Oefentoets Biologie: Plantenanatomie - blad | VMBO theoretische leerweg, 3/VMBO theoretische leerweg, 4 | variant 1

Deze oefentoets bevat 62 vragen en is te gebruiken in een toetsplatform dat QTI 3.0 ondersteunt. De opgaven zijn gemaakt door een vakdocent Biologie van de NVON. Ideaal om leerlingen gericht te laten oefenen en hun kennis te toetsen.

Aantal vragen

62

Vak(ken)

Biologie

Kerndoel(en)

VO Kerndoel 31: Processen in de natuur

Leerniveau(s)

VMBO theoretische leerweg, 3, VMBO theoretische leerweg, 4

Uitgever

NVON

Copyright

cc-by-sa-40

Plantenanatomie

Anatomie blad.
Zie figuur B 665 van de bijlage.

De tekening stelt een deel van een blad voor.

Welk type weefsel is aangegeven met P?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Anatomie blad.
Zie figuur B 1075 van de bijlage.

De tekening stelt schematisch een deel van een doorsnede van een blad van een groene plant voor.

In welke weefsels bevatten de cellen altijd bladgroenkorrels?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Anatomie blad.

Twee stoffen die in een blad van een plant voorkomen zijn: cellulose en zetmeel.

Welke van deze stoffen geeft stevigheid aan de cellen in het blad?
Bevindt deze stof zich in de celwanden of in het celplasma (= cytoplasma)?

Plantenanatomie

Anatomie blad.
Zie figuur B 1913 van de bijlage.

De afbeelding geeft een doorsnede weer van een deel van een blad van een plant.

Wat wordt met P aangegeven?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Nerven van blad.

Twee beweringen over de nerven van een blad zijn:

I. In de nerven komen vaatbundels voor.
II. De nerven geven stevigheid aan het blad.

Plantenanatomie

Nerven van blad.

Drie beweringen over de nerven van een blad zijn:

1. nerven geven stevigheid aan een blad,
2. nerven bevatten houtvaten,
3. nerven bevatten bastvaten.

Welke van deze beweringen zijn juist?

Plantenanatomie

Anatomie blad.
Zie figuur B 813 van de bijlage.

Iemand doet een proef met een blad van een woestijnplant en een blad van een moerasplant. Beide bladeren zijn pas van de planten afgesneden en gelijk van gewicht. De snijvlakken van de stelen van de afgesneden bladeren worden ingevet om waterverlies vanuit de bladstelen tegen te gaan. De bladeren worden in de zon gelegd en regelmatig gewogen.
Van beide bladeren is in het diagram het gewicht tegen de tijd uitgezet.

Welk van beide bladeren zal waarschijnlijk de dikste waslaag hebben?
Welk van beide bladeren is waarschijnlijk afkomstig van de moerasplant?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Anatomie blad.
Zie figuur B 1699 van de bijlage.

In de afbeelding is weergegeven een tekening van een bladdoorsnede.

Het oppervlak, waar het meeste water in de vorm van damp de cel verlaat, wordt aangeduid met nummer

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Bladdoorsnede.
Zie figuur B 2044 van de bijlage.

De afbeelding stelt een schematische doorsnede voor van een deel van een blad.

Wat bevindt zich vooral op plaats P?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Een tak in de winter.
Zie figuur B 2341 van de bijlage.

De afbeelding geeft een tak van een loofboom in de winter weer.

Welke van de volgende beweringen over de plaatsen aangegeven met P is juist?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Waterlelieblad.

De waterlelie heeft bladeren die op het water drijven.

In de dwarsdoorsnede van zo'n waterlelieblad treffen we van boven naar beneden achtereenvolgens aan:

Plantenanatomie

Beukenblad.

Hieronder staan drie delen van een beukenblad genoemd.

1. de opperhuid;
2. het vulweefsel;
3. de vaatbundels.

In welk deel of in welke delen bevatten alle cellen bladgroenkorrels?

Plantenanatomie

Weefseltypen plant.

Bij een plant kunnen de volgende weefseltypen worden aangetroffen:

1. dekweefsel;
2. transportweefsel;
3. steunweefsel;
4. vulweefsel.

Welke van deze typen bevat een blad van een boom?

Plantenanatomie

Klimplant.
Zie figuur B 3464 van de bijlage.

In de afbeelding is een klimplant getekend.

