenuwstelsel is een deel van het autonome zenuwstelsel.

Welke invloed zal activering van het parasympatische zenuwstelsel hebben op de hartslagfrequentie en op de doorbloeding van de darmvlokken?

afbeeldingafbeelding

Ademfrequentie en zenuwstelsel bij inspanning

Ademfrequentie.

Na het verrichten van tien diepe kniebuigingen is de ademhalingsfrequentie bij een mens toegenomen.

Welk(e) deel(delen) van het zenuwstelsel geeft(geven) de impulsen voor deze versnelling door aan de ademhalingsspieren en door welke verandering in het lichaam vindt dit plaats?

Regeling ademhalingsfrequentie in het zenuwstelsel

Het centrale zenuwstelsel & ademhalingsfrequentie.

Het centrale zenuwstelsel van zoogdieren bestaat onder meer uit de volgende delen:

1. de grote hersenen,
2. de hersenstam,
3. het ruggenmerg.

In welk deel of welke delen vindt de autonome regeling van de ademhalingsfrequentie plaats?

Fysiologische veranderingen bij een vluchtend hert

Vluchten.

Bij een hert op de vlucht is een aantal veranderingen in het lichaam opgetreden in vergelijking met een grazend hert.

Hoe zijn de darmperistaltiek en het adrenalinegehalte van het bloed veranderd?

afbeeldingafbeelding

Autonoom Zenuwstelsel en Glycogeengehalte

Het autonome zenuwstelsel & glycogeengehalte.

In welk deel van het autonome zenuwstelsel bij de mens neemt bij inspanning de impulsfrequentie toe?
Hoe verandert dan het glycogeengehalte van lever en spieren?

afbeeldingafbeelding

Thyroxine en Lichaamstemperatuur Verband

Productie van hyroxine & de lichaamstemperatuur.

Bij de mens bestaat een verband tussen de productie van het hormoon thyroxine en de lichaamstemperatuur.
De thyroxineproductie wordt beïnvloed door het autonome zenuwstelsel.
Bij iemand wordt de warmteafgifte door het lichaam als gevolg van daling van de omgevingstemperatuur groter.

Wordt daarbij de thyroxineproductie groter of kleiner?
In welk deel van het autonome zenuwstelsel zal de impulsfrequentie dan verhoogd zijn?

afbeeldingafbeelding

Vertering en het autonome zenuwstelsel

Vertering & boos zijn.

Bij mensen die gaan eten als zij boos zijn, wordt het voedsel traag verteerd.

In welk deel van het autonome zenuwstelsel is in dit geval de impulsfrequentie verhoogd?
Neemt dan de bloedvoorziening van de dunne darm af of toe?

afbeeldingafbeelding

Regeling van de hartslag in de hersenen

Centrum voor de regeling van de hartslagfrequentie.

In welk deel van de hersenen ligt een centrum voor de regeling van de hartslagfrequentie?
Behoort dit regelcentrum tot het autonome of tot het animale zenuwstelsel?

afbeeldingafbeelding

Verdeling van bloed door het zenuwstelsel

De verdeling van het bloed door het zenuwstelsel.

Bij lichamelijke inspanning gaat bij de mens ongeveer tweederde deel van de hoeveelheid bloed die de linkerkamer verlaat, naar de skeletspieren. Als iemand na een maaltijd in rust is, krijgt de spijsvertering voorrang, want dan gaat ongeveer tweederde deel van het bloed naar het spijsverteringsstelsel.

Wordt de verdeling van het bloed door het autonome zenuwstelsel of door het animale zenuwstelsel geregeld?
Gaan na een maaltijd de meeste stimulerende impulsen naar de kringspieren van het darmkanaal door het ortho- of het parasympathische deel van het bedoelde zenuwstelsel?

afbeeldingafbeelding

Uitloper van een zenuwcel in de huid

Een uitloper voor van een zenuwcel in de huid.
Zie figuur B 496 van de bijlage.

De afbeelding geeft een doorsnede van de huid van de mens weer.

Welk van de aangegeven delen stelt een uitloper voor van een zenuwcel, die tot het autonome zenuwstelsel wordt gerekend?

afbeeldingafbeelding

Effecten van warming-up op spijsvertering

Een goede 'warming up' .

Voor sportmensen is het belangrijk dat er voor een wedstrijd of training een goede 'warming up' plaatsvindt.
Deze 'warming up' heeft onder andere de volgende doelen. Ten eerste stijgt de temperatuur in de skeletspieren, waardoor ze beter kunnen functioneren. Ten tweede heeft de 'warming up' tot gevolg dat het orthosympatisch zenuwstelsel wordt geactiveerd en de bijnieren worden aangezet tot afgifte van adrenaline.

Wordt de afgifte van spijsverteringsenzymen beïnvloed door de 'warming-up'?
Zo ja, wordt de afgifte van spijsverteringsenzymen dan geremd of gestimuleerd?

Impulsfrequentie bij temperatuurverandering

1/3 Zenuwstelsel.
Zie figuur A 132 van de bijlage.

