Oefentoets Aardrijkskunde: Landbouw in Nederland - natuurinclusief | HAVO 3/VMBO theoretische leerweg, 4/VWO 2

Ontdek de digitale toets over natuur-inclusieve landbouw, gericht op studenten en professionals in de agrarische sector, en leer alles over de definities, dimensies en pijlers van duurzame landbouwpraktijken. Test je kennis en begrip van de impact van biodiversiteit en ecosysteemdiensten binnen deze innovatieve landbouwvorm. - 15 vragen

Aantal vragen

15

Vak(ken)

Aardrijkskunde

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 38: Geografische basiskennis

Leerniveau(s)

HAVO 3, VMBO theoretische leerweg, 4, VWO 2

Uitgever

ODD

Copyright

cc-by-sa-40

Natuur-inclusieve landbouw uitgelegd

Wat is natuur-inclusieve landbouw?

Dimensies van natuur-inclusieve landbouw

Welke drie dimensies horen bij de definitie van natuur-inclusieve landbouw?

Pijlers van duurzame landbouw

Wat wordt als één van de vier pijlers genoemd?

Landschappelijke diversiteit in landbouw

Wat hoort bij landschappelijke diversiteit binnen natuurinclusieve landbouw?

Niveau 0 in Natuurinclusieve Landbouw

Wat is niveau 0 binnen de ambitie-niveaus van natuurinclusieve landbouw?

Dieren in verschillende landbouwvormen

Welke dieren/groepen worden specifiek genoemd binnen deze landbouwvorm?

Ecosysteemdiensten en hun betekenis

Wat betekent ‘benutten van ecosystemdiensten’ in dit context?

Voorbeelden van natuurinclusieve landbouw

Een praktijkvoorbeeld van natuurinclusieve landbouw kan zijn:

Maatregelen voor Natuurinclusieve Landbouw

Kies alle maatregelen die passen bij natuurinclusieve landbouw.

Kenmerken van een natuurinclusief bedrijf

Kies alle kenmerken van een natuurinclusief bedrijf.

Positieve effecten van natuurinclusieve landbouw

Natuurinclusieve landbouw streeft ook naar positief effect op de [invulveld].

Biologische versus natuurinclusieve landbouw

Biologische landbouw en natuurinclusieve landbouw zijn precies hetzelfde concept.

Niveau 0 van natuurinclusieve landbouw

Niveau 0 natuurinclusieve landbouw betekent dat er al zeer veel landschapselementen en extra maatregelen genomen zijn.

Naturinclusieve landbouw en biodiversiteit

Koppel het begrip aan de juiste beschrijving binnen naturinclusieve landbouw.

  • Biodiversiteit die nut brengt aan landbouwprocessen zoals bestuiving en plaagwering

  • Variatie aan landschapselementen zoals heggen, bermen, slootkanten

  • Dieren en planten zoals weidevogels en akkervogels waarvoor extra leefruimte nodig is

  • Ecologische corridor en verbinding tussen natuurgebieden en agrarisch land

  • Functionele agrobiodiversiteit

  • Landschappelijke diversiteit

  • Specifieke soorten

  • Brongebieden & verbindingen

Niveaus van natuurinclusieve landbouw

Zet de niveaus van natuurinclusieve landbouw in oplopende mate van natuurinclusiviteit.

  1. Niveau 0 (minimaal)

  2. Niveau 1 (startende maatregelen)

  3. Niveau 2 (verdieping, meer elementen)

  4. Niveau 3 (hoogste ambitie, veel maatregelen, lage emissie)