Hoe heten de delen die met P zijn aangegeven?
Zijn dit blad- of stengeldelen?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Anatomie plant.

Hieronder staan drie kenmerken van planten.

1. De huidmondjes liggen diep verzonken in de bladeren.
2. De bladeren zijn klein en dik.
3. De bladeren hebben een dun waslaagje.

Welke van deze kenmerken kun je aantreffen bij landplanten, die goed zijn aangepast aan een droog milieu?

Plantenanatomie

Anatomie plant.

Hieronder staan drie kenmerken bij planten.

1. De bladeren hebben een dun waslaagje.
2. De bladeren zijn behaard.
3. Het wortelstelsel is zwak ontwikkeld.

Welke van deze kenmerken kun je aantreffen bij landplanten, die goed zijn aangepast aan een vochtig milieu?

Plantenanatomie

Doorsnede blad.
Zie figuur B 3352 van de bijlage.

De afbeelding hieronder geeft een doorsnede weer van een blad van een plant, gezien door een microscoop.
Enkele delen zijn met een letter aangegeven.

Welke letter geeft een deel van het blad aan dat uit één soort weefsel bestaat? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede blad.
Zie figuur B 2396 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een blad voor. De bladgroenkorrels zijn niet getekend.

Op welke van de aangegeven plaatsen kan glucose zowel geproduceerd als verbruikt worden?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede blad.
Zie figuur B 677 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een deel van een blad voor. Bepaalde cellen bevatten bladgroen.

Verbruikt cel P in het donker zuurstof en/of koolstofdioxide?
En wat verbruikt cel P in het licht?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede blad.
Zie figuur B 1784 van de bijlage.

Hiernaast is een doorsnede van een blad getekend. Twee cellen zijn aangegeven met cijfers.

Hoe verkrijgen deze cellen hun stevigheid?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede blad.
Zie figuur B 679 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een deel van een blad voor.

In welke van de aangegeven cellen kan zowel O2 als CO2 worden verbruikt?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Koolstofdioxideproductie.
Zie figuur B 680 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een deel van een blad voor. De bladgroenkorrels zijn niet getekend.
Het blad bevindt zich aan een plant die in het zonlicht staat.

In welke van de aangegeven cellen ontstaat CO2 ?
En in welke O2 ?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Doorsnede blad.
Zie figuur B 681 van de bijlage.

De tekening stelt een doorsnede van een deel van een blad met bladgroen voor.

Welk gas of welke gassen verbruikt cel P in het licht?
Welk gas of welke gassen verbruikt cel Q in het licht?

afbeeldingafbeelding

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Planten met bladgroen.
Zie figuur B 683 van de bijlage.

De tekeningen stellen delen voor van planten met bladgroen.
Plant 1 staat al een uur in het zonlicht.
Plant 2 staat al een uur in het donker.

Op welke van de aangegeven plaatsen is het zuurstofgehalte het hoogst?

afbeeldingafbeelding

Plantenfysiologie

Kurklaagje.

Veel loofbomen verliezen in de herfst hun bladeren.
Op de plaats waar een blad aan een tak vastzit, wordt dan een kurklaagje gevormd.

Dit kurklaagje dient vooral om

Plantenanatomie en -fysiologie

1/3 Bladeren van bomen.

Bladeren zijn belangrijk voor bomen. Toch laten veel bomen in de herfst hun bladeren vallen.
Voordat een blad valt, wordt op de grens van tak en bladsteel een laagje kurk gevormd. Zo ontstaat er geen open wond.

Waardoor zijn bladeren zo 'belangrijk' voor bomen?

Plantenanatomie en -fysiologie

2/3 Bladeren van bomen.

Beschermt het laagje kurk de boom tegen infecties?
En tegen uitdrogen?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

3/3 Bladeren van bomen.

Na het vallen van de bladeren kun je op de takken bladlittekens vinden. Zijtakken ontstaan uit knoppen.

Waar bevinden zich de knoppen waaruit die nieuwe zijtakken ontstaan?

Plantenanatomie en -fysiologie

1/4 Blad in de herfst.
Zie figuur B 1608 van de bijlage.

In de herfst kan men onder bomen zogenoemde bladskeletten aantreffen. Deze ontstaan als het bladmoes tussen de nerven van een afgevallen blad wegrot. In de afbeelding zijn een levend blad en een bladskelet weergegeven.