De afbeelding stelt het ruggenmerg van de mens voor met enige delen die het centrale zenuwstelsel met bepaalde organen verbinden. Naast het ruggenmerg loopt de zogenaamde grensstreng. Deze bestaat uit zenuwknopen die met het ruggenmerg en met elkaar zijn verbonden. Van de grensstreng lopen zenuwen naar verschillende organen. P is een zenuwcellichaam in het ruggenmerg, Q een zenuwknoop van de grensstreng, en R een orthosympathische zenuwknoop bij de darm. Zenuwvezel S is de uitloper van een motorische zenuwcel in het ruggenmerg.
Iemand komt van een warme in een koudere omgeving. Daling van zijn lichaamstemperatuur wordt dan onder andere tegengegaan doordat bloedvaatjes in de huid zich vernauwen, zodat de bloedtoevoer naar zijn huid afneemt. Daarbij neemt de impulsfrequentie in bepaalde zenuwcellen toe.

In welke van de aangegeven zenuwcellen 1 en 2 zal de impulsfrequentie toenemen bij het dalen van de lichaamstemperatuur?

afbeeldingafbeelding

Zenuwstelsels: Animaal vs. Autonoom

2/3 Zenuwstelsel.
Zie figuur A 132 van de bijlage.

De afbeelding stelt het ruggenmerg van de mens voor met enige delen die het centrale zenuwstelsel met bepaalde organen verbinden. Naast het ruggenmerg loopt de zogenaamde grensstreng. Deze bestaat uit zenuwknopen die met het ruggenmerg en met elkaar zijn verbonden. Van de grensstreng lopen zenuwen naar verschillende organen. P is een zenuwcellichaam in het ruggenmerg, Q een zenuwknoop van de grensstreng en R een orthosympathische zenuwknoop bij de darm. Zenuwvezel S is de uitloper van een motorische zenuwcel in het ruggenmerg.
Iemand komt van een warme in een koudere omgeving. Daling van zijn lichaamstemperatuur wordt dan onder andere tegengegaan doordat bloedvaatjes in de huid zich vernauwen, zodat de bloedtoevoer naar zijn huid afneemt. Daarbij neemt de impulsfrequentie in bepaalde zenuwcellen toe.

Behoort zenuwcel 3 tot het animale of tot het autonome zenuwstelsel?
En zenuwcel 4?

afbeeldingafbeelding

Impulsfrequentie in Zenuwcellen

3/3 Zenuwstelsel.
Zie figuur A 132 van de bijlage.

De afbeelding stelt het ruggenmerg van de mens voor met enige delen die het centrale zenuwstelsel met bepaalde organen verbinden. Naast het ruggenmerg loopt de zogenaamde grensstreng. Deze bestaat uit zenuwknopen die met het ruggenmerg en met elkaar zijn verbonden. Van de grensstreng lopen zenuwen naar verschillende organen. P is een zenuwcellichaam in het ruggenmerg, Q een zenuwknoop van de grensstreng en R een orthosympathische zenuwknoop bij de darm. Zenuwvezel S is de uitloper van een motorische zenuwcel in het ruggenmerg.
Iemand komt van een warme in een koudere omgeving. Daling van zijn lichaamstemperatuur wordt dan onder andere tegengegaan doordat bloedvaatjes in de huid zich vernauwen, zodat de bloedtoevoer naar zijn huid afneemt. Daarbij neemt de impulsfrequentie in bepaalde zenuwcellen toe.

In welke van de onderstaande situaties zal de impulsfrequentie in zenuwcel 4 waarschijnlijk hoog zijn?

afbeeldingafbeelding

Veranderingen door het autonome zenuwstelsel

Veranderingen onder invloed van het autonome zenuwstelsel.

Onder invloed van het autonome zenuwstelsel kunnen in het lichaam van de mens onder andere de volgende veranderingen plaatsvinden:

1. de afgifte van maagsap neemt toe,
2. de spieren in de darmwand worden geactiveerd,
3. de omzetting van glycogeen in glucose wordt bevorderd.

Welke van deze veranderingen vinden plaats onder invloed van het parasympathische deel van het autonome zenuwstelsel?

Vegetatief zenuwstelsel en zijn functies

Het vegetatieve zenuwstelsel.

Het vegetatieve zenuwstelsel van de mens is betrokken bij

Effecten van diepe kniebuigingen

Effecten van een aantal diepe kniebuigingen.

Wat neemt NIET toe na het maken van een aantal diepe kniebuigingen?

Invloed van het parasympathische zenuwstelsel

De invloed van het parasympathische zenuwstelsel.

Het autonome zenuwstelsel kan onder andere

1. de hartfrequentie verlagen,
2. de adrenalineproductie van de bijnieren verlagen,
3. de ademhalingsfrequentie versnellen,
4. de darmperistaltiek vertragen.

Welke van bovenstaande processen vinden plaats onder invloed van het parasympathische deel van het autonome zenuwstelsel?

Invloed van het autonome zenuwstelsel

Darmsapklieren en bijniermerg & het autonome zenuwstelsel.

Darmsapklieren en bijniermerg scheiden onder invloed van het autonome zenuwstelsel stoffen af.

Zullen darmsapklieren stoffen afscheiden onder invloed van het (ortho)sympathische of onder invloed van het parasympathische deel van het autonome zenuwstelsel?
En het bijniermerg?

afbeeldingafbeelding

Locatie van ademhalingcentra in de hersenen

Ademhalingcentra.
Zie figuur B 579 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede voor van de hersenen van een mens.

In welk deel bevinden zich de centra die de ademhaling regelen?

afbeeldingafbeelding