Oefentoets Biologie: Spijsvertering | HAVO 1/HAVO 2/HAVO 3 | variant 6

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

HAVO 1, HAVO 2, HAVO 3

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Spijsvertering

Spijsvertering.

In welke onderdelen van het verteringskanaal van de mens vindt vertering van zetmeel plaats?

Spijsvertering

Spijsvertering.

Welke van de onderstaande voedingsstoffen moet eerst worden verteerd, voordat de verteringsproducten in het bloed kunnen worden opgenomen?

Spijsvertering

De portierspier.

De portierspier is

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Peristaltische beweging.

Waar in het darmkanaal vindt een peristaltische beweging plaats?

Spijsvertering

Speeksel.

Speeksel bevat geen

Spijsvertering

De twaalfvingerige darm.

De twaalfvingerige darm van de mens is het eerste gedeelte van

Spijsvertering

Spijsvertering.
Zie figuur B 2497 van de bijlage.

Stoffen die nodig zijn voor een goede vertering van vetten, kan men aantreffen in de onderdelen

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Emulgeren.

Onder emulgeren wordt verstaan

Spijsvertering

Spijsvertering.

Enkele stoffen in het voedsel van een mens zijn: vetten, water en zetmeel.

Welke van deze stoffen wordt of welke worden verteerd door enzymen in spijsverteringssappen?

Spijsvertering

Een wortelkanaalbehandeling.
Zie figuur B 4476 van de bijlage.

Jeroen heeft een ontstoken kies. Hij gaat naar de tandarts voor een wortelkanaalbehandeling.
In de afbeelding wordt een doorsnede van een kies weergegeven.
Voor de wortelkanaalbehandeling boort de tandarts een gaatje in de kies om de tandholte met de wortelkanalen open te maken. Daarbij boort hij door de lagen die in de afbeelding zijn aangegeven met P en met Q.

Geef de namen van P en van Q.

P = [invulveld].

Q = [invulveld].

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

Vertering.
Zie figuur B 4486 van de bijlage.

Op verschillende plaatsen in het verteringskanaal worden voedingsstoffen afgebroken door enzymen (zie de tabel).
afbeeldingafbeelding

Er wordt een onderzoek gedaan naar de werking van verteringssappen. Hiervoor worden drie reageerbuizen gevuld (zie de afbeelding).
De buisjes worden geschud en in elk buisje wordt een paar druppels joodoplossing gedruppeld. De inhoud van de buizen kleurt blauw.
Na enige tijd is de blauwe kleur in twee buizen verdwenen.

Welke twee cijfers geven de buizen aan waarin de blauwe kleur dan is verdwenen? Leg uit waardoor de blauwe kleur is verdwenen.

afbeeldingafbeelding

Voeding

1/2 Vezels.
Zie figuur B 3190 van de bijlage.

Vezels zijn goed voor de spijsvertering.

Welk voedingsmiddel bevat de meeste vezels?

afbeeldingafbeelding

Voeding

2/2 Vezels.

Wat is de functie van vezels in voedsel?

Voeding

1/3 Gebit en gaatjes.
Zie figuur B 3137 van de bijlage.

Wie minder gaatjes wil hebben, moet weinig snoepen en goed tandenpoetsen.
Sommige soorten tandpasta versterken het glazuur van tanden en kiezen.
In de afbeelding is schematisch een tand weergegeven.

Welke letter geeft het glazuur aan?

afbeeldingafbeelding

Voeding

2/3 Gebit en gaatjes.

Vroeger bestond er nog geen tandpasta zoals wij die kennen. Zo deed men in de 16e eeuw soms zout op het gebit. Daardoor werd de vorming van gaatjes tegengegaan.

Leg uit waardoor er minder gaatjes ontstaan als het gebit met zout wordt behandeld.

Voeding

3/3 Gebit en gaatjes.
Zie figuur B 3138 van de bijlage.

Bij een tandarts hebben tanden en kiezen allemaal een eigen nummer.
Dit is op de afbeelding te zien. Sa
rah heeft een gaatje in een kies van haar rechter onderkaak.

Welk nummer kan deze kies hebben?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

1/3 Tandplak.
Zie figuur B 3257 van de bijlage.

Tandplak bestaat uit etensresten, speeksel en bacteriën.
Tandplak speelt een rol bij het ontstaan van gaatjes in tanden en kiezen.
Men noemt dit cariës.

Er zijn speciale tandpasta's die plakvorming tegengaan.

Welk deel van een tand of een kies wordt als eerste aangetast bij cariës?

afbeeldingafbeelding

Spijsvertering

2/3 Tandplak.

Regelmatig wordt tandplak doorgeslikt.
Toch worden levende tandplak-bacteriën vrijwel niet gevonden in de dunne darm.

In welk deel van het verteringsstelsel worden de meeste van deze bacteriën gedood?

Spijsvertering

3/3 Tandplak.

Drie adviezen op het gebied van voeding zijn:

1. Eet minder vet.
2. Het is beter om één keer per dag te snoepen dan af en toe op verschillende momenten van de dag.
3. Zorg ervoor dat er veel plantaardige vezels in je voedsel zitten.

Welk advies is speciaal bedoeld om cariës tegen te gaan?

Spijsvertering

Speeksel.

In een artikel staat: Dankzij drie paar speekselklieren stroomt dagelijks bijna een liter vers speeksel onze mond in.
Elke minuut wordt de totale speekselhoeveelheid in het dunne laagje dat ons mondoppervlak bedekt, ververst.
We staan er nauwelijks bij stil hoe onmisbaar dat vocht is.
Maar bij patiënten met beschadigde speekselklieren vermindert de toevoer van deze vloeistof.
Dan wordt duidelijk hoe belangrijk speeksel is.
Bijvoorbeeld om het gebit in een goede conditie te houden.

Leg uit op welke manier speeksel beschermt tegen tandbederf.