Hebben de nerven in het levende blad een steunfunctie?
En hebben ze een transportfunctie?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

2/4 Blad in de herfst.

In een wegrottend blad verdwijnt het bladmoes sneller dan het bladskelet. Drie beweringen over de oorzaak hiervan zijn:

1. Het bladmoes lost wel op in water en de nerven lossen niet op.
2. De nerven zijn moeilijker afbreekbaar voor de reducenten dan het bladmoes.
3. Het bladmoes bevat cellen en de nerven bevatten geen cellen.

Welke van deze beweringen is juist?

Plantenanatomie en -fysiologie

3/4 Blad in de herfst.

Komen in een levend blad koolhydraten voor?
En mineralen?
En eiwitten?

Plantenanatomie en -fysiologie

4/4 Blad in de herfst.
Zie figuur B 1608 van de bijlage.

Welke typen vaten bevinden zich in de nerven van een levend blad zoals weergegeven in de afbeelding?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

1/4 Bladeren.
Zie figuur C 133 van de bijlage.

Het blad van een boom heeft een bepaalde opbouw. Aan de boven- en onderzijde wordt het blad beschermd door cellen die als puzzelstukjes op elkaar aansluiten (zie de afbeelding, laag 1 en 4). In dit weefsel bevinden zich vooral aan de onderzijde huidmondjes (P). De huidmondjes staan in verbinding met luchtholten (in laag 3). Boven in het blad (laag 2) liggen de cellen met bladgroen dicht tegen elkaar. Daar vindt de meeste glucoseproductie plaats.

Waardoor zijn de omstandigheden voor glucoseproductie in de bovenste helft van het blad gunstiger dan in de onderste helft?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

2/4 Bladeren.

In het blad vindt overdag fotosynthese plaats.

Welke stof gaat daardoor via de huidmondjes het blad in?

Plantenanatomie en -fysiologie

3/4 Bladeren.

In het blad vindt overdag fotosynthese plaats.

Welke stof wordt overdag via de huidmondjes door het blad meer opgenomen dan afgestaan?

Plantenanatomie en -fysiologie

4/4 Bladeren.

Welke van de volgende beweringen over groene bladeren aan een loofboom is of welke zijn juist?

I. Zowel in het bladmoes als in de nerven bevinden zich grote luchtholten.
II. Veel bladeren hebben aan de onder- en aan de bovenkant op de opperhuid een waslaagje dat de bladeren tegen uitdroging beschermt.

Plantenanatomie en -fysiologie

1/4 Een blad.
Zie figuur B 875 van de bijlage.

De afbeelding geeft een doorsnede weer van een blad van een plant met bladgroen.

Wordt in cel 1 in het licht glucose gevormd?
En wordt in deze cel in het licht glucose verbrand?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

2/4 Een blad.
Zie figuur B 875 van de bijlage.

Wordt in cel 2 in het licht zuurstof gevormd?
En in cel 4?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

3/4 Een blad.
Zie figuur B 875 van de bijlage.

De plaatsen 2, 3 en 4 worden onderzocht op de aanwezigheid van water.

Waar zal men water aantreffen?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

4/4 Een blad.
Zie figuur B 875 van de bijlage.

Komt in alle in de tekening aanwezige cellen bladgroen voor?
En komt in alle celwanden cellulose voor?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

1/3 Bladverlies.

In de winter zakt de temperatuur in Nederland regelmatig onder het vriespunt. De bodem wordt dan zó koud dat opname van water door de wortels van loofbomen nauwelijks mogelijk is. In de winter zijn vrijwel alle loofbomen in Nederland kaal want in de herfst verdwijnt bladgroen uit de bladeren en vallen de bladeren af.

Twee beweringen over het bladverlies van een Nederlandse loofboom in de herfst zijn:

I. De bladeren zouden in de winter teveel water kwijtraken, waardoor de boom watergebrek zou krijgen.
II. De bladeren zouden in de winter geen functie hebben, doordat er in de winter te weinig licht is voor de fotosynthese.

Welke van deze beweringen is of welke zijn juist?

Plantenanatomie en -fysiologie

2/3 Bladverlies.
Zie figuur B 2109 van de bijlage.

In de afbeelding is schematisch een figuur weergegeven die op een bepaalde tak is te zien. Op de plaats van de figuur heeft een bladsteel aan de tak gezeten.

