Oefentoets Biologie: Uitscheiding - nier_algemeen | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 4

Deze oefentoets bevat 20 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

20

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Uitscheiding

4/4 Blaasproblemen.

Mensen die regelmatig een blaasontsteking hebben, worden behandeld met een dagelijkse lage dosis antibiotica om een nieuwe ontsteking te voorkomen.
Onderzoekers in Finland hebben aangetoond dat ook stoffen uit veenbessen kunnen beschermen tegen een blaasontsteking.
Een Nederlandse onderzoekster wil nagaan of stoffen uit veenbessen even goed beschermen tegen blaasontsteking als antibiotica.

Schrijf een werkplan op waarmee dit onderzocht kan worden.

Uitscheiding

1/5 Bloed en uitscheiding.
Zie figuur B 926 van de bijlage.

De tekening geeft enkele organen (onder andere de nieren) in het lichaam van de mens weer met hun aan- en afvoerende vaten. De stroomrichting van het bloed is met pijlen aangegeven.

Waar wordt urine gevormd in 3, in 4 of in 5?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

2/5 Bloed en uitscheiding.
Zie figuur B 926 van de bijlage.

Waar is het zuurstofgehalte het hoogst, in 1, in 2 of in 4?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

3/5 Bloed en uitscheiding.
Zie figuur B 926 van de bijlage.

Waar is het glucosegehalte het hoogst, in 5, in 6 of in 7?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

4/5 Bloed en uitscheiding.
Zie figuur B 926 van de bijlage.

Stroomt er per uur evenveel bloed door vat 1 als door vat 2?
Zo nee, door welk vat stroomt per uur het meeste bloed?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

5/5 Bloed en uitscheiding.
Zie figuur B 926 van de bijlage.

Stroomt per uur de meeste vloeistof door 1, door 2 of door 4?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

1/3 De kunstnier.
Zie figuur C 326 van de bijlage.

Als de nieren het bloed niet meer voldoende kunnen zuiveren, wordt het lichaam vergiftigd. Het bloed kan dan gezuiverd worden door een kunstnier. Dit noemt men nierdialyse.
In de afbeelding is schematisch de werking van een kunstnier weergegeven.

Op welke plaats bevat het bloed meer zouten: op plaats C of op plaats A? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

3/3 De kunstnier.

Bevat het gezuiverde bloed dat de kunstnier verlaat glucose?
En bevat het eiwitten?

Uitscheiding

1/2 Nieren.
Zie figuur B 2154 van de bijlage.

De afbeelding geeft schematisch een nier en aansluitende vaten van de mens weer. De stroomrichting van vloeistoffen is in enkele delen met pijlen aangegeven.

Waar in het lichaam liggen de nieren?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

2/2 Nieren.
Zie figuur B 2154 van de bijlage.

In welk of welke van de delen 1, 2 en 3 bevindt zich regelmatig urine?

afbeeldingafbeelding

Uitscheiding

1/4 Stoffen in het lichaam.

In ons lichaam kunnen allerlei schadelijke en overtollige stoffen voorkomen.
Deze stoffen kunnen met het voedsel in ons lichaam komen, of ze worden in ons lichaam gevormd bij bepaalde stofwisselingsprocessen.
Twee voorbeelden van schadelijke of overtollige stoffen zijn:

1. een rode kleurstof afkomstig uit bieten, die als overtollige stof met de urine wordt uitgescheiden,
2. het giftige ureum dat bij de afbraak van eiwitten in de lever ontstaat en dat door de nieren wordt uitgescheiden.

Kan de rode kleurstof van bieten voorkomen in een nierslagader?
En in de poortader?

Uitscheiding

2/4 Stoffen in het lichaam.

Kan de rode kleurstof van bieten in een nierbekken voorkomen?
En in de urineblaas?

Uitscheiding

3/4 Stoffen in het lichaam.

Komt ureum voor in het bloed?
En in de urineblaas?

Uitscheiding

4/4 Stoffen in het lichaam.

Komt ureum uit de lever rechtstreeks in de nieren of gaat het ook nog door het hart?
Als het door het hart gaat, gaat het dan alleen door de linker harthelft of door zowel de linker als de rechter harthelft?

Uitscheiding

1/3 Stoffen in het lichaam.

In ons lichaam kunnen allerlei schadelijke en overtollige stoffen voorkomen.
Deze stoffen kunnen met het voedsel in ons lichaam komen, of ze worden in ons lichaam gevormd bij bepaalde stofwisselingsprocessen.
Drie voorbeelden van schadelijke of overtollige stoffen zijn:

1. een rode kleurstof afkomstig uit bieten, die als overtollige stof met de urine wordt uitgescheiden,
2. het giftige ureum dat bij de afbraak van eiwitten in de lever ontstaat en dat door de nieren wordt uitgescheiden.
3. kleurstoffen die bij de afbraak van rode bloedcellen ontstaan en die via de galbuis in het darmkanaal terechtkomen.

Kan de rode kleurstof van bieten in het bloed voorkomen?
En in een nierbekken?

Uitscheiding

2/3 Stoffen in het lichaam.

Komt ureum uit de lever rechtstreeks in de nieren of gaat het eerst nog door de longen?
Als het eerst door de longen gaat, is dit dan minstens één keer of minstens twee keer?

Uitscheiding

3/3 Stoffen in het lichaam.

Vindt de afbraak van rode bloedcellen plaats in de alvleesklier, in de galblaas of in de lever?