Hoe heet zo'n figuur op een tak?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

3/3 Bladverlies.

Zal de figuur door de groei van de tak na een jaar breder of smaller zijn geworden of is de breedte gelijk gebleven? Licht je antwoord toe.

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

1/3 De rok van een ui.
Zie figuur B 1962 van de bijlage.

Tijdens een practicum bekijkt een leerlinge een preparaat van de rok van een ui door een microscoop bij 200x vergroting. Ze ziet wat op de foto (zie de afbeelding) is weergegeven.

Wat is aangegeven met P?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

2/3 De rok van een ui.
Zie figuur B 1962 van de bijlage.

Hoeveel typen weefsels zijn op de foto zichtbaar?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

3/3 De rok van een ui.

In de cellen van bladeren van planten vindt verbranding plaats.

Welke van de onderstaande stoffen zijn hiervoor nodig?

Plantenanatomie

Bladluizen.

Bladluizen leven van suikerrijk plantensap. Zij zuigen dit sap onder andere uit de nerven van de bladeren van een plant.

Aan welke kant van een blad zullen zich in verband daarmee de meeste bladluizen bevinden?

Aan de [invulveld]kant.

Plantenanatomie

1/2 Bladbouw.
Zie figuur B 1149 van de bijlage.

Welke soort bladrand vind je bij de bladeren 1 en 2?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

2/2 Bladbouw.
Zie figuur B 1149 van de bijlage.

Welke soort nervatuur vind je bij de bladeren 1 en 2?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

1/3 Bladeren.
Zie figuur B 1150 van de bijlage.

Welke soort nervatuur heeft het blad van een weegbree?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

2/3 Bladeren.
Zie figuur B 1150 van de bijlage.

En welke soort bladrand heeft het blad van een weegbree?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

3/3 Bladeren.
Zie figuur B 1150 van de bijlage.

Noem nog drie andere soorten planten met dezelfde soort nervatuur.

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

1/3 Een blad in het licht.
Zie figuur B 1151 van de bijlage.

Welke stoffen worden in het blad opgenomen en bedoeld met de pijlen 1 en 2?

1 = [invulveld]

2 = [invulveld]

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie en -fysiologie

2/3 Een blad in het licht.

Waarvoor is in een blad licht nodig?

Plantenanatomie en -fysiologie

3/3 Een blad in het licht.

Welk gas komt er vrij uit een blad als het licht krijgt?

Plantenanatomie

1/3 Bladeren.

Waaruit bestaat de bladschijf van een blad?

Plantenanatomie

2/3 Bladeren.

Wat blijft er over van een blad als alle bladmoes tussen de nerven uit is?

Plantenanatomie

3/3 Bladeren.

Hoe heten de aftakkingen van de grootste vaatbundel in een blad?

Plantenanatomie en -fysiologie

1/2 Bladluizen.

Bladluizen leven van suikerrijk plantensap. Zij zuigen dit sap onder andere uit de nerven van de bladeren van een plant.

Uit welke vaten vooral halen bladluizen hun voedsel?

Uit de [invulveld]vaten.

Plantenanatomie en -fysiologie

2/2 Bladluizen.

Bladluizen leven van suikerrijk plantensap. Zij zuigen dit sap onder andere uit de nerven van de bladeren van een plant.

Aan welke kant van een blad zullen zich in verband daarmee de meeste bladluizen bevinden?

Aan de [invulveld]kant.

Plantenanatomie

Bromelia.
Zie figuur B 5798 van de bijlage.

Op de foto hiernaast staat een bromelia. Deze bromelia groeit op een tak van een boom.
De bromelia voedt zich met regenwater en rottende bladeren.

In welk deel van de plant wordt dit regenwater en rottend blad opgeslagen?

afbeeldingafbeelding

Plantenanatomie

Appelschurft.
Zie figuur B 3381 van de bijlage.

Appelschurft is een ziekte die bij appelbomen voorkomt. Het wordt veroorzaakt door een schimmel die onder andere de bladeren aantast. In een blad dat is aangetast door appelschurft, bevinden zich bladcellen en schimmelcellen. In de afbeelding is een deel van een blad weergegeven.

Zijn in de afbeelding schimmelcellen te zien? Leg je antwoord uit.

afbeeldingafbeelding